SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2010-2011 Zitting 2010-2011
________________
27 janvier 2011 27 januari 2011
________________
Question écrite n° 5-971 Schriftelijke vraag nr. 5-971

de Bert Anciaux (sp.a)

van Bert Anciaux (sp.a)

au ministre de la Justice

aan de minister van Justitie
________________
Délits de fuite lors d'accidents de la route - Sanction - Mesures préventives Vluchtmisdrijven in het verkeer - Bestraffing - Preventieve maatregelen 
________________
accident de transport
délit de fuite
poursuite judiciaire
statistique officielle
répartition géographique
ongeval bij het vervoer
vluchtmisdrijf
gerechtelijke vervolging
officiële statistiek
geografische spreiding
________ ________
27/1/2011 Verzending vraag
14/9/2011 Antwoord
27/1/2011 Verzending vraag
14/9/2011 Antwoord
________ ________
Aussi posée à : question écrite 5-972
Aussi posée à : question écrite 5-973
Aussi posée à : question écrite 5-972
Aussi posée à : question écrite 5-973
________ ________
Question n° 5-971 du 27 janvier 2011 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-971 d.d. 27 januari 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Les médias relatent de plus en plus d'accidents de la route entraînant des blessures graves voire des décès. Tout porte à croire que cette forme de grande criminalité échappe aux poursuites et aux sanctions. Pourtant, une très grande majorité considère que ces infractions routières doivent être sévèrement punies.

Je souhaiterais obtenir une réponse aux questions suivantes :

1) Le ministre peut-il me faire part du nombre de délits de fuite lors d'accidents de la circulation enregistrés en 2007, 2008, 2009 et 2010 ? Combien de contrevenants ont-ils été appréhendés ? Combien de dossiers pour délit de fuite ont-ils été portés devant le tribunal en 2007, 2008, 2009 et 2010 ? Le ministre peut-il comparer ces chiffres avec les statistiques des Pays-Bas, de la France, de l'Allemagne, de la Grande-Bretagne et du Luxembourg pour la même période ?

2) Comment cette forme déplorable de criminalité routière a-t-elle été ces derniers temps effectivement combattue ? Quelles mesures ont-elles été prévues à court terme ? Le ministre fait-il de ce phénomène une priorité pour la police ? A-t-il abordé la question devant le Collège des procureurs généraux ? Un alourdissement des peines lui semble-t-il nécessaire pour les délits de fuite ?

3) Existe-t-il une campagne d'actions récente et efficace afin de lutter contre les délits de fuite ? Il y a-t-il une coopération et une concertation avec les services régionaux ?

4) Envisage-t-il d'inciter la mise en place de caméras au niveau des points noirs ?

5) Des plaques minéralogiques falsifiées jouent-elles un rôle dans le cadre des délits de fuite ? De quelles statistiques dispose-t-il à ce sujet et constate-t-il une évolution alarmante ?

 

Steeds meer bereiken ons berichten aangaande verkeersongevallen met ernstige slachtoffers of dodelijke afloop. Het lijkt alsof deze vorm van zware criminaliteit ontsnapt aan vervolging en bestraffing. Nochtans beaamt zowat iedereen dat deze verkeersmisdrijven stevig moeten aangepakt worden.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Kan u meedelen hoeveel verkeersongevallen met vluchtmisdrijf werden geregistreerd in 2007, 2008, 2009 en 2010? Hoeveel van de daders werden er gevat? Hoeveel dossiers van vluchtmisdrijf bereikten een behandeling door de rechtbank in 2007, 2008, 2009 en 2010? Hoe verhouden deze cijfers zich voor dezelfde periode in de ons omliggende landen Nederland, Frankrijk, Duitsland, Groot-Brittannië en Luxemburg?

2) Op welke manier werd deze kwalijke vorm van verkeerscriminaliteit in het recente verleden daadwerkelijk bestreden? Wat wordt hieromtrent in de nabije toekomst voorzien? Maakt u dit fenomeen tot een prioriteit voor de politie? Legde u dit onderwerp op tafel van het college van procureurs-generaal? Lijkt het u noodzakelijk dat vluchtmisdrijven een zwaardere straf krijgen?

3) Bestaat er een recent en werkzaam actieplan voor de bestrijding van het vluchtmisdrijf? Is er samenwerking en overleg met de diensten van de gewesten?

4) Overweegt u het stimuleren van de plaatsing van camera's op gevaarlijke punten?

5) Vormt het gebruik van valse nummerplaten een element in deze vluchtmisbruiken? Over welke cijfers beschikt u hierover en stelt u hier een zorgwekkende evolutie vast?

 
Réponse reçue le 14 septembre 2011 : Antwoord ontvangen op 14 september 2011 :

Sur la base des données fournies par Centrex Circulation routière, le centre de connaissances policières en matière de sécurité routière, le Centre de traitement de l'information du Service public fédéral (SPF) Justice et le Service de la Politique criminelle, voici les éléments de réponse pouvant être fournis.

