3-214 | 3-214 |
De voorzitter. - De heer Hervé Jamar, staatssecretaris voor Modernisering van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude, toegevoegd aan de minister van Financiën, antwoordt.
Mevrouw Stéphanie Anseeuw (VLD). - Een daling met 10% van de softwarepiraterij in België, die nu 29% zou bedragen, zou 4.000 voltijdse arbeidsplaatsen opleveren. Dat zou voor ons land een bijkomende economische groei betekenen van 2,6 miljard dollar.
Dat blijkt uit een studie die wereldwijd werd uitgevoerd door de International Data Corporation en werd bekend gemaakt door de Business Software Alliance, BSA.
Softwarepiraterij treft niet enkel de internationale fabrikanten, maar het heeft tevens een belangrijk negatief effect op de Belgische IT-bedrijven en de distributeurs. De BSA stelt dat de overheid dringend acties moet ondernemen. Zo pleit BSA voor adequate handhavingsmechanismen en een strengere antipiraterijwetgeving. Het bedrijf dringt er ook op aan dat meer overheidsmiddelen worden uitgetrokken om de problematiek aan te pakken, onder meer door nationale teams en grensoverschrijdende samenwerking en training voor rechtshandhaving. Ook moet er meer werk worden gemaakt van de voorlichting en de bewustmaking van het grote publiek.
Meent de minister dat de huidige handhaving inzake softwarepiraterij adequaat is en kan zij dit uitvoerig toelichten?
Hoeveel gevallen van softwarepiraterij werden er vastgesteld in respectievelijk 2003, 2004 en 2005? Hoeveel mensen hebben respectievelijk in 2003, 2004 en 2005 een veroordeling opgelopen?
In hoeverre is er een grensoverschrijdende samenwerking inzake softwarepiraterij? Wat zijn de resultaten van die samenwerking? Kan de minister dat toelichten met concrete cijfers?
Moet er ook volgens de minister meer training plaatsvinden voor de rechtshandhaving? Zo neen, kan zij dat uitvoerig toelichten en kan zij aangeven welke andere maatregelen zij alsnog zal treffen? Zo ja, wanneer zal deze training plaatsvinden en welk budget wordt ervoor uitgetrokken?
De heer Hervé Jamar, staatssecretaris voor Modernisering van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude, toegevoegd aan de minister van Financiën. - Ik lees het antwoord van minister Onkelinx.
De strijd tegen softwarepiraterij maakt deel uit van de strijd tegen de namaak en de piraterij in het algemeen. Het juridisch kader hiervoor wordt uitgewerkt op internationaal, Europees en nationaal niveau.
Wat het internationaal recht betreft, heeft België de Overeenkomst over de handelsaspecten van intellectuele eigendomsrechten, een bijlage bij de Overeenkomst van 15 april 1994 houdende oprichting van de Wereldhandelsorganisatie, bij wet van 23 december 1994 goedgekeurd.
Op Europees niveau heeft de regering het initiatief genomen om de Verordening 1383/2003 van de Raad van 22 juli 2003, inzake het optreden van de douaneautoriteiten ten aanzien van goederen waarvan wordt vermoed dat ze inbreuk maken op bepaalde intellectuele eigendomsrechten en inzake maatregelen ten aanzien van goederen waarvan is vastgesteld dat zij inbreuk maken op bepaalde intellectuele eigendomsrechten, en de richtlijn 2004/48/EG van 29 april, betreffende de handhaving van intellectuele eigendomsrechten, om te zetten in Belgisch recht met twee wetsontwerpen, namelijk een wetsontwerp betreffende de bestraffing van namaak en piraterij van intellectuele eigendomsrechten en een wetsontwerp betreffende de burgerrechtelijke aspecten van de bescherming van intellectuele eigendomsrechten en betreffende de aspecten van gerechtelijk recht van de bescherming van intellectuele eigendomsrechten. Die twee wetsontwerpen werden vorige maand in de Kamer van volksvertegenwoordigers goedgekeurd.
Het eerste wetsontwerp heeft als doel de strafbepalingen betreffende de inbreuken op de intellectuele eigendomsrechten te moderniseren. De regering is er zich immers van bewust dat de namaakindustrie de laatste jaren sterk geëvolueerd is. De kleine clandestiene ateliers zijn vervangen door een echte industrie die beschikt over hoogtechnologisch materiaal en een complex distributiesysteem. De namaakproducten komen soms sneller op de markt dan de authentieke producten. Een strengere bestraffing van namaak is dan ook een van de prioriteiten van de regering. Het wetsontwerp legt dan ook strengere straffen op en bevat verbeterde methodes om namaakmisdrijven op te sporen en vast te stellen.
Het tweede wetsontwerp heeft tot doel om de gerechtelijke procedure efficiënter te maken. Een beperkt aantal rechtbanken zal kennis kunnen nemen van geschillen in verband met intellectuele eigendomsrechten. Die centralisatie moet leiden tot een grotere coherentie in de verdeling van de bevoegdheden en moet de specialisatie van de magistraten vergemakkelijken. Ook wordt het verbod op cumul van de stakingsvordering in handelszaken met de stakingsvordering betreffende de intellectuele eigendomsrechten opgeheven.
Ten slotte verwijs ik naar de wet van 22 mei 2005 houdende de omzetting in Belgisch recht van de Europese richtlijn 2001/29/EG van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij. Ook die wet had onder meer tot doel de strijd tegen de namaak te versterken.
Er bestaan geen precieze cijfers over softwarepiraterij. Ik kan echter wel meer algemene cijfers geven over de inbreuken op intellectuele eigendomsrechten in het algemeen. Zo werden in 2003 172 zaken voor de rechter gebracht; 108 betroffen een inbreuk op het auteursrecht. In 2004 waren er 171 zaken, waarvan er 119 inbreuken op het auteursrecht betroffen. Gevallen van softwarepiraterij vallen onder de wet betreffende het auteursrecht.
De gegevens in verband met de internationale samenwerking van diverse diensten werden opgevraagd, maar zijn klaarblijkelijk nog niet verzameld. Van zodra ik ze ontvang, zal ik ze meedelen.
Het tweede wetsontwerp dat ik zopas heb geciteerd, bevat verschillende aanpassingen in het Gerechtelijk Wetboek die onmisbaar zijn om inbreuken op de intellectuele eigendomsrechten te bestrijden. Door de bevoegdheid van de rechtbank te centraliseren kunnen de magistraten zich beter specialiseren. Krachtens artikel 22 van het wetsontwerp in verband met de bestraffing van namaak en piraterij kan de Koning maatregelen nemen om de strijd tegen namaak en piraterij van intellectuele eigendomsrechten te coördineren en te volgen. Op grond van dat artikel kan een interministeriële commissie voor de strijd tegen namaak en piraterij worden opgericht. Zo'n commissie zou, desgevallend in samenwerking met verenigingen die actief zijn in de strijd tegen namaak en piraterij, opleidingsmodules, uitwisselingsprojecten en stages kunnen uitwerken.