5-74 | 5-74 |
Mme la présidente. - Je vous propose de joindre ces questions orales. (Assentiment)
Mevrouw Marleen Temmerman (sp.a). - Enige tijd geleden stelde ik een vraag over het tekort aan aidsremmers in de apotheken. Dat probleem deed zich voor in april. Nu blijkt dat het probleem veel ruimer is. Het tekort doet zich niet enkel voor aidsremmers voor, maar er is een bijna constante schaarste in de apotheken voor een dertigtal medicijnen. Dat is verontrustend, aangezien in die lijst ook courante medicijnen, onder meer voor diabetespatiënten, zitten.
Ik begrijp dat dit probleem niet louter Belgisch is; het vloeit voort uit de regeling van de Europese interne markt en uit het recht van elke lidstaat om zelf zijn prijzen vast te stellen. Zowel de industrie als de groothandelaars mogen hun geneesmiddelen in Europa verkopen aan de meest biedende. Dat volgt uit het vrij verkeer van goederen. Als de industrie en de groothandelaars hun medicijnen in bepaalde landen duurder kunnen verkopen, dan laat de Europese regelgeving dat toe.
De Europese instanties aanvaarden wel dat er grenzen zijn aan de vrijheid van verkeer van goederen. Ik vraag me dus af in hoeverre de minister van Volksgezondheid sturend kan optreden. In het belang van de volksgezondheid lijkt het me haar taak om ervoor te waken dat het tekort aan medicijnen niet leidt tot problemen van volksgezondheid. Maatregelen om de volksgezondheid te vrijwaren moeten voorgaan op het beginsel van de eengemaakte, vrije markt.
Artikel 12quinquies van de wet op de geneesmiddelen bepaalt dat de vergunninghouders vóór ze geneesmiddelen in de handel brengen ervoor moeten zorgen dat die ook effectief voldoende voorradig zijn bij de apotheken. De administratie dwingt de toepassing van dat artikel blijkbaar niet af. De industrie en de groothandelaars lijken de schuld daarvoor naar elkaar door te schuiven en de overheid komt niet tussenbeide. Het lijkt me noodzakelijk dat in de wet echte responsabiliserings- en/of sanctioneringsmechanismen worden opgenomen die zowel op de industrie als op de groothandelaars van toepassing zijn.
Bovendien zijn de prijzen in ons land niet echt laag in vergelijking met andere Europese landen. Hoe gaan andere landen met soortgelijke problemen hiermee dan om? De patiënt mag toch in geen enkele lidstaat het slachtoffer worden van schaarste of afwezigheid van geneesmiddelen op een ongecontroleerde markt.
Daarom had ik graag van de minister vernomen hoe hieraan legistiek een mouw kan worden gepast zodat apothekers patiënten niet langer met lege handen naar huis hoeven te sturen. Mogen we met andere woorden dit jaar nog een wetgevend initiatief verwachten waarmee het probleem echt opgelost raakt?
Hoe wil de minister de responsabiliserings- of sanctioneringsmechanismen in de geneesmiddelensector beter sturen, nu zelfregulering duidelijk niet werkt?
Mevrouw Elke Sleurs (N-VA). - Eergisteren werden we opnieuw geconfronteerd met alarmerend titels in de dagbladen: `Dramatisch tekort aan pillen', `Apothekers hebben chronisch tekort aan pillen' enzovoorts.
Het probleem is al geschetst. De internationale geneesmiddelenindustrie produceert een vooraf vastgestelde hoeveelheid van een bepaald medicijn voor de Belgische markt, maar is niet verplicht om die medicijnen ook echt aan België te leveren. In de praktijk verkoopt ze die aan de meest biedende, zodat in ons land een schaarste ontstaat. Daardoor moeten mensen naar huis gestuurd worden met lege handen.
