1-524/2

1-524/2

Belgische Senaat

ZITTING 1996-1997

29 JANUARI 1997


Wetsontwerp houdende instemming met het Protocol bij de Overeenkomst van Madrid betreffende de internationale inschrijving van merken, aangenomen te Madrid op 27 juni 1989


VERSLAG

NAMENS DE COMMISSIE VOOR DE BUITENLANDSE AANGELEGEN- HEDEN UITGEBRACHT DOOR DE HEER BOURGEOIS


De commissie voor de Buitenlandse Aangelegenheden heeft dit wetsontwerp besproken tijdens haar vergadering van 29 januari 1997.

I. INLEIDENDE UITEENZETTING DOOR DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

1. Het Protocol, aangenomen in Madrid op 27 juni 1989, sluit aan bij de Overeenkomst betreffende de internationale inschrijving van merken, die dateert van 14 april 1891 en waarbij België onafgebroken partij was. Door de overeenkomst erkennen de aangesloten landen dat merken waarvan de ingezetene van één dezer landen houder is in zijn land van oorsprong, geldig kunnen worden gedeponeerd in de andere landen door de centrale inschrijving van het merk bij het Internationaal Bureau van de Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom te Genève. Daardoor ontstaat voor de merkhouder die de bescherming van zijn merk wil uitbreiden tot andere landen, een aanzienlijke besparing.

2. Sommige van de thans geldende en vrij strakke procedureregels voor de behandeling van een internationale inschrijving vormden in de praktijk een beletsel voor toetreding van bepaalde landen. Zo zijn vier landen van de Europese Unie niet aangesloten bij het stelsel (het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Denemarken en Griekenland).

II. BESPREKING

Een senator vraagt of er een verband bestaat tussen het betreffend verdrag en de GATT-akkoorden betreffende de industriële eigendom.

De minister geeft een negatief antwoord. Het is echter niet uitgesloten dat deze link er komt in een later stadium als de GATT-akkoorden zullen zijn afgerond, dit om eventuele tegenstrijdigheden te vermijden of, meer positief, om te komen tot een globalisatie van de merken; het valt niet te betwisten dat het creëren van mogelijkheden voor de Europese merken op de wereldmarkt een hele stap vooruit zou zijn. Dit kan echter nog een hele tijd duren.

Een lid wenst verduidelijking over volgende passage uit de memorie van toelichting : « Het protocol werd aangenomen te Madrid op 27 juni 1989. Naast de Lid-Staten van de Europese Unie hebben de Europese Gemeenschappen zelf de tekst ondertekend, aangezien ook het gemeenschapsmerk in het stelsel van de internationale inschrijving zal worden betrokken. »

Welke zijn de kenmerken van dit gemeenschapsmerk ?

Een ander lid sluit aan bij de vraag van voorgaande spreker en wijst op het verschil tussen de Nederlandse en de Franse tekst; de Franse tekst spreekt over een klaarblijkelijk nieuw soort merk « la nouvelle marque communautaire », terwijl de Nederlandse tekst het gewoon bij het « gemeenschapsmerk » houdt.

Gaat het hier om een nieuw merk, of eerder om een verzameling van de bestaande merken onder de Europese koepel.

De minister antwoordt dat het gemeenschapsmerk wel degelijk een autonome titel van bescherming verleent (cf. verordening 2194). Deze internationale inschrijving dient te gebeuren bij OHMI (Office d'harmonisation dans le marché intérieur) te Alicante.

Vervolgens vraagt een vorige spreker of dit verdrag een regeling inhoudt inzake namaak.

De minister antwoordt ontkennend. Bij namaak geniet de merkhouder dezelfde bescherming als de bestaande bescherming in het kader van het Belgisch recht, namelijk van het Benelux-bureau.

Een lid wenst nog te verduidelijken dat het Verdrag van Parijs van 20 maart 1883 de bescherming van de industriële eigendom regelt en de betwistingen die daaruit kunnen voortvloeien, terwijl dit verdrag eerder de technische modaliteiten vastlegt.

Een ander lid maakt een algemene opmerking over het belang van een snelle ratificatie. Het betreft in casu een verdrag van 1989.

Een volgend lid verwijst naar de opmerking van de Raad van State, waarbij wordt gesteld dat de Nederlandse tekst geen authentieke tekst is, dus enkel een vertaling zonder juridische waarde. Nochtans wordt in het verdrag ook melding gemaakt van enkele officiële talen, echter zonder vermelding van het Nederlands. Waarom is het Nederlands geen officiële taal en wat zijn de gevolgen ervan ? Zal België gebruik maken van de mogelijkheid die in het verdrag wordt voorzien, namelijk de algemene vergadering verzoeken het Nederlands te erkennen als officiële taal ?

