5-287COM

5-287COM

Commissie voor de FinanciŽn en voor de Economische Aangelegenheden

Handelingen

DINSDAG 11 MAART 2014 - OCHTENDVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Fauzaya Talhaoui aan de vice-eersteminister en minister van Economie, Consumenten en Noordzee over ęde regeling van schadegevallen bij autoverzekeringen waarbij auto's betrokken zijn uit andere Europese lidstatenĽ (nr. 5-4809)

Mevrouw Fauzaya Talhaoui (sp.a). - Het Belgisch Burgerlijk Wetboek stipuleert dat degene die schade veroorzaakt, deze ook dient te vergoeden. Dat principe is van toepassing voor alle schadegevallen. Soms zal de verzekeringsmaatschappij allerlei hordes opwerpen om de schadeloosstelling van het slachtoffer al dan niet onnodig te rekken.

Met de RDR-regeling, de samentrekking van RŤglement Direct en Directe Regeling, heeft de Belgische verzekeringssector een systeem uitgewerkt waarbij de principes van het systeem overeind blijven, maar waar de nadelen voor de schadelijder voor het grootste deel werden weggewerkt. Daartoe moet aan voorwaarden worden voldaan, zoals een goed ingevuld en door beide partijen ondertekend aanrijdingsformulier en het feit dat het ongeval moet plaatsvinden in BelgiŽ met twee verzekerde partijen. Dan zal de eigen BA-verzekeraar de schade regelen op basis van het expertiserapport en zal hij die verrekenen met de maatschappij van de aansprakelijke partij. Hierdoor is er geen wachttijd voor een expert noch voor uitbetalingen, wat resulteert in een snelle en vlotte schaderegeling.

Ook bij eenvoudige aanrijdingen waarbij niet-aangeslotenen en vooral buitenlandse verzekeringsmaatschappijen betrokken zijn, kan de schaderegeling zeer lang aanslepen, omdat men dient te wachten op de afwikkeling van de procedure, voor zover de tegenpartij al aangifte doet in zijn land van herkomst en de toedracht niet wordt betwist.

Doorlooptijden van ettelijke maanden tot jaren zijn daarbij geen uitzondering, met als gevolg dat de schadelijder een extra last te dragen krijgt omdat hij dure herstellingen moet voorschieten en de afwikkeling onzeker is. Het is ook mogelijk dat de schadelijder een andere beslissing moet nemen, zoals de vervanging van het voertuig, omdat het verlies dat hij daardoor lijdt beperkter is dan wanneer hij moet wachten op herstelling.

Het is duidelijk dat in Europees verband nuttig werk kan worden verricht door het Belgische systeem als voorbeeld te nemen. Als voldaan wordt aan enkele eenvoudige formaliteiten, kan de eigen maatschappij de burgerlijke aansprakelijkheid al vergoeden en een automatische verrekening op de maatschappij van de al dan niet buitenlandse tegenpartij opstarten.

Dat het systeem voor een groot gedeelte berust op de goodwill en samenwerking tussen verzekeraars, is duidelijk.

Kan de minister de implementatie van het Belgische RDR-systeem voorstellen op Europees niveau?

Kunnen in BelgiŽ maatregelen worden genomen ter bescherming van onze chauffeurs, die verplicht verzekerd moeten zijn en daarop ook worden gecontroleerd?

Is het een optie om bij de invoering van een Europees RDR-systeem alle Europese verzekeraars van voertuigen te verplichten zich aan te sluiten bij het systeem, waarbij een centraal informatieregister beschikbaar moet worden over de verzekeringsstatus van voertuigen en chauffeurs? Einddoel is om onze consumenten op zijn minst binnen Europa te verzekeren in dossiers met aanrijdingen met verzekerde en onverzekerde buitenlandse chauffeurs.

(Voorzitster: mevrouw Marie Arena.)

De heer Johan Vande Lanotte, vice-eersteminister en minister van Economie, Consumenten en Noordzee. - Ik ben niet zeker dat ik de vraag helemaal heb begrepen en weet dus niet of ik een precies antwoord zal kunnen geven.

Elke bestuurder die betrokken is bij een ongeval heeft toegang tot het informatieregister via de webtoepassing van het Belgisch Gemeenschappelijk Waarborgfonds. Via die instelling werd een vergoedingssysteem uitgewerkt waarop de benadeelden een beroep kunnen doen bij het langdurig uitblijven van een schaderegeling, zowel bij nationale als bij grensoverschrijdende ongevallen.

De Europese wetgeving regelt al in grote mate het probleem van de grensoverschrijdende schadegevallen, ook inzake wettelijke aansprakelijkheid. Elk motorvoertuig moet ook verzekerd zijn, maar de vlotte afhandeling van een dossier is niet gegarandeerd.

De spreker vraagt of een schadedossier tussen de verzekeringsmaatschappijen kan worden geregeld. Deze mogelijkheid bestaat voor Belgische inwoners via het Gemeenschappelijk Waarborgfonds, maar is volgens mij weinig bekend.

Mevrouw Fauzaya Talhaoui (sp.a). - Is de minister van oordeel dat een harmonisering, zoals in BelgiŽ, op Europees vlak werkelijkheid kan worden? BelgiŽ is een transitland en telt elk jaar meer buitenlandse vrachtwagens op het wegennet.

De heer Johan Vande Lanotte, vice-eersteminister en minister van Economie, Consumenten en Noordzee. - Daartoe bestaan op Europees vlak momenteel geen aanzetten, maar de verzekeringen blijven op dat niveau wel achter. De verzekeringssector haalt aan dat ze de crisis niet heeft veroorzaakt en dat we eerst onze pijlen moeten richten op de banken.

Deze tendens is verkeerd, maar bestaat nu eenmaal.

Mevrouw Fauzaya Talhaoui (sp.a). - Een Poolse vrachtwagen rijdt een Belgisch voertuig aan. Er wordt een proces-verbaal opgemaakt, maar het dossier wordt niet geregeld tussen de verzekeringsmaatschappijen. De Poolse verzekeringsmaatschappij laat niets van zich horen en beantwoordt de aangetekende brieven niet.

De heer Johan Vande Lanotte, vice-eersteminister en minister van Economie, Consumenten en Noordzee. - Het probleem was me niet bekend, maar de suggestie om dit op te nemen spreekt me wel aan.

(Voorzitster: mevrouw Fauzaya Talhaoui.)