5-77 | 5-77 |
Mevrouw Sabine Vermeulen (N-VA). - Afgelopen voorjaar kondigde de minister in het federaal parlement de hervorming van de Belgische Mededingingsautoriteit aan. Die hervorming past in een breder verhaal, namelijk de invoering van een alomvattend Wetboek van Economisch Recht. Mijn partij is een hevige pleitbezorger van economische efficiëntie en van goed functionerende markten. Onze fractie heeft de idee om een dergelijke oefening te ondernemen dan ook ondersteund.
De minister heeft het parlement vooralsnog geen wetgevend document voorgelegd. Uit de recente berichtgeving leid ik wel af dat hij van plan is dit naar alle waarschijnlijkheid nog dit najaar te doen.
Het is echter jammer dat het parlement, als wetgevende macht, vooralsnog niet bij dit proces werd betrokken.
De enige informatie waarover wij vandaag beschikken zijn persberichten. Op basis daarvan maakt N-VA zich in toenemende mate zorgen over de vrijwaring van essentiële principes als de strikte scheiding tussen onderzoek en beslissing, de rechten van de verdediging en de partijonafhankelijke werking van de nieuwe concurrentiewaakhond.
Is de minister van plan om het hoofdstuk met betrekking tot de hervorming van de Belgische Mededingingsautoriteit nog dit jaar aan het parlement voor te leggen, en ook de Senaat bij de besprekingen te betrekken? Welk tijdskader heeft hij exact voor ogen? Bovenal, heeft de minister intussen met de Algemene Directie, de Raad voor de Mededinging en het Auditoraat de voorbereidende teksten op hun accuraatheid en doelmatigheid afgetoetst?
(Voorzitter: de heer Willy Demeyer, ondervoorzitter.)
De heer Johan Vande Lanotte, vice-eersteminister en minister van Economie, Consumenten en Noordzee. - De hervorming van de Mededingingsautoriteit is inderdaad één onderdeel van het nieuwe Wetboek van Economisch Recht. We menen dat een algemeen en duidelijk wettelijk kader voor het economische recht nuttig is om iedereen die met die rechtstak te maken heeft een houvast te bieden.
Die hervorming is niet zo eenvoudig. Een heel pakket wetten moet worden samengevoegd. Het nieuwe wetboek zal in totaal niet minder dan 17 boekdelen tellen. In de eerste fase wordt na overleg met mensen uit de betrokken sectoren een ontwerptekst opgesteld, die vervolgens aan de ministerraad wordt voorgelegd. Nadien wordt de tekst voor advies overgezonden naar de Raad van State en ten slotte zal hij aan het parlement worden voorgelegd.
De Ministerraad heeft inmiddels al een aantal teksten goedgekeurd. De eerste boekdelen worden volgende maand in de Kamer ingediend. Het gaat over het wetsontwerp dat het Wetboek van Economisch Recht invoert, en de boeken II met de algemene beginselen en VIII dat de regels inzake de kwaliteit van producten en diensten omvat.
Een volgende onderdeel zijn Boek IV, dat betrekking heeft op de Mededingingsautoriteit, en Boek V, over de prijzen. Over die materies hebben we heel wat stakeholders geraadpleegd alvorens we de teksten hebben opgesteld, met inbegrip de FOD Economie, de Raad voor de Mededinging en het Auditoraat.
Zelf heb ik heel wat gesprekken gehad met grootwarenhuizen. Hierbij bleef één discussiepunt onopgelost, namelijk de vraag wanneer ze hun verweer brengen: in de onderzoeksfase of in de discussiefase. Het Prijzenobservatorium doet de studie. Die wordt voor de Mededingingsautoriteit gebracht, waar een debat wordt gevoerd. De federatie Comeos, en vooral de grootwarenhuizen, willen reeds in de fase voor het Prijzenobservatorium meepraten. Andere werkgeversfederaties in de sector zien dat anders. Zij menen dat het observatorium zijn werk zonder inmenging moet kunnen doen. Pas nadien achten zij een tussenkomst in het verweer mogelijk. Daarover zal de Kamer moeten debatteren en beslissen.
Het voorontwerp werd in eerste lezing aangenomen op de ministerraad van 20 juli. Inmiddels heeft ook de Raad van State zijn advies uitgebracht. Ook werd een advies gevraagd aan de Europese Unie, die oordeelde dat dit ontwerp ons dichter brengt bij wat een goede Europese praktijk zou zijn. De tekst wordt nu aan de adviezen van de Raad van State en de Europese Unie aangepast. Het zal een van de komende weken voor een tweede lezing aan de Ministerraad worden voorgesteld. Daarna kan het in het parlement worden ingediend. Dat wil zeggen dat in november of december een viertal boeken van het Wetboek van Economisch Recht in de Kamer, en nadien eventueel in de Senaat, kunnen worden besproken.
Over sommige boeken zullen nog heel intense discussies worden gevoerd, over andere zal niet meer worden gedebatteerd.
Mevrouw Sabine Vermeulen (N-VA). - Ik dank de minister voor de briefing over het wetboek. Mijn vraag had evenwel betrekking op de hervorming van de Mededingingsautoriteit. Ik hoop alleszins dat in het ontwerp van wet rekening wordt gehouden met het autonoom statuut van het auditoraat en dat de benoeming van sleutelfiguren niet zal afhangen van politieke overwegingen.
Bij deze hervorming moeten de prestaties van de Raad voor de Mededinging vooraf ernstig onder de loep worden genomen. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van de jaarrekeningen, hoewel die sinds 2006 niet meer worden gepubliceerd door de Nationale Bank van België.