Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-62

ZITTING 2005-2006

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Buitenlandse Zaken

Vraag nr. 3-3727 van de heer Galand d.d. 17 november 2005 (Fr.) :
Euromediterraan Partnerschap (Barcelona +10). — Tiende verjaardag. — Evaluatie van het proces.

We bevinden ons aan de vooravond van de Conferentie « Barcelona +10 » die plaatsvindt in Barcelona in november 2005 en waarop de 27 partners van het Euromediterraan Partnerschapsakkoord een reëel partnerschap tussen de landen rond de Middellandse Zee willen bevorderen. Kan de geachte minister mij zeggen hoe het engagement van de partijen om het respect voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden te bevorderen werd geëvalueerd ? Welke indicatoren en instrumenten werden gebruikt ? Wat zijn de resultaten van de evaluatie ?

De engagementen die in november 1995 in Barcelona werden aangegaan, moesten leiden tot een sterkere samenwerking met het oog op vrede, stabiliteit en welvaart.

Hoe evalueert u die samenwerking en welke mechanismen werden gebruikt om een evaluatie te maken van de vooruitgang en de lacunes in de actieplannen van het nabuurschapsbeleid, waarmee het proces van Barcelona aangevuld en zelfs versterkt werd ?

De associatieakkoorden hadden tot doel eindelijk een vrijhandelszone in te stellen. De modaliteiten van die vrijhandelszone werden bepaald in verschillende bilaterale verdragen die de verbetering van de economische prestaties van de landen aan de zuidkant van de Middellandse Zee beogen.

Kan de geachte minister mij zeggen of de resultaten in de landen die geen gas en petroleum produceren, er niet toe hebben geleid de Noord-Zuidafhankelijkheid en de sociale kloof groter te maken in plaats van het beleid ter bevordering van de Zuid-Zuidcomplementariteit te versterken ?

Wat kan de partners rond de Middellandse Zee ertoe aansporen terug te keren tot de algemene doelstellingen van de akkoorden van Barcelona, rekening houdend met de zware tegenvallers van de voorbije tien jaar in het Midden-Oosten, in Irak, maar ook na de aanslagen in New York, Madrid, Egypte en Marokko, en heel recent in het beheer van de migratiestromen ?

Antwoord : Het Euromed Proces is het belangrijkste kader voor de relaties tussen de Europese Unie en haar Zuidelijke buren. Het Proces heeft drie pijlers een politiek en veiligheidspijler, een economische en financiële pijler en een socio-culturele pijler. Het uiteindelijke doel is een zone van vrede, stabiliteit en welvaart te creëren in het Middellandse-Zeegebied.

Binnen het Euromed Proces zijn er associatieakkoorden afgesloten met de partnerlanden die de drie pijlers afdekken. Moeilijke thema's zoals mensenrechten en democratie komen aan bod in het eerste luik. In concreto voor elke aparte doelstelling in de akkoorden worden algemene deeldoelstellingen geformuleerd. Deze worden geëvalueerd in de verschillende associatiecomités en thematische subcomités. De associatieakkoorden voorzien tevens in associatieraden op ministerieel niveau. De laatsten die plaats vonden voor de Euromed regio waren op maandag 21 november 2005 met Jordanië en dinsdag 22 november 2005 met Marokko.

Het partnerschap bestaat erin dat elk partnerland, in samenspraak met de Commissie, haar prioriteiten en activiteiten bepaalt en vastlegt voor elke separate subdoelstelling in het associatieakkoord. Het tempo waarin de hervormingen plaatsvinden hangt af van de mogelijkheden en de haalbaarheid in elk land. In een gezamenlijk overleg tussen Commissie en partnerland wordt geëvalueerd of de gestelde prioriteiten werden bereikt. Indien dit niet het geval is worden zij niet positief gehonoreerd. Voor een evaluatie dient er bovendien voldoende inhoud voorhanden te zijn om werkelijk een nuttige oefening te kunnen zijn.

Misschien had men meer verwacht van het Barcelona Proces omdat men hoopte dat economische hervormingen zouden leiden tot politieke en sociale hervormingen. Hiervan is echter niet altijd en overal sprake van geweest. Desalniettemin zijn er echter een aantal positieve ontwikkelingen op te merken, zoals de betrokkenheid bij het proces van andere actoren dan regeringen en overheidsadministraties. Een groeiend aantal ondernemers en organisaties uit het maatschappelijk middenveld, werkzaam in onderwijs en op het gebied van de mensenrechten, nemen actief deel aan het Proces en organiseren zich bijvoorbeeld in het « Civil Forum ».

De institutionalisering van de vergaderingen en de routine in de contacten zijn centrale aspecten van het Barcelona Proces. In deze contacten voelt men duidelijk dat er een wil tot hervorming is maar men wil deze hervormingen niet van buitenaf opgelegd krijgen. Alle landen zijn het eens dat er een ruimte dient te worden gecreëerd op de pijlers van democratie en de eliminatie van het machtsgebruik tussen buren. Alles dient in het werk gesteld te worden om dit mogelijk te maken. Het regionale en multilaterale deel van het Barcelona Proces moet de meer normatieve engagementen van het bilaterale luik integreren.

Het Europees Nabuurschapbeleid (ENP) biedt extra mogelijkheden. Waar de associatieakkoorden algemene doelstellingen formuleren, worden in de ENP actieplannen concrete doelstellingen voor een periode van 3 tot 5 jaar vastgelegd, in gezamenlijk overleg. Er vindt een tussentijdse evaluatie plaats van de activiteiten in het kader van de actieplannen. Er bestaat de mogelijkheid dat de activiteiten op basis van de tussentijdse evaluatie worden bijgesteld.

Het doel van de associatieakkoorden alsmede de ENP actieplannen is de structuren in de Mediterrane partnerlanden in overeenstemming te brengen met de Europese procedures en standaarden. Dit moet op termijn leiden tot een volwaardig partnerschap van vrede, stabiliteit en welvaart in de Mediterrane regio.

Indien de afhankelijkheid van het Zuiden tegenover het Noorden groter was geworden, dan had men kunnen veronderstellen dat het Noorden meer van haar doelstellingen had kunnen doorzetten. Het bewijs van wederzijdse afhankelijkheid wordt echter juist geleverd door het feit dat de hervormingen plaatsvinden in het eigen tempo van de partnerlanden en niet in een door de Europese partners opgelegd tempo.

Ik ben ervan overtuigd dat alle partnerlanden de doelstellingen van het Barcelona Proces onderschrijven en dat dit bevestigd is op de Top in Barcelona, waaraan ik heb deelgenomen op 27 en 28 november 2005. Om het Barcelona Proces performanter te maken is België verheugd dat er een akkoord werd bereikt over het werkprogramma voor de volgende 5 jaar en dat er tevens voor de eerste maal een gedragscode inzake terrorisme kon worden afgesproken met alle partners.