De minister verzekert dat België in de betrokken werkgroepen en ook in de Raad interne markt bijzonder waakzaam is met betrekking tot de naleving van het principe van de gelijkheid van de talen in de Unie.

De talenreglementering kan als volgt worden samengevat :

Het voorstel voor verordening bepaalt enerzijds hoe een internationale bescherming op basis van een gemeenschapsmerk kan verkregen worden, en anderzijds hoe de bescherming van een internationaal merk naar de EG kan uitgebreid worden. Beide secties van de verordening bevatten taalvoorschriften waartegen België in de werkgroep reserves heeft aangetekend.

a) Internationale inschrijving op basis van een gemeenschapsmerk (artikelen 141 tot 145) :

De ontwerp-verordening voorziet dat een aanvraag voor internationale inschrijving, ingeleid door een houder van een gemeenschapsmerk via het Bureau, en de daaraan verbonden procedures, in een WIPO-taal (Frans of Engels) gebeuren.

België heeft (gesteund door Ierland, Portugal en Griekenland) gesteld dat, aangezien de aanvraag transiteert via een communautaire instelling en ondanks het feit dat ze uiteindelijk bestemd is voor de WIPO, de aanvraag in alle talen van de EG moet kunnen gebeuren. De vertaling van de aanvraag naar het Frans en/of het Engels ligt dan ten laste van het Bureau. Alhoewel de bespreking van de verordening in de werkgroep nog niet afgerond is hebben het Voorzitterschap en de Commissie te kennen gegeven op de vraag van België te kunnen ingaan.

b) Internationale inschrijving waarin de EG wordt aangewezen (artikelen 146 tot 157) :

Artikel 157 van het ontwerp bepaalt het talenregime voor de aanvragen van houders van een internationaal beschermd merk die een uitbreiding van hun bescherming tot de EG wensen. Het betreft hier bijna uitsluitend aanvragen van niet Eu-onderdanen. Belgische onderdanen vragen een eerste bescherming van hun merk in de meeste gevallen aan bij het Benelux-merkenkantoor of bij het Bureau in Alicante.

Deze aanvragen komen van de WIPO en zijn daarom opgesteld in het Frans of het Engels. Artikel 157 voorziet dat de algemene taalvoorschriften van verordening 40/94 mutatis mutandis van toepassing zijn. België heeft er in de werkgroep op gewezen dat alle bepalingen van artikelen 115 en 116 betreffende de gelijkheid van de talen gerespecteerd moeten worden (bijvoorbeeld, vrije keuze van de proceduretaal ingeval de aanvrager de enige partij voor het Bureau is, mogelijkheid voor betrokken partijen om in onderling overleg eender welke EU-taal als proceduretaal te kiezen, publicaties van het Bureau in alle EU-talen).

Stand van zaken

Het Voorzitterschap heeft het dossier op de agenda van de Raad interne markt van 20 mei 1997 geplaatst. Een aantal vergaderingen van de werkgroep zijn nog gepland. Ter voorbereiding hiervan werd op 4 februari 1997 een P.11-coördinatie met de betrokken federale en regionale autoriteiten bijeengeroepen.

Een lid vraagt welke landen het verdrag hebben ondertekend en spitst deze vraag voornamelijk toe op de Aziatische landen.

De minister verwijst naar de geactualiseerde lijst (als bijlage). Daaruit blijkt dat de belangrijkste Aziatische handelspartners dit protocol nog niet hebben geratificeerd.

Een senator onderlijnt dat de belangrijkste handelspartners van België toch de naburige Europese landen zijn en dat dit verdrag dus in ieder geval voor België een zeer positieve zaak is.

De minister herinnert aan de kostenverlaging en de praktische voordelen die het verdrag met zich meebrengt voor de bedrijven in ons land.

III. STEMMINGEN

De artikelen 1 en 2, alsmede het wetsontwerp in zijn geheel, worden eenparig aangenomen door de 8 aanwezige leden.

Vertrouwen werd geschonken aan de rapporteur voor het opstellen van dit verslag.

De Rapporteur, De Voorzitter,
André BOURGEOIS. Valère VAUTMANS.

TEKST AANGENOMEN DOOR DE COMMISSIE


Artikel 1

Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77, eerste lid, 6º, van de Grondwet.

