5-109COM

5-109COM

Commission des Finances et des Affaires économiques

Annales

MERCREDI 30 NOVEMBRE 2011 - SÉANCE DU MATIN

(Suite)

Demande d'explications de M. Bert Anciaux au ministre du Climat et de l'Énergie sur «la menace d'Electrabel de revoir à la baisse sa politique d'investissements» (no 5-1375)

De heer Bert Anciaux (sp.a). - GDF SUEZ, de eigenaar van Electrabel, stelde onomwonden dat het zijn inspanningen op het vlak van investeringen, tewerkstelling, opleiding en mecenaat zal `herzien', dat wil zeggen zal verminderen, als de Belgische Staat zijn verbintenissen niet nakomt. Het bedrijf verwijst hiermee naar de belofte van de Staat aan Electrabel om de centrales van Doel 1 en 2 en van Tihange tien jaar langer open te laten blijven in ruil voor een jaarlijkse bijdrage van 215 tot 245 miljoen euro. Die belofte werd nooit in een wet gegoten, maar Electrabel acht de Staat wel door de overeenkomst gebonden. Tegelijkertijd speelt de voortdurende discussie over een terechte verhoging van de nucleaire taks een rol.

(M. Ludo Sannen prend place au fauteuil présidentiel.)

Dat alles geeft een kluwen van onduidelijkheden, creëert een stijgende onrust, ook op de financiële markt, en brengt de dossiers in een onaangename sfeer. Alle betrokkenen wantrouwen elkaar en communiceren indirect met elkaar via de media. Iedereen weet dat Electrabel bijzonder sterk staat; het is een kernspeler in het kader van de al bedreigde energiezekerheid. De CREG stelt daarentegen dat het bedrijf al veel langer zijn investeringen afbouwt en dat de dreigingen in dit perspectief meer lijken op het rollen van spierballen. Persoonlijk meen ik dat tegenover dergelijke dreigingen juist een nog strengere houding moet worden aangenomen, maar ik heb uiteraard gemakkelijk praten. De regering moet een evenwichtig beleid voeren en er tegelijkertijd op toezien dat de veiligheid van de kerncentrales gewaarborgd blijft.

Hoe evalueert en apprecieert de minister de ondubbelzinnige en zelfs brutale chantage van GDF SUEZ, waarbij Electrabel de Belgische Staat dreigt met een vermindering van investeringen, tewerkstelling, opleiding en filantropie?

In welke mate kan en zal die chantage effecten sorteren op het energiebeleid van ons land? Beschikt Electrabel, vanuit een bijna monopolistische positie inzake energielevering, inderdaad over de macht en impact om de bedreigingen ook hard te maken? In welke mate kan de Belgische Staat zich tegenover die onfrisse machtspolitiek wapenen?

Deelt de minister de analyse van de CREG dat Electrabel al veel langer zijn investeringen afbouwt, met name in de nucleaire centrales? Wordt voldoende gecontroleerd dat die afbouw de veiligheid van de kerncentrales niet in het gedrang brengt?

De heer Paul Magnette, minister van Klimaat en Energie. - De energiegroep Electrabel, een dochtermaatschappij van het Franse GDF SUEZ, heeft nog steeds een dominante positie op de Belgische markt en laat na de taks te betalen die de Belgische regering aan de producenten van kernenergie heeft opgelegd.

Bij de begrotingsbesprekingen hebben de onderhandelaars diverse scenario's besproken. Electrabel zal sowieso moeten bijdragen: 550 miljoen euro voor 2012. Die bijdrage zou voor de consument, overeenkomstig het principe van de wet van 11 april 2003, geen enkel gevolg mogen hebben. Dat sluit aan bij het standpunt van de regulator, dat ook aan het parlement is meegedeeld.

Bovendien heb ik in het raam van de omzetting van het derde Energiepakket voorgesteld dat de prijzen beter zouden worden gecontroleerd via een uitbreiding van de bevoegdheid van de CREG. Aldus zou een einde moeten komen aan de al te veelvuldige prijsstijgingen.

De dreiging met een verhuizing of met de stopzetting van investeringen, sponsoring en filantropie van Electrabel in België moet volgens mij worden toegeschreven aan een communicatiefout die een groep als GDF SUEZ onwaardig is.

De heer Bert Anciaux (sp.a). - Ik hoop dat de minister gelijk heeft en dat het om een communicatiefout gaat. Het gaat inderdaad om een fout; ik betwijfel echter of het slechts om een communicatiefout gaat. Ik behoorde - in tegenstelling tot bijvoorbeeld de kroonprins - niet tot het selecte gezelschap dat was uitgenodigd op de lezing waarop de CEO van GDF SUEZ nogal straffe uitspraken deed over ons land.

Het is hoe dan ook positief dat de minister niet onder de indruk is van die dreiging. Ik hoop dat hij of zijn eventuele opvolger in de volgende regering meer wapens krijgt om dit soort dreigingen tegen te gaan en meer greep te krijgen op dergelijke bedrijven.

(La séance est levée à 10 h 40.)