Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-34

ZITTING 2004-2005

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Economie, Energie, Buitenlandse Handel en Wetenschapsbeleid Wetenschapsbeleid

Vraag nr. 3-1851 van de heer Vandenhove d.d. 29 december 2004 (N.) :
Ruimteonderzoek. — Budget in 2005. — Belgische bijdrage tot het ę European Space Agency Ľ (ESA).

De federale overheid zou in 2005 45 miljoen euro besparen op ruimteonderzoek.

Door deze besparing zou BelgiŽ zich aan het convenant met het Europees ruimteagentschap ESA (ę European Space Agency Ľ) onttrekken. Als er niet betaald wordt, leent de ESA het bedrag en moet BelgiŽ dan achteraf ook nog eens de intresten betalen, waardoor de vooropgestelde besparing een tegengesteld effect zou hebben.

Is deze informatie correct ?

Wat is de reden van deze besparing op ruimteonderzoek in het licht van de betekenis van astronaut Frank De Winne voor de ruimtevaart in BelgiŽ tijdens de afgelopen twee jaar ?

Hiervan zou misschien juist gebruik moeten gemaakt worden om meer te investeren in ruimteonderzoek.

Antwoord : Het geachte lid gelieve hierna het antwoord op zijn vraag te vinden.

Wanneer zijn financiŽle bijdrage aan de activiteiten van de Europese Ruimtevaartorganisatie (ESA) dezelfde blijft, namelijk 161 miljoen euro per jaar, zal BelgiŽ als gevolg van het uitstel en de terugbetaling over vier jaar van 45 miljoen euro, zoals beslist tijdens het begrotingsconclaaf in oktober 2004, inderdaad aan ESA intresten moeten betalen. Het Federaal Wetenschapsbeleid heeft dus met ESA contact opgenomen om deze financiŽle gevolgen zo beperkt mogelijk te houden.

Deze besparing lijkt alleen om budgettaire redenen te zijn ingegeven. In de kennisgeving van de beslissingen van het hierboven genoemde conclaaf staat namelijk dat de terugbetaling van dit uitstel zal gebeuren via een kredietverhoging in vijf schijven. Zonder evenwel expliciet te zijn vermeld, mag toch worden aangenomen dat deze verhoging bovenop de jaarlijkse constante bijdrage zal worden doorgevoerd.

In 2005 zal met name de eerstvolgende ESA-Raad op ministerniveau worden voorbereid die eind 2005 zou moeten plaatsvinden. De Raad zal dan vastleggen hoeveel de lidstaten, waaronder BelgiŽ, de komende vijf jaar moeten bijdragen aan de programma's en activiteiten van de Europese Ruimtevaartorganisatie.