Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-86

ZITTING 2006-2007

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Vice-eerste minister en minister van FinanciŽn

Vraag nr. 3-6900 van mevrouw De Schamphelaere d.d. 8 februari 2007 (N.) :
Dopinggebruik. — Aanbevelingen van de Senaat (stuk nr. 3-366/7-2004/2005). — Opvolging.

Op 19 mei 2005 werden aanbevelingen goedgekeurd door de Senaat betreffende de problematiek van de doping in de sport (zie stuk Senaat nr. 3-366/7-2004/2005).

Er werd onder andere aanbevolen dat de douanediensten zouden moeten worden versterkt, zodat ze meer gericht kunnen zoeken naar drugs- en dopingproducten. De douane zou de wettelijke mogelijkheid moeten krijgen om uit gecontroleerde zendingen geneesmiddelen te halen. De geachte minister zou hiertoe de nodige initiatieven moeten nemen.

Graag hadden wij nu vernomen wat, bijna twee jaar na het meedelen van deze aanbevelingen, de stand van zaken is betreffende de opvolging en het uitvoeren van deze aanbeveling.

Antwoord : Op basis van de bepalingen van artikel 12bis, ß 1, van de wet op de geneesmiddelen van 25 maart 1964 is een vergunning vereist voor de invoer uit derde landen van geneesmiddelen. In die wetgeving is de douane niet aangeduid als bevoegde autoriteit om overtredingen op te sporen en vast te stellen. Deze wet ressorteert onder de bevoegdheid van de FOD Volksgezondheid.

Een dergelijke vergunning wordt uitgereikt door het Federaal Agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten doch wordt principieel niet verleend aan particulieren of bedrijven welke niet in de farmaceutische sector actief zijn.

Gelet op de complexiteit van de materie en de vage scheidingslijn welke bestaat tussen enerzijds geneesmiddelen waarvan de invoer uit derde landen onderworpen is aan het kunnen voorleggen van een vergunning en anderzijds voedingssupplementen voor dewelke geen vergunning dient te worden voorgelegd, zal de douane beroep doen op de expertise van de farmaceutisch inspecteurs van het Federaal Agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten teneinde te bepalen of het gaat om een geneesmiddel. Desgevallend worden de goederen in kwestie in beslag genomen.

Indien de controlediensten der douane daarenboven douanemisdrijven vaststellen in verband met de invoer van deze producten worden deze volgens de gebruikelijke procedure vastgesteld en afgehandeld.