5-50

5-50

Sénat de Belgique

Annales

JEUDI 8 MARS 2012 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Question orale de M. Peter Van Rompuy au ministre du Budget et de la Simplification administrative sur «l'enquête du Bureau fédéral du Plan relative aux charges administratives de la Belgique en 2010» (no 5-470)

De heer Peter Van Rompuy (CD&V). - Recent verscheen een enquête van het Federaal Planbureau inzake de administratieve lasten voor ondernemingen en zelfstandigen met betrekking tot het jaar 2010.

Uit de conclusies van die enquête blijkt dat de administratieve lasten voor ondernemingen op 5,07 miljard euro of 1,43% van het bbp geschat worden. Voor de zelfstandigen worden de administratieve lasten geschat op 1,28 miljard euro of 0,36% van het bbp. De totale kosten van de administratieve lasten voor de ondernemingen en de zelfstandigen zijn na een daling tussen 2006 en 2008, opnieuw met 7% gestegen, van 5,92 miljard euro in 2008 tot 6,35 miljard euro in 2010.

Wat is de oorzaak van de stijging van de administratieve lasten sinds 2008, terwijl in diezelfde periode het bbp is gedaald?

Volgens het regeerakkoord zijn de doelstellingen van de regering nog ambitieuzer dan de Europese: de regering wil de administratieve lasten verlagen met 30% in plaats van met 25%. Er zouden allerlei ideeën circuleren, onder andere over een aanpassing van de sociale balans. Ik wil er de aandacht op vestigen dat we tijdens deze legislatuur ook de doelstelling betreffende de verlaging van de administratieve lasten moeten waarmaken of op zijn minst ter harte nemen.

De heer Olivier Chastel, minister van Begroting en Administratieve Vereenvoudiging. - Het doel van de enquête bestond erin de kwantitatieve en kwalitatieve trend te onderzoeken, zonder de oorzaken ervan uit te leggen. Sommige kwantitatieve gegevens zijn echter voor een deel een verklaring van de trend.

De enquête betreft drie domeinen: fiscaliteit, werkgelegenheid en milieu. De bedrijven antwoordden op de volgende standaardvraag: `Hoeveel uren hebben het personeel en de directie van uw bedrijf in 2010 besteed aan de administratieve conformering aan de regelgeving rond fiscaliteit, milieu of werkgelegenheid?'

De antwoorden werden omgezet in euro, via de gemiddelde uurprijs in de sector. Aangezien de steekproef representatief was, kan via een veralgemening van de antwoorden een objectieve schatting worden gemaakt van de kosten van de administratieve lasten voor de drie sectoren.

Ik kan enkele elementen van antwoord meegeven.

Voor de bedrijven is de sterkere stijging zeker te wijten aan milieuvoorschriften, wat een gewestelijke materie is. Hun aandeel wordt groter ten opzichte van de twee andere bestudeerde domeinen, namelijk fiscaliteit en werkgelegenheid.

Het aantal bedrijven is sinds 2008 gestegen met 5,2%. De inflatie draagt ook bij tot de stijging van de gemiddelde loonkost in de bedrijven tijdens de jaren 2008 en 2010.

We merken op dat de sociale partners dit verslag benutten om bij hun basis de onderliggende en meervoudige oorzaken van de ontwikkelingen te onderzoeken. Het Sturingscomité van de Dienst Administratieve Vereenvoudiging in het bijzonder - waar de vertegenwoordigers van de bedrijven en de werknemers deel van uitmaken - analyseert de opeenvolgende verslagen om de problemen die werden aangegeven door de bedrijven op te sporen en om oplossingen en denksporen voor administratieve vereenvoudiging voor te stellen.

De administratieve vereenvoudiging is een instrument voor een economische dynamiek. Daarom voorziet de algemene beleidsnota die ik in het parlement heb ingediend, in een Federaal actieplan voor administratieve vereenvoudiging 2012-2015, dat zal worden opgesteld in samenwerking met alle leden van de regering en alle federale overheidsdiensten.

Op mijn voorstel heeft de Ministerraad van 27 januari 2012 beslist om het Federaal actieplan voor vereenvoudiging 2012-2015 uit te voeren. Ik zal in de komende weken ook een plan met alle vereenvoudigingsprojecten voorstellen dat werd uitgewerkt in overleg met de bevoegde ministers.

De heer Peter Van Rompuy (CD&V). - Ik dank de minister voor zijn antwoord en ik kijk uit naar zijn actieplan, dat we over enkele weken kunnen verwachten.

Tot slot geef ik nog aan - ik weet niet of de minister het heeft opgemerkt - dat het vertrouwen bij de KMO's de afgelopen maanden op een absoluut dieptepunt is aanbeland, nog veel dieper dan ten tijde van de economische crisis 2008-2009.

Er moeten dus redenen zijn buiten de algemene economische toestand die het vertrouwen aantasten. De administratieve regelgeving die steeds maar uitbreidt - ook al is dat niet alleen de bevoegdheid van het federale niveau - speelt daarin een belangrijke rol. Te veel administratie motiveert ondernemers niet.