4-1323/1

4-1323/1

Belgische Senaat

ZITTING 2008-2009

13 MEI 2009


Wetsvoorstel tot wijziging van artikel 194ter van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 met het oog op de uitbreiding van de tax shelter-regeling tot de kortfilm

(Ingediend door de heer Philippe Mahoux)


TOELICHTING


Ons land bekleedt een belangrijke plaats in de filmwereld. Zoals elk jaar is het filmfestival van Cannes een graadmeter voor de filmproductie. Dit jaar werden er 23 Belgische films met vooral Franstalige inbreng voorgedragen, waarvan er die in coproductie met Vlaanderen werden gedraaid. Van Nederlandstalige kant werden niet minder dan twaalf films met vooral Vlaamse inbreng voorgedragen. De kwaliteit van onze regisseurs, acteurs, actrices en technici ligt uiteraard aan de basis van dit succes.

Er moet toch worden benadrukt dat de goedkeuring van de tax shelter-regeling in ons land een gunstige invloed heeft gehad op de filmproductie. Ter herinnering, die regeling verstrekt binnen bepaalde grenzen fiscale stimuli voor investeringen in film. De programmawet van 2 augustus 2002 heeft die regeling ingevoerd. Deze wet begrensde niet alleen de aftrekbare bedragen, maar beperkte het voordeel van de tax shelter-regeling ook tot de langspeelfims, dit wil zeggen films die langer dan 60 minuten duren en die erkend zijn door de betrokken gemeenschap op grond van de richtlijn « Televisie zonder grenzen ».

Dit wetsvoorstel strekt ertoe het voordeel van de tax shelter-regeling uit te breiden tot de middellange- en de kortfilm, namelijk tot films die minder dan zestig minuten duren. Een groot aantal jonge, talentvolle cineasten heeft het immers moeilijk om hun eerste film te draaien. Zij beginnen hun loopbaan trouwens vaak met kortfilms. Los van die eerste werken, dragen de regisseur van middellange- en kortfilms en de ontwikkeling van de distributiecircuits bij tot de hoge vlucht van de filmactiviteit in ons land, een cultureel en enconomische activiteitenpool.

Het lijkt dus noodzakelijk om ook voor die films de tax shelter in te voeren.

De voorliggende wetswijziging strekt ertoe de kortfilm de fiscale voordelen te geven van de regeling die werd vastgesteld bij artikel 128 van de programmawet van 2 augustus 2002. De dynamiek en de financieringsproblemen van de sector rechtvaardigen de uitbreiding van artikel 194ter van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 tot de kortfilm.

Philippe MAHOUX.

WETSVOORSTEL


Artikel 1

Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

Art. 2

In artikel 194ter, § 1, eerste lid, 3º, eerste streepje, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de wet van 2 augustus 2002, vervangen bij de wet van 22 december 2003 en laatst gewijzigd bij de wet van 3 december 2006, worden de woorden « of een kortfilm » ingevoegd tussen de woorden « een langspeelfilm » en de woorden « , een documentaire ».

Art. 3

De voorliggende wet treedt in werking op de eerste dag van de derde maand die volgt op de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.

23 april 2009.

Philippe MAHOUX.