Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-10240

van Sabine Vermeulen (N-VA) d.d. 25 oktober 2013

aan de vice-eersteminister en minister van Economie, Consumenten en Noordzee

Boomkorvisserij - Sleepnetten - Meerjarig OriŽntatieprogramma - Effecten - Controle

Noordzee
marien milieu
zeevisserij
vissersvaartuig

Chronologie

25/10/2013 Verzending vraag
5/12/2013 Antwoord

Vraag nr. 5-10240 d.d. 25 oktober 2013 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

In uw ontwerp van Marien Ruimtelijk Plan lezen we dat de impact van visserij op het marien milieu een federale bevoegdheid is.

Nagenoeg de volledige Belgische vloot werkt met de boomkor (sleepnetten). De boomkorvisserij wordt de laatste jaren stelselmatig en gestuurd afgebouwd in het kader van het Meerjarig OriŽntatieprogramma (MOP), een initiatief van de Europese Unie. Zo werden er in 2004 21 Belgische vaartuigen geschrapt, en in 2009 nog eens negen vaartuigen.

Hierover aan u de volgende vragen.

1) Wat zijn de effecten van boomkorvisserij op de bodem?

2) Worden deze effecten gecontroleerd door een federale instantie?

3) Hoeveel Belgische vaartuigen werden er nog geschrapt in 2010, 2011 en 2012?

4) Welke timing werd voorzien voor de volledige afbouw van de boomkorvisserij?

Antwoord ontvangen op 5 december 2013 :

1) De initiële beoordeling voor de Belgische mariene wateren (Belgische staat 2012) beschrijft de effecten van de boomkorvisserij op de zeebodem. 

De fysische effecten van boomkorvisserij zijn afhankelijk van de grootte en de intensiteit van de interacties tussen de visserijactiviteit en het sediment/habitat. Boomkorvisserij heeft vooral een sterk significante impact op de zeebodem door de hoge intensiteit van de interactie en niet door de beviste oppervlakte. Een van de belangrijkste effecten van boomkorvisserij is het verwijderen van de fysische structuren door homogenisering van het sediment en het wegnemen van zandribbels en de door organismen gevormde ophopingen en buisjes. Andere effecten zijn sedimentresuspensie met lokaal verlies aan of bedekking door sediment, verlies aan driedimensionale structuren, wijzigingen in de turbiditeit en zichtbaarheid onder water en samendrukking van het sediment. Boomkorvisserij laat detecteerbare sporen na die tot enkele dagen zichtbaar blijven.  

De dienst Marien Milieu probeert middels een studie een gedetailleerd beeld te krijgen van het ruimtelijke gebruik van de boomkorvisserij door Belgische en buitenlandse vissers in het Belgische deel van de Noordzee.  

Belgische Staat, 2012. Initiële Beoordeling voor de Belgische mariene wateren. Kaderrichtlijn Mariene Strategie – Art 8 lid 1a & 1b. BMM, Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, Brussel, België, 81 pp. 

2) De federale overheid heeft het onderzoek naar de effecten van boomkor op het mariene milieu gefinancierd. Dit gebeurt door het onderzoeksprogramma "Wetenschap voor een duurzame ontwikkeling" / “Science for Sustainable Development” (SSD). In het WAKO-project (“WArrelnet-en boomKOrvisserij op het Belgisch deel van de Noordzee) werden verschillende wetenschappelijk disciplines en expertises samengebracht voor verkennend onderzoek. Het project is gericht op een geïntegreerde evaluatie van de directe effecten van warrelnet- en boomkorvisserij in het Belgisch deel van de Noordzee (BDNZ). Hiervoor zijn 4 werkpakketten opgesteld, namelijk (1) het kwantificeren van de voornaamste directe, korte-termijn effecten van warrelnet- en boomkorvisserij voor het BDNZ, (2) de ontwikkeling en toepassing van een methodologie om de gevoeligheid te evalueren van een reeks sleutelsoorten behorende tot de ecosysteemcomponenten endo- en epifauna, vis, zeevogels en zeezoogdieren, (3) het maken van spatio-temporele verspreidingskaarten voor deze sleutelsoorten en (4) de integratie van de gevoeligheidskaarten van de diverse sleutelsoorten met de visserij-inspanning van warrelnet-en boomkorvisserij. De rapporten van WAKO I en WAKO II zijn te vinden op de Belspo-website http://www.belspo.be . 

In uitvoering van de Kaderrichtlijn Mariene Strategie bereidt het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN/BMM) in opdracht van de Dienst Marien Milieu (FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu) het monitoringsprogramma voor de verschillende “beschrijvende elementen” van de kaderrichtlijn voor, waaronder ook de “integriteit van de zeebodem”. De effecten van het vissen met een boomkor op de zeebodem zullen hiervan een onderdeel vormen. 

Tot slot, in het ontwerp koninklijk besluit tot vaststelling van het marien ruimtelijk plan worden twee zones voorzien waar enkel niet-bodemberoerende visserijtechnieken en het uittesten van alternatieve bodemberoerende visserijtechnieken toegelaten zijn. Er is een overgangsperiode van drie jaar ingesteld waar bestaande visserijtechnieken in de zone nog zijn toegelaten. Het is de bedoeling om in deze gebieden gericht de potentiële impact van alternatieve bodemberoerende visserijtechnieken op de zeebodem te monitoren.

3) en 4) Op deze beide vragen kan de federale minister voor de Noordzee niet antwoorden omdat de beide vragen handelen over het visserijbeleid, hetgeen een Vlaamse bevoegdheidsmaterie is. Binnen de Vlaamse Regering is Minister-president Kris Peeters bevoegd voor deze materie.