5-73

5-73

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 12 JULI 2012 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van de heer Filip Dewinter aan de staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding over «de eventuele terugkeer van een afgewezen Afghaanse asielzoeker» (nr. 5-658)

De heer Filip Dewinter (VB). - De asiellobby vindt altijd opnieuw een asieldossier dat dan op emotionele wijze wordt gebruikt om druk uit te oefenen met het oog op het versoepelen van de bestaande wetgeving.

Eerst was er het dossier Scott Manyo, nu dat van Parwais Sangari. Telkens opnieuw wordt gezegd dat het om een schrijnend geval gaat: iemand die net niet afgestudeerd maar wel goed geïntegreerd is, wordt teruggestuurd naar zijn land. De praktijk is natuurlijk helemaal anders. De asielprocedure is afgerond, en de betrokkene wordt dus teruggestuurd zodra hij meerderjarig is.

De staatssecretaris geeft steeds minder toe aan de druk die op haar wordt uitgeoefend, en ik wil haar daarvoor uitdrukkelijk feliciteren. Het is immers ooit anders geweest in dit land.

Maar zelfs wanneer de betrokkene definitief teruggestuurd wordt, worden allerlei middelen aangewend om hem opnieuw naar België te laten terugkeren. Parwais Sangari heeft de Belgische ambassadeur in Afghanistan opgezocht, zo lees ik in de kranten, en er wordt druk op de staatssecretaris uitgeoefend om de man opnieuw in België toe te laten. Ik meen dat de staatssecretaris zich daartoe niet zal laten lenen, maar ik zou van haar toch willen vernemen wat zij in dit dossier precies van plan is. Wat mij betreft, moet er zo weinig mogelijk gebeuren, dat is duidelijk.

Misschien moeten we eens kijken naar hoe het buitenland omgaat met zo'n situaties. Daar bestaat het principe dat wie eenmaal is uitgewezen, nooit meer opnieuw het land kan binnenkomen. Dat principe geldt voor illegalen en voor afgewezen asielzoekers. Dat moet voorkomen dat de betrokkenen telkens gaan en komen, een nieuw asieldossier indienen, enzovoort. Dat zorgt immers voor een aanzuigeffect ten aanzien van potentiële nieuwe asielzoekers.

Ik hoop in elk geval dat de staatssecretaris niet zal toegeven aan de chantage van de asiellobby. Ik reken integendeel op een kordaat en krachtig signaal dat erin bestaat dat de betrokkene uitgeprocedeerd is en teruggestuurd naar zijn land van herkomst. Het is immers daar dat hij zijn verdere leven moet uitbouwen, niet hier.

Mevrouw Maggie De Block, staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding. - In de zaak van de afgewezen Afghaan waarnaar de heer Dewinter verwijst, hebben het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen, enerzijds, en de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen, anderzijds, met toepassing van de wettelijke criteria beslist dat hij geen vluchteling is die nood heeft aan internationale bescherming; daarnaast komt hij ook niet in aanmerking voor subsidiaire bescherming. Bijgevolg kan hij dus terug kan naar zijn regio van herkomst, namelijk Kaboel. Zoals ik ook al aan mevrouw Piryns heb gezegd, volgt het Commissariaat-generaal ter zake ook de richtlijnen van het Hoog Commissariaat van de VN voor de Vluchtelingen (UNHCR).

Het komt niet de staatsecretaris toe, maar wel de asielinstanties, om die wettelijke criteria te beoordelen. Het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen volgt de situatie in Kaboel en Afghanistan op de voet, via experten van het Centrum voor Documentatie en Research, en op basis van contacten ter plaatse, onder meer via het UNHCR. De situatie in Afghanistan wordt beoordeeld op basis van zoveel mogelijk bronnen.

Inzake een mogelijke visumaanvraag kan ik meedelen dat de betrokkene bij de bevoegde instanties inderdaad een visum kan aanvragen. Bij de beoordeling van die aanvraag zal uiteraard met zijn voorgeschiedenis rekening worden gehouden.

De heer Filip Dewinter (VB). - Ik dank de staatssecretaris voor haar antwoord en onthoud dat de betrokkene wel degelijk een visum kan aanvragen en dat bij de beoordeling daarvan rekening zal worden gehouden met zijn voorgeschiedenis.

Maar hoe moet ik dat concreet inschatten? We kennen immers de voorgeschiedenis van de betrokkene. Bestaat er enige kans dat hij alsnog een visum krijgt? Wat mij betreft, kan dat geen mogelijkheid zijn, maar ik zou graag het antwoord horen van de staatssecretaris.

Mevrouw Maggie De Block, staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding. - Ik wil voor alle duidelijkheid zeggen dat er nog geen concrete visumaanvraag is ingediend. Mocht zo'n aanvraag worden gedaan, dan moet de dienst Vreemdelingenzaken uiteraard eerst een advies verlenen. Ik kan daar op dit moment niet op vooruitlopen.