4-47

4-47

Sénat de Belgique

Annales

JEUDI 6 NOVEMBRE 2008 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Demande d'explications de Mme Anke Van dermeersch au vice-premier ministre et ministre de la Justice et des Réformes institutionnelles sur «la capacité des prisons et le transfert de condamnés non belges» (nº 4-466)

M. le président. - M. Etienne Schouppe, secrétaire d'État à la Mobilité, adjoint au premier ministre, répondra.

Mevrouw Anke Van dermeersch (VB). - Dit is ook een schriftelijke vraag waarop ik nog geen antwoord kreeg.

Het Nationaal Instituut voor de statistiek meet elk jaar op 1 maart de gevangeniscapaciteit in België en vergelijkt deze met het aantal gevangenen. Reeds meerdere jaren blijkt dat in de gevangenissen een groot aantal gevangenen zat waarvoor er eigenlijk geen plaats was.

Was er, in tegenstelling tot de vorige jaren, voldoende gevangeniscapaciteit in de periode van 1 maart 2007 tot 1 maart 2008?

Hoeveel gevangenen waren er in deze periode en hoeveel bedroeg de gevangeniscapaciteit?

Zijn er maatregelen genomen om veroordeelden van niet-Belgische nationaliteit over te dragen aan hun land van herkomst om daar hun straf te ondergaan? Zo ja, hoeveel mensen werden er overgedragen en aan welke landen? Zo neen, hoeveel overdrachten zijn er op korte termijn gepland en voor hoeveel overdrachten loopt het dossier nog?

De heer Etienne Schouppe, staatssecretaris voor Mobiliteit, toegevoegd aan de eerste minister. - Ik lees het antwoord van minister Vandeurzen.

Op 1 maart 2007 bedroeg de gevangeniscapaciteit 8 358 plaatsen, tegenover 8 422 plaatsen op 1 maart 2008, wat neerkomt op een vermeerdering met 64 plaatsen. De gevangenisbevolking bedroeg op die data respectievelijk 10 008 en 9 858. Dat komt neer op overbevolkingspercentages van 20% en 17%. Voor het hele jaar 2007 was de gemiddelde overbevolking voor de mannen 18,3% en voor de vrouwen 12,7%. Er is dus nog verre van voldoende gevangeniscapaciteit.

Voor de geplande uitbreiding van de gevangeniscapaciteit verwijs ik naar mijn masterplan voor de gevangenisinfrastructuur van april 2008, waarover ik eerder al uitvoerig uitleg gaf.

Al sinds de inwerkingtreding van het overbrengingsverdrag van de Raad van Europa van 21 maart 1983 en van de overbrengingswet van 23 mei 1990 bestaat de mogelijkheid voor buitenlandse gedetineerden om een overbrenging naar hun land van herkomst of nationaliteit te vragen. In 2007 werd een twintigtal gedetineerden onder dit stelsel overgebracht naar het buitenland.

Sinds de inwerkingtreding van het aanvullend protocol bij het overbrengingsverdrag bestaat de bijkomende mogelijkheid om die gedetineerden naar hun land van herkomst over te brengen zonder hun toestemming. Tot op heden zijn op die manier zestien veroordeelden vanuit België overgebracht naar hun land van oorsprong: zeven naar Roemenië, vijf naar Bulgarije, twee overbrengingen naar Nederland, één naar Polen en één naar Frankrijk.

Mevrouw Anke Van dermeersch (VB). - De overbevolking in de gevangenissen bedraagt 17 tot 20%, terwijl men op een jaar tijd slechts 64 bijkomende plaatsen kan vinden. Het masterplan moet dus aanzienlijk worden versneld. Ik dring aan op actie inzake het creëren van plaatsen voor gedetineerden. Men weet dat jaarlijks ongeveer 10 000 gedetineerden in onze gevangenissen verblijven, zodat men de vereiste capaciteit makkelijk kan berekenen.