Art. 2

Het Protocol bij de Overeenkomst van Madrid betreffende de internationale inschrijving van merken, aangenomen te Madrid op 27 juni 1989, zal volkomen uitwerking hebben.


BIJLAGE

Lijst van landen die het protocol hebben
ondertekend en geratificeerd

Overeenkomst van Madrid betreffende de internationale
inschrijving van merken

Overeenkomst van Madrid (merken) (1891), herzien in Brussel (1900), Washington (1911), Den Haag (1925), London (1934), Nice (1957) en Stockholm (1967), en gewijzigd in 1979

en

Protocol bij de Overeenkomst van Madrid betreffende
de internationale inschrijving van merken

Protocol van Madrid (1989)

(Unie van Madrid) (1)

Toestand op 10 maart 1997

État
­
Staat
Date à laquelle l'État
est devenu partie
à l'Arrangement
­
Datum waarop de Staat
partij werd bij de
Overeenkomst
Date à laquelle l'État
est devenu partie à l'Acte
de Stockholm (1967) (2)
­
Datum waarop de Staat
partij werd bij de Akte
van Stockholm (1967) (2)
Date à laquelle l'État
est devenu partie
au Protocole de Madrid
(1989)
­
Datum waarop de Staat
partij werd bij
het Protocol van Madrid (1989)
Albanie. ­ Albanië 4.10.1995 4.10.1995 ­
Algérie. ­ Algerije 5. 7.1972 5. 7.1972 ­
Allemagne. ­ Duitsland 1.12.1922 19. 9. ou/of 22.12.1970 (3) 20. 3.1996
Arménie. ­ Armenië 25.12.1991 25.12.1991 ­
Autriche. ­ Oostenrijk 1. 1.1909 18. 8.1973 ­
Azerbaïdjan. ­ Azerbeidzjan 25.12.1995 25.12.1995 ­
Bélarus. ­ Belarus 25.12.1991 25.12.1991 ­
Belgique. ­ België 15. 7.1892 12. 2.1975 ­
Bosnie-Herzégovine. ­ Bosnië-Herzegovina 1. 3.1992 1. 3.1992 ­
Bulgarie. ­ Bulgarije 1. 8.1985 1. 8.1985 ­
Chine. ­ China 4.10.1989 4.10.1989 (5) 1.12.1995 (6)(7)
Croatie. ­ Kroatië 8.10.1991 8.10.1991 ­
Cuba 6.12.1989 6.12.1989 26.12.1995
Danemark. ­ Denemarken ­ ­ 13. 2.1996 (6)(7)(8)
Égypte. ­ Egypte 1. 7.1952 6. 3.1975 ­
Espagne. ­ Spanje 15. 7.1892 8. 6.1979 1.12.1995
Ex-République yougoslave de Macédoine. ­ Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië 8. 9.1991 8. 9.1991 ­
Fédération de Russie. ­ Russische Federatie 1. 7.1976 (9) 1. 7.1976 (9) 10. 6.1997
Finlande. ­ Finland ­ ­ 1. 4.1966 (6)(7)
France. ­ Frankrijk 15. 7.1892 12. 8.1975 (10) ­
Hongrie. ­ Hongarije 1. 1.1909 19.9. ou/of 22.12.1970 (3) ­
Islande. ­ IJsland ­ ­ 15. 4.1997 (7)(11)
Italie. ­ Italië 15.10.1894 24. 4.1977 ­
Kazakhstan. ­ Kazachstan 25.12.1991 25.12.1991 ­
Kirghizistan. ­ Kirgizstan 25.12.1991 25.12.1991 ­
Lettonie. ­ Letland 1. 1.1995 1. 1.1995 ­
Liberia 25.12.1995 25.12.1995 ­
Liechtenstein 14. 7.1933 25. 5.1972 ­
Luxembourg. ­ Luxemburg 1. 9.1924 24. 3.1975 (4)
Maroc. ­ Marokko 30. 7.1917 24. 1.1976 ­
Monaco 29. 4.1956 4.10.1975 27. 9.1996
Mongolie. ­ Mongolië 21. 4.1985 21. 4.1985 ­
Norvège. ­ Noorwegen ­ ­ 29. 3.1996 (6)(7)
Ouzbékistan. ­ Oezbekistan 25.12.1991 25.12.1991 ­
Pays-Bas. ­ Nederland 1. 3.1893 6. 3.1975 (4)(12) ­
Pologne. ­ Polen 18. 3.1991 18. 3.1991 4. 3.1997 (11)
Portugal 31.10.1893 22.11.1988 20. 3.1997
République de Moldova. ­ Republiek Moldavië 25.12.1991 25.12.1991 ­
République populaire démocratique de Corée. ­ Democratische Volksrepubliek Korea 10. 6.1980 10. 6.1980 3.10.1996
République tchèque. ­ Tsjechische Republiek 1. 1.1993 1. 1.1993 25. 9.1996
Roumanie. ­ Roemenië 6.10.1920 19.9 ou/of 22.12.1970 (3) ­
Royaume-Uni. ­ Verenigd Koninkrijk ­ ­ 1.12.1995 (6)(7)(13)
Saint-Marin. ­ San Marino 25. 9.1960 26. 6.1991 ­
Slovaquie. ­ Slovakije 1. 1.1993 1. 1.1993 ­
Slovénie. ­ Slovenië 25. 6.1991 25. 6.1991 ­
Soudan. ­ Soedan 16. 5.1984 16. 5.1984 ­
Suède. ­ Zweden ­ ­ 1.12.1995 (6)(7)
Suisse. ­ Zwitserland 15. 7.1892 19. 9. ou/of 22. 12. 1970 (3) 1. 5.1977 (7)(11)
Tadjikistan. ­ Tadzjikistan 25.12.1991 25.12.1991 ­
Ukraine. ­ Oekraïne 25.12.1991 25.12.1991 ­
Viêt Nam. ­ Vietnam 8. 3.1949 2. 7.1976 ­
Yougoslavie. ­ Joegoslavië 26. 2.1921 16.10.1973 ­
Total : 52 États. ­ Totaal : 52 Staten 46 17

