5-218COM

5-218COM

Commissie voor de FinanciŽn en voor de Economische Aangelegenheden

Handelingen

WOENSDAG 17 APRIL 2013 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Sabine Vermeulen aan de vice-eersteminister en minister van Economie, Consumenten en Noordzee over ęde blauwboeken zes en zeven van de herziening van het maritiem rechtĽ (nr. 5-3126)

Mevrouw Sabine Vermeulen (N-VA). - Sinds enkele jaren is een volledige herziening van de Belgische scheepvaartwetgeving in voorbereiding. De in 2007 opgerichte Commissie Maritiem Recht werkt aan een volledig nieuw Belgisch Scheepvaartwetboek.

In een vorige vraag om uitleg vroeg ik reeds naar de stand van zaken met betrekking tot het laatste ontbrekende blauwboek zes over vervoer en bevrachting. Toen antwoordde de minister dat men in de fase zat waarin de opmerkingen besproken worden tijdens rondetafelgesprekken. Hij meldde ook dat de standpunten naar elkaar toegegroeid zijn, mede dankzij het lange tijdsverloop, en dat de door te hakken knopen beperkt zullen zijn.

Ik vermoed dat bij mijn vorige vraag de blauwboeken zes en zeven met elkaar verward werden, aangezien ik heb vernomen dat de standpunten inzake het blauwboek zeven over de scheepsagenten en goederenbehandelaars niet dichter bij elkaar gekomen zijn en dat de reders, scheepsagenten en expediteurs zelfs vragende partij zijn om het blauwboek zeven uit het wetboek over maritiem recht te halen.

Wat is de stand van zaken met betrekking tot het blauwboek zes betreffende vervoer en bevrachting? Wat is de stand van zaken met betrekking tot het blauwboek zeven betreffende scheepsagenten en goederenbehandelaars?

Is de minister op de hoogte van de vraag van de reders, scheepsagenten en expediteurs om het blauwboek zeven uit het wetboek over maritiem recht te halen? Kan de minister de problematiek toelichten?

De herziening van het wetboek handelt ook deels over het havenbeleid en de binnenvaart en zal hierdoor ook betrekking hebben op de havens van Brussel en van Luik. Zijn het Waals Gewest, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Waalse en Brusselse stakeholders betrokken bij de besprekingen of rondetafelgesprekken?

De heer Johan Vande Lanotte, vice-eersteminister en minister van Economie, Consumenten en Noordzee. - Het dossier is bijna afgewerkt. Ik verneem dat "In de planning van het project is voorzien dat blauwboek zes zal kunnen voorgesteld worden tijdens een publiek evenement begin juni."

Voor blauwboek zeven is een rondetafelgesprek gehouden. Meermaals al werd voorgesteld blauwboek zeven te laten vallen, gelet op de complexiteit ervan, maar thans lijkt nu toch een consensus te groeien.

Aan de Conferentie voor maritiem recht komt maar geen einde en het wordt een probleem, maar zo lang men een consensus nastreeft, heb ik geen bezwaar.

Binnenkort zie ik professor Van Hooydonk en zal hem vragen of sommige blauwboeken al niet aan het Parlement kunnen worden voorgelegd, zodat later alleen nog blauwboek zeven moet worden behandeld. Zo zetten we alvast een stap voorwaarts en verzandt de rest van het dossier niet. Ervaring leert immers dat als wordt gewacht tot alle aspecten van een dossier klaar zijn er uiteindelijk niets van komt.

Wat de havens betreft, is een Franstalige consultatie gepland in de Autonome Haven van Luik. Daartoe wordt het dossier momenteel vertaald.

Conclusie, het gaat traag, maar er wordt nog steeds vooruitgang geboekt en ik hoop de onderdelen die klaar zijn, aan het Parlement te kunnen voorleggen.

Mevrouw Sabine Vermeulen (N-VA). - Van bepaalde stakeholders heb ik vernomen dat de ambitie groot is om tot een nieuw wetboek te komen, maar dat men het door de specificiteit van het maritiem recht te alomvattend wil maken, waardoor het problematisch wordt.

De heer Johan Vande Lanotte, vice-eersteminister en minister van Economie, Consumenten en Noordzee. - Professoren zijn inderdaad ambitieus. Het belangrijkste knelpunt is dat van de verzekering en de verantwoordelijkheid.

Als ik het goed begrepen heb, is de reder nu verantwoordelijk van bij het begin tot het einde. Nu hoor ik ook zeggen dat de afhandelaar verantwoordelijkheid moet dragen. Dat is een nieuw fenomeen in BelgiŽ. De reders zijn van oordeel dat ze niet verantwoordelijk kunnen zijn voor andermans handelingen, terwijl de afhandelaars dat gebrek aan verantwoordelijkheid beschouwen als een concurrentieel voordeel bij de aanrekening van hun kosten.

Ik zou denken dat als ze beiden verzekerd zijn, de uiteindelijke kost dezelfde moet blijven.

In dit dossier draait het dus vooral om de vraag wie de verzekering moet betalen voor een goed dat van het schip naar de kade wordt gebracht voor verder transport. In andere landen heeft men ter zake een regeling uitgewerkt, waarbij de afhandelaar een deel van de verantwoordelijkheid draagt. Op dat punt zou volgens de professoren onze wetgeving moeten worden aangepast. De betrokkenen daarentegen zien in onze huidige wetgeving een concurrentieel voordeel en vinden dat ze niet moet worden aangepast aan die van andere landen. Daarover kan men natuurlijk lang discussiŽren. Voorlopig wacht ik nog af of er resultaten worden geboekt.

Mevrouw Sabine Vermeulen (N-VA). - Daar vrees ik voor, want de stakeholders zijn momenteel keihard. Er zal nog veel water naar de zee moeten vloeien!