(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans
Op 15 juli 2005 stelde ik u onder nr. 3-3050 (Vragen en Antwoorden nr. 3-48, blz. 3980) de volgende vraag betreffende het in rand vermelde onderwerp : « Uit een enquête van het Nederlandse onderzoeksbureau Nivel onder ongeveer 2 000 mensen met een chronische aandoening blijkt dat in Nederland 2 op de 3 chronisch zieken in de leeftijd van 15 tot 65 jaar geen betaalde baan heeft. Ondanks diverse maatregelen van de overheid om de arbeidsdeelname van chronisch zieken te ondersteunen, is het percentage dat betaald werk of vrijwilligerswerk verricht, sinds 2001 niet gestegen.
Volgens de antidiscriminatiewet moeten deze mensen gelijke kansen hebben op het werk. Maar dat valt in de praktijk tegen, zo blijkt uit het Nederlandse onderzoek.
Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen :
1. Hoeveel chronische zieken in België in de leeftijd tussen 18 en 65 hebben geen werk. Hoeveel chronische zieken van deze categorie hebben betaald werk ?
2. Welke maatregelen heeft de federale regering getroffen om de arbeidsdeelname van de chronische zieken te verhogen ?
3. Welke maatregelen werden getroffen om de deeltijdse arbeid van de chronische zieken te verhogen ?
4. Welke zijn de oorzaken van de lage arbeidsdeelname van de chronische zieken. Kunt u dit uitvoerig toelichten ? »
Tot op heden mocht ik dienaangaande nog geen antwoord ontvangen. Derhalve ben ik zo vrij deze vraag opnieuw aan u voor te leggen. Mag ik aandringen op een spoedige mededeling van uw standpunt ?