(1) De Unie van Madrid is samengesteld uit de Staten die partij zijn bij de Overeenkomst van Madrid en de overeenkomstsluitende partijen bij het Protocol van Madrid.

(2) Alle Staten die partij zijn bij de Overeenkomst van Madrid hebben, overeenkomstig artikel 3bis van de akten van Nice of van Stockholm, verklaard dat de bescherming die de internationale inschrijving biedt, op hun grondgebied pas in werking treedt wanneer de houder van het merk er uitdrukkelijk om verzoekt.

(3) Beide data van inwerkingtreding werden door de Directeur-Generaal van de WIPO aan de betrokken Staten meegedeeld.

(4) Vanaf 1 januari 1971 moet het Europese grondgebied van België, Luxemburg en Nederland, wat de toepassing van de bepalingen van de Overeenkomst van Madrid betreft, als één land worden beschouwd.

(5) Overeenkomstig artikel 14.2 van de Overeenkomst van Madrid, heeft deze Staat verklaard dat de Akte van Stockholm enkel wordt toegepast op merken ingeschreven na de datum van inwerkingtreding van zijn toetreding, dat wil zeggen 4 oktober 1989.

(6) Overeenkomstig artikel 5.2 b) en c) van het Protocol, heeft deze overeenkomstsluitende partij verklaard dat de termijn voor de kennisgeving van een weigering van bescherming wordt vastgesteld op 18 maanden en dat, wanneer een weigering van bescherming het gevolg is van oppositie tegen het verlenen van bescherming, de weigering ter kennis kan worden gebracht na het verstrijken van de termijn van 18 maanden.

(7) Overeenkomstig artikel 8.7 a) van het Protocol, verklaart deze overeenkomstsluitende partij dat zij, in verband met elk verzoek om « territoriale uitstrekking » van de bescherming van een internationale inschrijving waarin zij is vermeld en in verband met de verlenging van elke zodanige internationale inschrijving, in plaats van een aandeel in de opbrengst van het extra emolument en het aanvullingsemolument, een individuele taks wenst te ontvangen.

(8) Niet van toepassing op de Faröereilanden en Groenland.

(9) Datum van toetreding van de Sovjetunie, voortgezet door de Russische Federatie vanaf 25 december 1991.

(10) De overzeese departementen en gebieden inbegrepen.

(11) Overeenkomstig artikel 5.2 b) van het Protocol heeft deze overeenkomstsluitende partij verklaard dat de termijn voor de kennisgeving van een weigering van bescherming wordt vastgesteld op 18 maanden.

(12) De akte van bekrachtiging van de Akte van Stockholm is voor het Europese grondgebied van het Koninkrijk neergelegd.

(13) Bekrachtiging voor het Verenigd Koninkrijk en het eiland Man.