4-103 | 4-103 |
M. le président. - M. Jean-Marc Delizée, secrétaire d'État aux Affaires sociales, chargé des Personnes handicapées, répondra.
De heer Louis Ide (Onafhankelijke). - Vrouwe Justitia is geblinddoekt, maar de arts die heelt of geneest mag niet blind zijn.
Wie een strafbaar feit pleegt, kan een crimineel zijn, maar ook een psychisch ziek persoon. Indien het om een crimineel gaat, zal de beschuldigde naar een gevangenis worden overgebracht, indien de betrokkene ziek blijkt te zijn, wordt hij of zij geïnterneerd in een gesloten instelling. De man of vrouw wordt een patiënt, wat niet wil zeggen dat de patiënt zijn of haar straf moet ontlopen. In die instelling wordt de persoon behandeld voor zijn ziekte, iets wat toch een eerste stap is voor een patiënt.
Ik wil dat verschil duidelijk benadrukken aangezien vaak wordt vergeten dat geïnterneerden ook patiënten zijn. Dat is niet alleen mijn visie, maar die van meerdere internationale instellingen die vinden dat men geen zieke mensen in gewone gevangenissen mag wegstoppen. Ze hebben recht op zorg en behandeling.
België is verre van de beste leerling van de klas in die materie. Op 8 december schreven meerdere kranten over de nood aan opvang in België. Er blijken 1070 geesteszieken in de Belgische gevangenissen te zitten. Volgens Laurent Sempot van het Directoraat-Generaal van het Gevangeniswezen zijn de gevangenissen niet uitgerust voor die situatie.
Sommige gevallen van internering zijn echt schrijnend. Naast het feit dat er geen adequate geneeskundige verzorging mogelijk is, worden mensen wegens hun zwakbegaafdheid en/of hun analfabetisme gewoon weggestopt in een vergeetput, de gevangenis. Het bewijs daarvan is dat vaak niets, maar dan ook niets aan de medicatie wordt veranderd. Huisartsen van dergelijke patiënten, die hun patiënten door en door kennen, botsen op een muur.
Zo valt het op dat voornamelijk de Antwerpse Commissie ter Bescherming van de Maatschappij, die is verbonden aan de Antwerpse gevangenis in de Begijnenstraat, systematisch mensen `veroordeelt' tot levenslange internering. Nochtans heeft die commissie zelf niet de minste medische bevoegdheid om daarover te oordelen en bovendien houdt ze geen rekening met de gerechtelijke psychiatrische expertise. Als bijvoorbeeld een geïnterneerde patiënt bepaalde zware psychiatrische medicatie niet verdraagt en stopt wegens de neveneffecten, dan oordelen juristen dat dit een schending van de interneringsvoorwaarden is. Dergelijke mensen worden in de cel gestopt, waar zij zonder behandeling langzaam wegkwijnen. Erger nog, men houdt geen rekening met de medische context zoals het feit dat neuroleptica neveneffecten vertonen. Ook weigert men de betrokken huisartsen te horen.
Vindt de minister dat een huisarts van een geïnterneerde patiënt altijd moet worden gehoord door de voorzitter van de Commissie ter Bescherming van de Maatschappij? Vindt de minister niet dat geïnterneerden recht hebben op een behandeling? Wat gaat de minister daaraan doen? Wat gaat de minister doen aan het specifieke probleem in Antwerpen, waar mensen door incompetentie systematisch en zonder medische adviezen worden opgesloten?
Zal de minister contact opnemen met de medische staf die in de Antwerpse gevangenis moet instaan voor de medische zorg en adviezen aan de Commissie ter Bescherming van de Maatschappij, om te weten hoe de vork aan de steel zit? Zal de minister contact opnemen met de Antwerpse huisartsenkring teneinde in contact te komen met de huisartsen die dergelijke patiënten volgen, en te horen wat er allemaal misloopt in Antwerpen?
De heer Jean-Marc Delizée, staatssecretaris voor Sociale Zaken, belast met Personen met een handicap. - Ik lees het antwoord van minister De Clerck.