  1. Centrex fournit les chiffres suivants en matière de délits de fuite. Pour 2007, 2008, 2009 et 2010 ont été commis respectivement 59 821, 65 118, 67 182 et 72 376 accidents avec dommages matériels et délit de fuite sur un total de 112 129, 116 837, 125 722 et 147 298 respectivement.

    Pour les mêmes années, ont été constatés respectivement 4 466, 4 424, 4 483 et 4 348 accidents avec lésions corporelles et délit de fuite pour un total de 45 423, 44 523, 43 602 et 41 863 respectivement.

    Aucune donnée n’est connue quant aux auteurs, au traitement devant les tribunaux et à la situation à l’étranger.

    Les statistiques de parquet disponibles, provenant de la banque de données Mammouth, figurent dans le tableau en annexe. Il convient de souligner à cet égard que les données de Liège ne peuvent être complètes, dès lors qu’ils sont passés à l’application MACH l’année dernière.

  2. À l’heure actuelle, le délit de fuite est puni d’une peine d’emprisonnement de quinze jours à six mois et/ou d’une amende de 200 à 2 000 euros.

    Si, en cas de délit de fuite, des données sont connues concernant le véhicule en fuite telles que (une partie de) la plaque minéralogique ou le type/la couleur du véhicule, le service de police constatant les faits prendra au plus vite les mesures nécessaires en vue de rechercher et de saisir les auteurs.

    Étant donné que la police ne peut intervenir de manière proactive par rapport à ce phénomène, des mesures ou actions supplémentaires ne seront pas prises à l’avenir.

  3. Il n’existe aucun plan d’action pour la lutte contre le délit de fuite ni aucune concertation avec les Régions. Voir également le point 2 supra.

  4. Les caméras peuvent être un moyen d’identifier le véhicule en fuite. Il convient néanmoins d’examiner l’utilisation de tels appareils dans un cadre plus large, à savoir l’ordre public au sens large du terme.

  5. Aucune donnée n’est connue quant à l’usage de fausses plaques minéralogiques mais un tel usage entrave en effet la recherche des véhicules en fuite.

Op basis van de gegevens die mij verschaft werden door Centrex Wegverkeer, het politioneel kenniscentrum verkeersveiligheid, het Centrum voor Informatieverwerking van de Federale Overheidsdienst (FOD) Justitie en de Dienst voor het Strafrechtelijk Beleid kan ik u volgende elementen van antwoord aanbieden.

  1. Centrex geeft volgende cijfers weer inzake vluchtmisdrijven. Voor 2007, 2008, 2009 en 2010 werden respectievelijk 59 821, 65 118, 67 182 en 72 376 ongevallen stoffelijke schade met vluchtmisdrijf gepleegd op een totaal van respectievelijk 112 129, 116 837, 125 722 en 147 298.

    Voor dezelfde jaren werden respectievelijk 4 466, 4 424, 4 483 en 4 348 ongevallen met lichamelijk letsel met vluchtmisdrijf vastgesteld op een totaal van respectievelijk 45 423, 44 523, 43 602 en 41 863.

    Er zijn geen gegevens bekend over de daders, de behandeling voor de rechtbanken en de toestand in het buitenland.

    De beschikbare parketstatistieken, afkomstig uit de Mamoeth-databank vindt u in de tabel in bijlage. Hierbij dient opgemerkt te worden dat de gegevens van Luik niet volledig kunnen zijn aangezien zij vorig jaar op de MACH-applicatie zijn overgestapt.

  2. Vluchtmisdrijf wordt momenteel bestraft met een gevangenisstraf van vijftien dagen tot zes maanden en/of met een geldboete van 200 euro tot 2 000 euro.

    In het geval dat er bij een vluchtmisdrijf gegevens bekend zijn van het vluchtend voertuig zoals (een deel van) de kentekenplaat of type/kleur voertuig, zal de vaststellende politiedienst zo snel als mogelijk de nodige maatregelen nemen tot het opsporen en vatten van de daders.

    Aangezien de politie niet proactief kan optreden tegen dit fenomeen, worden er in de toekomst geen extra maatregelen of acties ondernomen.

  3. Er bestaat geen actieplan voor de bestrijding van vluchtmisdrijf en er is eveneens geen overleg met de Gewesten. Zie eveneens punt 2 supra.

  4. Camera’s kunnen een hulpmiddel zijnvoor het identificeren van het vluchtende voertuig, maar het gebruik van dergelijke toestellen dient in een ruimer kader te worden bekeken, namelijk openbare orde in de ruime zin van het woord.

  5. Over het gebruik van valse nummer-of kentekenplaten zijn geen cijfergegevens bekend, maar het gebruik ervan bemoeilijkt inderdaad de opsporing van dergelijke voertuigen.