4-35 | 4-35 |
M. le président. - M. Carl Devlies, secrétaire d'État à la Coordination de la lutte contre la fraude, adjoint au premier ministre, et secrétaire d'État, adjoint au ministre de la Justice, répondra.
De heer Louis Ide (CD&V-N-VA). - In aansluiting op mijn schriftelijke vraag 4-576 van 3 april 2008 en op vraag om uitleg 4-61 heb ik nog een aanvullende vraag.
Op vraag 4-576 antwoordde mevrouw Onkelinx letterlijk: `Het spreekt voor zich dat ik, indien er nieuwe bewijskrachtige wetenschappelijke elementen zouden gepubliceerd worden, een nieuw advies aan de Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen zal vragen.'.
Ik ben zo vrij haar een hele reeks wetenschappelijke referenties te bezorgen die mijn schriftelijke vraag 4-576 en mijn vraag om uitleg 4-61 ondersteunen. Indien de minister naar de CTG stapt, heeft ze dus alvast die referenties.
Indien de minister experts hoort, zullen ze haar ongetwijfeld overtuigen van het belang van posaconazole voor mucormycosis/zygomycetes. Voor Madurella mycetomatis zal dat minder het geval zijn.
Madurella mycetomatis in het programma medische urgentie inschakelen kan misschien soelaas bieden, maar dat geldt niet voor mucormycosis. De wetenschap evolueert en het is dus echt wel wenselijk het ministerieel besluit aan te passen. Uiteraard heb ik er alle begrip voor dat de minister eerst de CTG consulteert.
Is de minister, nu ze kennis kreeg van recente wetenschappelijke referenties, bereid naar de CTG te stappen, zoals ze zelf op de schriftelijke vraag 4-576 heeft geantwoord?
De heer Carl Devlies, staatssecretaris voor de Coördinatie van de Fraudebestrijding, toegevoegd aan de eerste minister, en staatssecretaris, toegevoegd aan de minister van Justitie. - Ik lees het antwoord van minister Onkelinx.
Op uw vraag 4-507 dacht ik duidelijk te hebben geantwoord dat de Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen zich alleen kan uitspreken op basis van geregistreerde indicaties; voor de schimmelinfectie waarvan u gewag maakt, is dat niet het geval.
Het is veeleer aan het bedrijf om eerst een aanpassing van haar wetenschappelijke notitie en nadien een uitbreiding van de terugbetalingsmodaliteiten aan te vragen.
Ik zou een rampzalig wettelijk precedent scheppen door de Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen te vragen een specialiteit terug te betalen voor een niet-geregistreerde indicatie.
De heer Louis Ide (CD&V-N-VA). - Ik begrijp dat de minister zich juridisch wil indekken. Toch heeft ze zelf geantwoord: `Het spreekt voor zich dat ik, indien er nieuwe bewijskrachtige wetenschappelijke elementen zouden gepubliceerd worden, een nieuw advies aan de CTG zal vragen.' De wetenschap is in ontwikkeling; Op een bepaald ogenblik stelt een bedrijf zijn indicaties vast en vervolgens maken een aantal facetten een ontwikkeling door. Dat is het geval voor mucormycosis. Ik begrijp dan ook niet waarom de CTG niet kan worden geraadpleegd. Nadien kan de CTG vrij beslissen.
De achterliggende reden is mijns inziens voornamelijk budgettair. Mocht onze assemblee dergelijke dossiers aanhangig kunnen maken, dan zou de terugbetaling van geneesmiddelen een uitbreiding kennen, ook al vragen de producenten dat niet. Zo zouden we wel processen op gang kunnen brengen. Dat is precies mijn bedoeling.
Ik wil het niet politiek spelen, maar dring er bij de minister op aan opnieuw experts te horen en vervolgens op grond van recente wetenschappelijke ontwikkelingen naar de CTG te stappen. Met honderd referenties heb ik aangetoond dat de wetenschap intussen verder ontwikkeld is. Ik handhaaf mijn pleidooi en voel me gesterkt door het antwoord van de minister op vraag 4-576.
De heer Carl Devlies, staatssecretaris voor de Coördinatie van de Fraudebestrijding, toegevoegd aan de eerste minister, en staatssecretaris, toegevoegd aan de minister van Justitie. - Ik was in de Senaat aanwezig toen mijnheer Ide zijn vorige vraag stelde. De minister heeft toen duidelijk geantwoord dat de producent zelf een aanvraag hoorde in te dienen en dat op basis van die aanvraag de CTG een advies zou uitbrengen.
Vandaag bevestigt de minister haar antwoord.