Ik deel de bezorgdheid van de heer Ide over het lot van geïnterneerden in gevangenissen. Door een gebrek aan opvangplaatsen in het forensisch psychiatrisch zorgcircuit blijven vele geïnterneerden langer in de gevangenis zitten dan vanuit veiligheidsoogpunt noodzakelijk is. Aangezien de gevangenissen niet de omkadering hebben waarover psychiatrische ziekenhuizen wel beschikken, blijven vele geïnterneerden verstoken van een adequate behandeling. Op 8 december verbleven er 1099 geïnterneerden in penitentiaire inrichtingen.
Toch zijn in het recente verleden enkele belangrijke initiatieven genomen om hun situatie te verbeteren. Zo heb ik eind oktober in de gevangenis van Paifve een vernieuwde afdeling met 41 plaatsen voor geïnterneerden geopend. In het voorjaar is in Merksplas de gloednieuwe afdeling De Haven in gebruik genomen, met 60 plaatsen voor personen met een mentale handicap. Begin 2008 ging in Turnhout een afdeling open met een aangepast behandelprogramma voor psychotische geïnterneerden. De plaatsen van de in 2007 opgerichte zorgequipes werden in 2008 en 2009 verder ingevuld. Ten slotte wordt in de gevangenissen te Gent en te Merksplas samengewerkt met externe centra voor mentaal gehandicapten, die aangepaste zorgprogramma's voor deze specifieke doelgroep bieden.
Deze initiatieven zullen verder worden uitgebreid. In samenwerking met mijn collega van Volksgezondheid ijver ik voor een verdere uitbreiding van het aantal forensische bedden in de externe zorgsector. Ten slotte zullen tegen eind 2012 te Gent en te Antwerpen twee gesloten forensisch psychiatrische centra met een totale capaciteit van 450 plaatsen worden opgericht.
In de procedure voor de Commissie tot bescherming van de maatschappij behoort het tot de bevoegdheid van de voorzitter om te beslissen of de huisarts van de geïnterneerde gehoord wordt. De wet op de bescherming van de maatschappij waarborgt wel dat de geïnterneerde door een advocaat wordt bijgestaan. Bovendien neemt de Commissie kennis van het geschreven advies van de gevangenispsychiater. Bovendien maakt een psychiater deel uit van de Commissie tot bescherming van de maatschappij. Er worden dus wel degelijk artsen betrokken bij de besluitvorming van de commissie omtrent de geïnterneerde.
Bovendien kan de geïnterneerde krachtens artikel 19bis van de wet bij monde van zijn advocaat hoger beroep aantekenen tegen de beslissing tot afwijzing van zijn verzoek tot invrijheidstelling.
Ik beschik niet over gegevens om uit te maken of de Commissie tot bescherming van de maatschappij te Antwerpen haar beslissingen al dan niet systematisch steunt op de adviezen van de gevangenispsychiater of de gevangenisarts. Het is ook niet mijn bevoegdheid om de Commissie daartoe formeel te verplichten.
Ik zal me over de situatie van de medische adviezen voor de Commissie uitvoerig laten voorlichten door de dienst Gezondheidszorgen van de gevangenissen. Op basis van dat advies zal ik oordelen of er verder contact moet worden genomen met de huisartsenkring van Antwerpen.
Het probleem werd mij tot hiertoe niet ter kennis gebracht. Ook de Commissie van toezicht van de gevangenis te Antwerpen, waar een arts deel van uitmaakt, heeft op dit gebied in het verleden geen problemen gesignaleerd.
De heer Louis Ide (Onafhankelijke). - Het verheugt me dat de minister van Justitie zich bewust is van de problematiek. Ik hoop dat er in 2012 meer dan 450 plaatsen bijkomen, want hierdoor worden plaatsen gecreëerd in de gevangenissen. Het is een win-winsituatie.
Er is aan de minister van Justitie wel degelijk gesignaleerd dat er in Antwerpen een probleem is. Een brief kan op een kabinet soms een lange weg afleggen. Misschien kan de staatssecretaris de minister van Justitie erop attent maken dat er een brief werd gestuurd over de problemen bij de Commissie ter Bescherming van de Maatschappij in Antwerpen.
De heer Jean-Marc Delizée, staatssecretaris voor Sociale Zaken, belast met Personen met een handicap. - Als staatssecretaris voor personen met een handicap voel ik me bij de problematiek nauw betrokken. Er staat hierover trouwens iets in mijn beleidsnota. Ik wil samen met de minister van Justitie het probleem opvolgen.