De situatie is onhoudbaar en gevaarlijk voor voornamelijk chronische patiënten. Pharma.be heeft zelf een werkgroep opgericht. Tegen eind dit jaar moet die zijn bevindingen voorleggen.
Heeft de minister echter zelf al initiatieven genomen om dat probleem snel op te lossen zodat patiënten niet langer in de kou staan?
Mevrouw Laurette Onkelinx, vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Beliris en de Federale Culturele Instellingen. - Het probleem van de onbeschikbaarheid van geneesmiddelen kan verschillende oorzaken hebben. Het kan het gevolg zijn van een probleem in de productieketen of van de zogenaamde contingentering.
Een oplossing vinden voor de problemen met de contingentering van geneesmiddelen en de daaruit voortvloeiende bevoorradingsproblemen is al sinds 2009 een duidelijke prioriteit. Het Federaal Agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten bestudeert in overleg met de beroepsorganisaties van apothekers en farmaceutische firma's mogelijke oplossingen. Aanpassing van de wetgeving is een van de mogelijke opties. We moeten echter rekening houden met de Europese regelgeving betreffende het vrij verkeer van geneesmiddelen in de Unie.
Het probleem doet zich niet alleen in België voor, maar ook in andere EU-landen. Daarom is een oplossing op Europees niveau wenselijk. De Europese Commissie heeft onlangs de opdracht gegeven voor een studie over de problematiek van de beschikbaarheid van de geneesmiddelen. Die studie moet het probleem gedetailleerd in kaart brengen en nagaan of de bestaande mogelijkheden in de Europese wetgeving voldoende bruikbaar zijn om de problemen te verhelpen, alsook welke maatregelen daartoe kunnen worden genomen.
De farmaceutische firma's, de groothandelaars en de apothekers ontvingen in augustus 2010 een omzendbrief van het FAGG waarin gewezen werd op de wettelijke verplichtingen, op het belang voor de volksgezondheid van een correcte bevoorrading en op een aantal aanbevelingen. Het FAGG ziet toe op het naleven van die regels door gerichte controles in de hele distributieketen. Bij overtredingen wordt het dossier aan het parket overgezonden.
Tevens heeft het FAGG in februari 2011 de vergunningshouders voor het in de handel brengen van geneesmiddelen via een omzendbrief herinnerd aan de verplichting elke onbeschikbaarheid van een geneesmiddel, inclusief de reden hiervoor, te melden. Een lijst met essentiële, maar onbeschikbare geneesmiddelen, met indien mogelijk een alternatief, staat op de site van het FAGG. Op die manier blijven de apothekers op de hoogte van de onbeschikbare geneesmiddelen en kunnen ze die onderscheiden van bevoorradingsproblemen ten gevolge van de contingentering.
Dit dossier blijft een prioriteit voor mij en voor het FAGG. Misschien volgt er een wetswijziging na het reces.
Mevrouw Marleen Temmerman (sp.a). - Het verheugt me dat dit probleem voor de minister en voor het FAGG een prioriteit is. Onze fractie zal constructief meewerken aan de mogelijke wetgevende initiatieven, de monitoring en de evaluatie.
Mevrouw Elke Sleurs (N-VA). - Ook mij verheugt het te horen dat deze kwestie voor de minister een prioriteit is. Ze moet deze zaak echter ook bespreken op EU-niveau, aangezien het probleem daar ligt. Ze heeft de mogelijkheid om daar de kat de bel aan te binden, zodat de patiënten in ons land niet verstoken blijven van hun geneesmiddelen.
Mevrouw Laurette Onkelinx, vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Beliris en de Federale Culturele Instellingen. - Mevrouw Temmerman, ik denk dat dit uw laatste vergadering is in de Senaat. Ik wil u danken voor de goede samenwerking en wens u een goede loopbaan bij de WHO.
(Applaudissements)
Mme la présidente. - Nous nous joignons à vos voeux, madame la ministre, mais Mme Temmerman sera encore quelque temps membre de notre assemblée après l'été.