Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-79

ZITTING 2006-2007

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Ambtenarenzaken, Maatschappelijke Integratie, Grootstedenbeleid en Gelijke Kansen

Vraag nr. 3-5948 van mevrouw Anseeuw d.d. 3 oktober 2006 (N.) :
Federale overheidsdiensten en beleidscellen. — ICT-plannen.

De tekst van deze vraag is dezelfde als die van vraag nr. 3-5938 aan de vice-eersteminister en minister van Justitie, die hiervoor werd gepubliceerd.

Antwoord : Als antwoord op haar vraag kan ik het geachte lid de volgende gegevens meedelen.

Uit dit overzicht mag blijken, dat het « gras aan de overkant niet altijd groener is », ook als het op het eerste zicht zo lijkt.

1. Project e-Procurement

Het Federaal Actieplan e-Procurement dat goedgekeurd werd door de Ministerraad van 11 oktober 2004 heeft de strategische doelstellingen en het beheer van dit project vastgesteld.

In overeenstemming met dit plan werd begin februari 2005 de federale dienst e-Procurement opgericht binnen de FOD P&O. Deze heeft een roadmap voor het project opgesteld, die werd voorgelegd aan de Ministerraad van 2 december 2005.

Ter herinnering : het project houdt de informatisering in van de procedures voor overheidsopdrachten via internet. Om de uitvoering ervan te vergemakkelijken, werd het project in verschillende modules onderverdeeld.

Sinds begin 2003 bestaat er een publicatieplatform (www.jepp.be). De volgende module, e-tendering (on-line indienen van offertes), ondergaat momenteel de laatste testen en zal eind 2006 opgeleverd worden om in 2007 operationeel te zijn. Een derde module, e-catalogue (beheer van catalogi en van verwante bestellingen), zit momenteel in de aankoopfase. De toekenning van de opdracht is voorzien voor het einde van het jaar en de module zou eind 2007 operationeel moeten zijn. Er zullen nog andere modules volgen, zoals de elektronische veilingen. Tegen begin 2010 zou het volledige project moeten ingevoerd zijn.

Het budget dat momenteel voorzien is bedraagt 1,6 miljoen euro per jaar, wat in 2009 zal teruggevoerd worden naar 1,0 miljoen euro per jaar. Deze bedragen omvatten niet alleen de aankoopkosten maar tevens de onderhouds- en exploitatiekosten.

2. Project e-HRM

Het project voor de informatisering van het humanresourcesmanagement, « e-HRM », is een belangrijk aspect in de modernisering van de federale overheidsdiensten, dat in 2007 wordt geactiveerd. Er is een krediet gepland van ongeveer 30 miljoen euro, gespreid over 7 jaar, voor de financiering van de aankoop en de implementatie van het systeem.

De operationele doelstelling van e-HRM is de automatisering van talrijke terugkerende administratieve taken (aanvraag van documenten, loopbaan- en opleidingsbeheer, ...). Dat omvat ook de betaling van de lonen via een « betaalmachine », waarvoor een nauwe samenwerking nodig is tussen de FOD P&O en de Centrale Dienst der vaste uitgaven (CDVU-FOD Financiën) die momenteel de lonen betaalt. Op het strategisch vlak kunnen met een dergelijk systeem alle gegevens die onontbeerlijk zijn voor een proactief beleid en een langetermijnvisie van het humanresourcesmanagement in de overheidsdiensten automatisch en volledig worden verkregen dankzij de samengevoegde gegevens van al het personeel. De huidige beheerssystemen van de personeelsgegevens zijn versnipperd en staan niet met elkaar in verbinding : de consolidering van de gegevens moet manueel gebeuren, vordert langzaam en is weinig betrouwbaar. De vervanging van al die systemen door één enkel systeem dat gebaseerd is op een centrale databank van het federaal personeel staat garant voor een kwaliteits- en betrouwbaarheidsniveau van de gegevens en hun consolidering, die vandaag onmogelijk kunnen worden bereikt. Ten slotte is een rationalisatie mogelijk van de onderhoudskosten die de vele uiteenlopende systemen die vandaag bestaan met zich meebrengen.

De gunningsprocedure van een overheidsopdracht voor de invoering van het systeem wordt eind 2006 afgesloten met de selectie van een e-HRM oplossing van een dienstverlener of van een consortium van dienstverleners. De oproep tot kandidaturen werd op 23 maart 2006 gelanceerd : zeven ondernemingen en één consortium hebben daarop geantwoord; slechts drie kandidaten hebben na het versturen van het bestek een offerte ingediend. Die drie offertes zijn gebaseerd op twee verschillende ERP-systemen (Enterprise resource planning — module HR). Na een scrupuleuze screening van de ingediende offertes hebben de drie kandidaten de werking van het systeem gedemonstreerd aan de hand van een testcase die hun werd voorgelegd. Dat heeft geleid tot een tweede evaluatie van de offertes. Daarna hebben de kandidaten nog een laatste presentatie van hun projectaanpak gegeven. Het selectiecomité heeft een bezoek gebracht aan bedrijven die vergelijkbare systemen hebben geïmplementeerd die de inschrijvers als referentie opgaven, zodat ze de sterke en zwakke punten van de voorgestelde systemen objectief konden evalueren. De onderhandelingen zijn intussen afgelopen en de Best And Final Offers (BAFO) van de kandidaten worden eind oktober verwacht.

In 2007 wordt begonnen met de implementatie van het project. Er zijn zes golven gepland. De eerste golf loopt over twee jaar en betreft de module basisadministratie van het personeel. Tijdens die fase wordt een personeelsdatabank aangelegd en de organisatiestructuur geïntegreerd (jobs verdeeld over het organigram). Alle 13 FOD's en de 4 POD's zijn betrokken bij de modellering van de opeenvolgende golven; alleen de concrete technische realisatie gebeurt via een pilootproject bij de 4 horizontale FOD's (Kanselarij, Budget en Beheerscontrole, Fedict, P&O, die een gemeenschappelijke stafdienst P&O hebben).

Daarna gebeurt de terbeschikkingstelling (« roll-out ») van wat in het pilootproject ontwikkeld werd naar de andere betrokken federale organisaties.

Er wordt momenteel een centraal steunpunt voor de implementatie van e-HRM uitgebouwd bij de FOD P&O, dat in de loop van 2007 een vijftiental medewerkers moet tellen.

De belangrijkste taken van het steunpunt zijn :

— de bestaande toepassing, zoals ze tijdens het e-HRM-project geïmplementeerd werd, onderhouden en het gebruik ervan ondersteunen;

— er voor zorgen dat de e-HRM oplossing verder evolueert volgens de wijzigende wetgeving of technologie.