Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-64

ZITTING 2005-2006

Vragen waarop niet werd geantwoord binnen de tijd bepaald door het reglement (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Ambtenarenzaken, Maatschappelijke Integratie, Grootstedenbeleid en Gelijke Kansen

Vraag nr. 3-4612 van Annemie Van de Casteele d.d. 3 maart 2006 (N.) :
Arbeidsvoorwaarden en beloning. — Discriminatie op basis van leeftijd. — Europese richtlijn 2000/78/EG. — Wet van 25 februari 2003 ter bestrijding van discriminatie.

In haar antwoord op mijn schriftelijke vraag nr. 3-983 (Vragen en Antwoorden, Senaat, 2004-2005, nr. 3-20, blz. 1235) stelde de voormalige minister van Werk dat België gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid van een bijkomende omzettingsperiode van 3 jaar inzake discriminatie op grond van leeftijd zoals bepaald in de Europese richtlijn 2000/78/EG.

Dat betekent dat vóór 2 december 2006 wetteksten die strijdig zijn met die richtlijn moeten worden aangepast.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen :

1. Hoever staat het met de identificatie, de inventarisatie en het onderzoek van de praktijken waarbij de leeftijd als criterium van differentiatie wordt genomen ?

2. Heeft de geachte minister ondertussen informeel advies gevraagd aan de Europese Commissie omtrent de twijfelgevallen ?

3. Zo ja, wat heeft dat opgeleverd ?