4-20 | 4-20 |
M. le président. - M. Josly Piette, ministre de l'Emploi, répondra.
De heer Louis Ide (CD&V-N-VA). - Op 10 juni 2007 vonden er federale verkiezingen plaats. Wegens de niet-splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde weigerden 187 personen in te gaan op de oproep om voorzitter of bijzitter te zijn van een stembureau of stemopnemingsbureau. Ze lieten dat weten middels een gemotiveerd schrijven aan de voorzitters van hun respectievelijke hoofdkantonbureaus. Al in 2004 waren er enkele weigeringen tengevolge van het probleem BHV.
Van de 187 personen die in 2007 dienst geweigerd hebben, worden er 68 effectief vervolgd. In Dendermonde werden er vier personen vrijgesproken, maar die zijn in beroep toch nog veroordeeld tot het betalen van een boete. In totaal hebben nu al 61 van de 68 vervolgden een effectieve veroordeling opgelopen. De straffen bestaan uit boetes van 275 tot 550 euro, toch geen kleine bedragen.
Het is opmerkelijk dat in 2004 dienstweigeraars door het hof van beroep te Gent werden vrijgesproken, waarbij de motivering inzake de ongrondwettigheid van het kiesarrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde als wettige reden om niet te zetelen werd aanvaard, en dat nu alle vervolgden wel bestraft worden, ondanks het inroepen van identieke redenen.
Het College van procureurs-generaal zou zelfs een richtlijn hebben opgesteld teneinde prioriteit te geven aan die vervolgingen, hetgeen door het parket werd bevestigd tijdens de diverse zittingen waarop de zaken voor de correctionele rechtbanken werden behandeld.
Collega Lijnen stelde enkele weken geleden al eens een vraag over de richtlijn van het College van procureurs-generaal. Maar de minister heeft er niet op geantwoord.
Kan de minister ons de richtlijn bezorgen van het College van procureurs-generaal voor de verschillende parketten inzake de vervolging van personen die afwezig waren als voorzitter of bijzitter in een stembureau of een stemopnemingsbureau? Waarom wordt in het beleid van het openbaar ministerie prioriteit gegeven aan de vervolging van personen die weigerden om te zetelen als voorzitter of bijzitter van een stembureau of stemopnemingsbureau?
M. Josly Piette, ministre de l'Emploi. - Je vous lis la réponse du ministre de la Justice.
Comme cela a été indiqué à votre collègue le 5 février 2008, le collège des procureurs généraux a créé un groupe de travail chargé d'établir des directives concernant les poursuites exercées contre des personnes qui refusent de donner suite à la convocation pour siéger en qualité d'assesseur ou de président de bureau de vote ou de dépouillement.
Les directives destinées aux parquets n'ont pas fait l'objet d'une circulaire avant les élections de juin 2007. Je ne peux dès lors pas vous les communiquer. Il est probable que le groupe de travail se penchera à nouveau sur la rédaction de nouvelles directives pour les prochaines élections. Il a néanmoins fait parvenir son rapport ainsi qu'un modèle d'apostille, précisant les consignes à suivre pour les auditions des réfractaires aux différents parquets généraux qui les ont à leur tour transmis à leurs parquets en demandant que ces recommandations soient suivies.
L'initiative d'élaborer une politique de poursuite uniforme a été prise à la demande de l'Union des juges de paix, qui avait exprimé sa préoccupation quant aux importants problèmes qui se posent lors de chaque scrutin, dans la mesure où le fait que des présidents ou des assesseurs convoqués ne se présentent pas empêche de constituer les bureaux de vote ou de dépouillement dans les temps.
De heer Louis Ide (CD&V-N-VA). - Als ik het goed begrijp kan ik de richtlijn niet inkijken omdat ze niet af is. Toch wordt ze door de rechtbanken gevolgd. Dat is nogal kras.
De minister antwoordt me dat de richtlijn tegen de volgende verkiezingen klaar zal zijn.
Vermoedelijk vind ik het antwoord op mijn vraag naar de uniformiteit van het beleid in de richtlijn, maar zolang ik die niet heb, kan ik daar alleen maar naar raden. Ik vraag de minister dan ook met aandrang me die richtlijn te verschaffen, ook al is die nog niet helemaal af. Al wat ik vraag is dat de minister mij de voorlopige richtlijn bezorgt.