4-78

4-78

Sénat de Belgique

Annales

JEUDI 28 MAI 2009 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Demande d'explications de M. Yves Buysse au ministre de l'Intérieur sur «le statut des pompiers» (nº 4-925)

M. le président. - M. Melchior Wathelet, secrétaire d'État au Budget, adjoint au premier ministre, et secrétaire d'État à la Politique des familles, adjoint à la ministre de l'Emploi, et en ce qui concerne les aspects du droit des personnes et de la famille, adjoint au ministre de la Justice, répondra.

De heer Yves Buysse (VB). - Momenteel zijn er acht werkgroepen in de weer waarin deskundigen specifieke en technische aangelegenheden bestuderen aangaande verschillende aspecten van de brandweerhervorming.

Eén van de werkgroepen, waarvan de resultaten met meer dan gewone belangstelling worden afgewacht, is de werkgroep over het statuut. Die werkgroep moet uiteindelijk mee de uitvoeringsbesluiten ontwikkelen aangaande alles wat rechtstreeks met het personeel te maken heeft: het administratieve en geldelijke statuut, de loopbaanmogelijkheden, het minimale kader, de plaats en beschikbaarheid van de vrijwillige brandweerlieden in de zone, de selectie- en evaluatiecriteria, de pensioenregeling. Het moet uiteraard de bedoeling zijn de beroepen in de civiele veiligheid te valoriseren.

Hoever staat het met de werkzaamheden van de werkgroep? Bestaat er in de werkgroep al een consensus over een aantal aspecten van het statuut en zo ja, wat zijn de contouren ervan? Welke kalender wordt er gevolgd?

De heer Melchior Wathelet, staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan de eerste minister, en staatssecretaris voor Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van Werk, en wat de aspecten inzake personen- en familierecht betreft, toegevoegd aan de minister van Justitie. - Ik lees het antwoord van minister De Padt.

De werkgroep statuut heeft de functiebeschrijvingen van de verschillende nieuwe functies die in de toekomstige hulpverleningszones nodig zullen zijn, ingevuld. Juristen van mijn administratie hebben reeds enkele ontwerpen van reglementaire teksten geschreven. Het gaat hierbij om de algemene bepalingen, de rechten en plichten, de mobiliteit en de tuchtprocedure. Er werd een herleescomité opgericht met juridisch-technische experts, die hun opmerkingen bij deze ontwerpteksten kunnen maken. Nadien kan het politieke en andere overleg starten. De andere onderwerpen van het administratieve, sociale en geldelijke statuut worden door mijn diensten intussen verder onderzocht.

De hervorming van de civiele veiligheid is één van mijn prioriteiten en het is de bedoeling om het statuut zo snel mogelijk af te ronden, zodat de zones in de loop van 2010 in werking kunnen treden.

De heer Yves Buysse (VB). - Zo snel mogelijk is wel een beetje vrijblijvend. Ik wil er bij de minister toch op aandringen daar vlug werk van te maken. Die mensen verdienen dat. Ze nemen grote risico's en dat heeft gevolgen op fysiek en psychisch vlak. Daar moet een goed statuut en een eerlijke loon tegenover staan.

Ik ben er ook van overtuigd dat een goed statuut een conditio sine qua non is voor het welslagen van de brandweerhervorming. Een hervorming kan pas goed verlopen als ze gedragen wordt door de mensen die het op het terrein moeten waarmaken. Dat betekent dat ze de nodige appreciatie moeten krijgen via een ernstig statuut.

Bij de voorbereiding van de wet op de hervorming van de brandweer is tijdens de hoorzittingen gebleken dat de gemiddelde leeftijd van de professionele brandweerlieden schommelt tussen 45 en 50 jaar. Dat betekent dat verjonging noodzakelijk is en ook dat kan enkel via een interessant statuut.