(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans
Oplichters stellen zich voor als nieuwe buren, nieuwe restauranthouders of een medewerker van een energiebedrijf. In andere gevallen doen ze een beroep op de menselijkheid (vragen van water, brood, enz.) of maken zij mensen bang.
Nog steeds trappen vooral oudere mensen in babbeltrucs. Ze laten zich overtuigen door een man of vrouw aan de deur en voordat ze het weten zijn ze beroofd.
Het lijkt allemaal echt en niet iedereen is verdacht, maar toch is het belangrijk goed op te passen. De daders stelen de bankkaart, waarbij vaak de pincode wordt bewaard, en plunderen vervolgens de rekening leeg. Ook worden mensen telefonisch benaderd als de code onbekend is.
Deze vorm van criminaliteit vindt steeds vaker weerklank in de pers.
Via een list of het toepassen van bedrog probeert men bankgegevens te bekomen of — al of niet via medeplichtigen — de toegang tot de woonst, waarbij het slachtoffer wordt afgeleid.
In Nederland voert men heden een grootscheepse preventiecampagne. Hierdoor worden de daders immers sneller gevat en vallen er minder slachtoffers. In dit pamflet vindt men tips terug zoals :
— doe niet zomaar open voor onbekende personen. Kijk goed wie er voor de deur staat;
— dieven komen in alle vormen en maten en dragen vaak keurige pakken. Ook schattig ogende kinderen of moeders met kinderen zijn niet per definitie te vertrouwen;
— laat de deur dicht en kijk (indien mogelijk) door de deurspion of raam;
— vraag meteropnemers allerhande, politieagenten en reparateurs naar hun legitimatie en controleer deze goed. Vertel direct dat u met het bedrijf of de instelling zult bellen en doe dit ook echt. Kijk in het telefoonboek voor het nummer. Sluit de deur terwijl u belt;
— sluit de buitendeur terwijl u iemand helpt (een pen, een glas water of het alarmeren van een hulpdienst bijvoorbeeld);
— als u de situatie niet vertrouwt, alarmeer dan de politie.
Graag had ik hieromtrent volgende vragen voorgelegd aan de geachte minister :
1. Klopt de perceptie dat deze vorm van criminaliteit, waarbij personen zich toegang verschaffen tot de woonst en/of bankgegevens onder allerhande valse voorwendselen en of valse titeldracht, momenteel aan het stijgen is ?
2. Kan hij meer gedetailleerde cijfers geven omtrent het aantal misdrijven met « babbeltrucs » voor respectievelijk de jaren 2004, 2005 en 2006 wat betreft het aantal opgepakte daders alsook wat betreft het totaal aantal gevallen/slachtoffers en dit op jaarbasis ?
3. Werden er reeds voorlichting- en/of preventiecampagnes hieromtrent gevoerd en is dit niet aangewezen, vooral wat de senioren betreft gezien zij dikwijls geviseerd worden bij dergelijke misdrijven ? Zo neen, is hij bereid dergelijke campagnes op te zetten en kan dit worden toegelicht ?
Antwoord : Het geachte lid vindt hieronder het antwoord op zijn vraag.
1 en 2. De algemene nationale gegevensbank (ANG) van de geïntegreerde politie bevat geen adequate gegevens omtrent deze vorm van criminaliteit.
3. Dit fenomeen omvat talrijke modus operandi, die gaan van valse politieagenten of valse bedienden tot het gebruik van valse voorwendselen. Dit is één van de redenen waarom deze feiten moeilijk op te sporen zijn. Niettemin kunnen een aantal eenvoudige preventieve maatregelen het risico op een dergelijk misdrijf aanzienlijk verminderen.
Het aannemen van bepaalde goede gewoonten, zoals het gesloten houden van de deur, het vragen naar de identificatiekaart van de persoon, bellen (of doen alsof u belt) naar de politie in geval van twijfel, geen grote sommen geld of juwelen thuis bewaren, ..., kunnen de kans van het slagen van een dergelijk misdrijf verminderen en, indien dat zich toch heeft voorgedaan, de buit beperken.
Om senioren, die voornamelijk het slachtoffer worden van dit fenomeen, te sensibiliseren voor het aannemen van goede gewoonten en het volgen van bepaalde gedragingen, werd door mijn administratie in december 2006 een campagne gelanceerd om het fenomeen en vooral de manieren om dit te voorkomen, beter bekend te maken.
De essentie van het advies is opgenomen in een « folder met tips » die in de buurt van de voordeur bewaard dient te worden en gevolgd moet worden wanneer een persoon zich aan de deur aandient. Deze fiche wordt aan de senioren verstrekt door de hulp- en thuiszorgfederaties, de seniorenverenigingen, de gemeentelijke diensten en de politiecommissariaten.
Daarnaast ondersteunt de FOD Binnenlandse Zaken de verschillende lokale initiatieven die worden ondernomen ter bestrijding van het fenomeen, onder meer door een presentatie ter beschikking te stellen die gebruikt kan worden tijdens informatiemomenten om senioren bewust te maken van de problematiek en hun waakzaamheid te verhogen.
In 2007 wens ik deze integrale en geïntegreerde aanpak, samen met de verschillende professionele organisaties verder te zetten.
Bovendien kan ik melden dat, ondanks oplichting in zijn geheel niet werd opgenomen als fenomeen in de federale prioriteiten van het Nationaal Veiligheidsplan 2004-2007, de federale gerechtelijke politie gestart is met een studie over dit probleem om in een mogelijk actieplan te voorzien in het kader van het nakende Nationaal Veiligheidsplan 2008-2011.