5-247COM

5-247COM

Commission des Relations extérieures et de la Défense

Annales

MERCREDI 17 JUILLET 2013 - SÉANCE DU MATIN

(Suite)

Demande d'explications de M. Bert Anciaux au ministre de la Défense sur «le programme de partenariat militaire avec la République démocratique du Congo» (no 5-3238)

De heer Bert Anciaux (sp.a). - Op 7 december 2012 keurde de Ministerraad de nota Belgische Operationele Inzet 2013 goed. Die maakt deel uit van het militaire partnerschapsprogramma (MPP) met de Democratische Republiek Congo en beoogt de coaching van de lesgevers van de Genieschool in Likasi. De beslissing werd besproken met experts van beide landen tijdens de jaarlijkse vergaderingen van het Gemengd Comité. De activiteiten voor 2013 kregen hun beslag in het Gemengd Comité van juni 2012, dat in Kinshasa samenkwam.

Conform het concept Train the trainers werd al in 2012 werk gemaakt van de verhoging van de competentie van de genietroepen. De recent goedgekeurde activiteiten vormen een volgende stap in de vormingscyclus. Belgische militaire experts zullen de Congolese lesgevers extra bijstaan en inzoomen op de moeilijkste en meest kritieke aspecten van de militaire opdrachten. Van 15 maart tot 15 mei hebben acht militaire trainers bijgedragen aan het theoretische deel van de vorming. In augustus en september zal een groep van negen militairen vooral aan de praktische aspecten werken.

Eerdere resultaten van die aanpak werden door Defensie zelf als "meer dan bevredigend" geëvalueerd. De bijzonder positieve effecten worden onder andere afgeleid uit de hoge slaagpercentages van de cursisten. Het gaat onder meer over allerlei specialisten in bouw- en aanverwante vaardigheden.

De kracht van het concept Train the trainers wekt weinig twijfels, maar desondanks rijzen toch enkele vragen.

Vindt de minister het niet belangrijk dat dit soort van samenwerkingsverbanden niet alleen intern, dus door Defensie zelf, maar ook door externe experts worden geëvalueerd? Dat geldt niet alleen voor dit specifieke programma, maar voor alle partnerschapsprogramma's met de DRC. Naar aanleiding van de presidentsverkiezingen enkele maanden geleden werden immers veel vragen gesteld over de samenwerking met de DRC.

Er was een consensus dat lessen zouden worden getrokken uit de partnerschapsprogramma's en dat een evaluatie door externe experts wenselijk is. Ik denk daarbij aan didactische- en vormingsexperts, die vertrouwd zijn met de specifieke beroepsvaardigheden die worden beoogd.

Ook lijkt het mij belangrijk om na te gaan of vanuit de DRC zelf voldoende democratische controle op die programma's wordt uitgeoefend. Met democratische controle denk ik niet aan een controle door de president, wiens verkiezing zeker niet correct is verlopen, maar wel door het Congolese parlement, dat op een iets correctere manier is verkozen.

Nogmaals, een aantal van die programma's zijn nuttig en belangrijk, maar ik wil absoluut vermijden dat het dictatoriale regime er op een of andere verdoken manier mee wordt versterkt. Ik ben ervan overtuigd dat dit ook niet de bedoeling van de minister is. Vandaar mijn oproep om een externe controle op en een kritische analyse van die samenwerkingsverbanden.

De voorzitter. - De heer Anciaux zegt dat hij meer vertrouwen heeft in het Congolese parlement dan in de Congolese president. Ik wijs erop dat de tweede kamer in de DRC, de Senaat, al meer dan anderhalf jaar niet op een wettige wijze is samengesteld. Omdat de lokale verkiezingen niet plaatsvinden, kunnen de provincies geen nieuwe leden afvaardigen voor de Senaat. Die blijft dus in zijn oude samenstelling voortdoen. Er zijn dan ook vragen te stellen bij de rechtsgeldigheid van die instelling.

De heer Bert Anciaux (sp.a). - Daarmee ben ik het volstrekt eens.

De heer Pieter De Crem, vice-eersteminister en minister van Landsverdediging. - De activiteiten in het kader van het militaire partnerschap, dus ook de coachingactiviteiten van de geniedetachementen, worden jaarlijks onderworpen aan een gezamenlijke interne evaluatie op basis van objectieve en meetbare criteria. In de feiten is deze evaluatie continu en vormt de gezamenlijke jaarlijkse evaluatie waarbij Congolese en Belgische evaluatoren elkaar treffen, het formele hoogtepunt van een permanent proces. De bestaande overeenkomsten tussen de Democratische Republiek Congo en België maken enkel melding van een gezamenlijke interne evaluatie. Tot op heden werden geen afspraken gemaakt over een externe evaluatie gezien er vooralsnog geen dergelijke behoefte werd geformuleerd door de DRC. Het recht om een dergelijke evaluatie aan te vragen komt enkel de DRC toe, als soevereine natie.

Wat de coaching door de geniedetachementen betreft, is de nodige expertise op het gebied van opleiding en bouwcompetenties aanwezig. Zo zijn de opleidingen verstrekt door de Belgische militairen, met name de opleidingen tot voorman in de domeinen bouw, wegenaanleg, elektriciteit, loodgieterij en lassen, houtbewerking, metselwerk en polyvalente constructie, op het volgen van een externe module na, geheel equivalent aan de burgerbrevetten die worden afgegeven door de VDAB en/of de Vlaamse Gemeenschap.

Tot slot stellen we vast dat, ook al beschikken we niet over een formeel extern evaluatierapport, er toch talrijke aanwijzingen zijn die bevestigen dat onze inspanningen vruchten afwerpen. De getuigenissen in rapporten of op internationale fora onderlijnen de kwaliteit van het werk dat door België werd geleverd.

De heer Bert Anciaux (sp.a). - Ik ben het er helemaal niet mee eens dat alleen de Democratische Republiek Congo mag beslissen over de externe evaluatie. Het is een partnerschap en dus werken België en Congo samen. Een externe evaluatie moet dus perfect mogelijk zijn op eenvoudig verzoek van de Belgische overheid.