Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-80

ZITTING 2006-2007

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Economie, Energie, Buitenlandse Handel en Wetenschapsbeleid

Vraag nr. 3-5934 van mevrouw De Schamphelaere d.d. 3 oktober 2006 (N.) :
Vuurvaste keramische vezels. — Verwerking. — Statistieken.

Blijkbaar is bij de federale overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg overleg bezig met de sociale partners betreffende de noodzakelijke preventiemaatregelen bij het werken met vuurvaste keramische vezels. Dit overleg gebeurt in de schoot van de Hoge Raad voor preventie en bescherming op het werk (PBW) die deze aangelegenheid uit eigen beweging in onderzoek genomen heeft.

Deze vezels zijn vergelijkbaar met asbestvezels. Maar waar van asbestvezels geweten is dat deze massaal en op vele plaatsen en voor vele toepassingen gebruikt worden is dat voor keramische vezels veel minder duidelijk.

Zo is het niet duidelijk hoeveel vuurvaste keramische vezels in BelgiŽ verwerkt worden en voor welke toepassingen en ik wou u vragen of u mij statistieken hieromtrent kan bezorgen.

Antwoord : In antwoord op haar vraag gelieve het geachte lid hieronder een aantal elementen van antwoord te willen vinden.

1. Vuurvaste keramische vezels worden meestal gebruikt als isolatiemateriaal voor hoge temperaturen. De meest frequente toepassing is te vinden in thermische processen die werken op regelmatige basis (zo onder andere in de ijzer- en staalindustrie, in de aluminiumindustrie, in de auto-industrie, ...).

2. De meest passende codes die beantwoorden aan de producten die het geachte lid vermeldt in haar vraag, zijn te vinden in subcategorie 26.26.14 van de Prodcom-codes en meer in het bijzonder 26.26.14.55 en 26.26.14.59. In deze beide categorieŽn zijn er geen aangevers. In aanverwante indelingen waar eventueel ook dergelijke stoffen zouden kunnen worden vervaardigd, zijn er in totaal slechts 5 respondenten, waarbij er dan nog telkens hoogstens twee ondernemingen per categorie zijn. Daarbij is er ook een categorie waar een dominante onderneming het leeuwenaandeel van de productie voor haar rekening neemt. Derhalve zou het vrijgeven van cijfers in dit verband aanleiding kunnen geven tot de identificatie van individuele gegevens van de betrokken ondernemingen en dit is onder de vigerende statistische wetgeving vertrouwelijke informatie die niet mag worden vrijgegeven.

In bijgevoegde tabel 1 vindt het geachte lid de codes en omschrijving terug (3) .

3. Het lijkt mij nuttig het geachte lid ter informatie ook de in- en uitvoer van beide betroffen subcategorieŽn mede te delen, zoals die blijken uit de cijfers van het Instituut voor de nationale rekeningen. Hieruit blijkt dat er heel wat meer beweging is op dat vlak en er dus duidelijk meer doorvoer is dan productie.

De codes in het databestand worden hier respectievelijk 69.03.20.10 en 69.03.20.90 voor de betrokken twee categorieŽn en het betreft de cijfers voor de eerste 8 maanden van 2006 (tabel 2) (4) . Ook hier is het gewicht in kilo, de waarde in euro — ę T Ľ staat voor Import, ę X Ľ voor Export.


(3) De door het geachte lid gevraagde gegevens werden hem rechtstreeks meegedeeld. Gelet op de aard ervan worden zij niet in het bulletin van Vragen en Antwoorden opgenomen, maar liggen zij ter inzage bij de griffie van de Senaat.