3-140

3-140

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 15 DECEMBER 2005 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Mia De Schamphelaere aan de vice-eerste minister en minister van Begroting en Consumentenzaken over ęreclame voor verbruikerskredietenĽ (nr. 3-1218)

Mevrouw Mia De Schamphelaere (CD&V). - Wie de kansarmoedeproblematiek onderzoekt, weet dat een van de voorname oorzaken van kansarmoede ligt in het feit dat mensen schulden opbouwen en geconfronteerd worden met aanslepende afbetalingsproblemen. Natuurlijk is budgetbeheer belangrijk en zijn verstandig consumeren en weerbaarheid opbouwen tegenover agressieve publiciteit belangrijke vaardigheden in onze complexe, van media doordrongen wereld. Heel wat begeleiders van gezinnen in moeilijkheden leggen zich precies daarop toe. Want zodra een schuld is opgestapeld, is het moeilijk om opnieuw een kans te krijgen. De overheid beseft dit en neemt maatregelen, onder meer in het domein van schuldbemiddeling en de reglementering voor verbruikerskredieten.

Onlangs werd de wet in dit verband op essentiŽle punten bijgestuurd. Met de wetswijziging van 24 maart 2003 werd de wet van 12 juni 1991 aangevuld met drie nieuwe vormen van verboden reclame. Die verbodsbepalingen zijn van kracht geworden op 1 januari 2004 en zijn duidelijk bedoeld als extra middelen tegen de overkreditering.

Verboden zijn reclames voor krediet waarin de consument die al met terugbetalingsproblemen kampt, wordt aangespoord om zijn/haar toevlucht te nemen tot een krediet, met slogans als `Zťlfs voor werklozen of bestaansminimumtrekkers', `een lening of een krediet, zelfs als dat elders geweigerd werd' of `Zelfs als u reeds achterstallen hebt of in een geschil verwikkeld bent'.

Eveneens verboden is reclame die misleidend het gemak en/of de snelheid waarmee het krediet bekomen kan worden, benadrukt met zinnen zoals `Eťn telefoontje en u krijgt uw geld' of `U krijgt uw geld zonder voorafgaand onderzoek'.

Ook reclame die misleidend aanzet tot het groeperen of centraliseren van de lopende kredieten met `geruststellende' formules is verboden.

Tussen 28 februari en 8 mei 2005 onderzocht het Onderzoeks- en Informatiecentrum van de Verbruikersorganisaties (OIVO) reclames voor krediet. Onder meer 221 advertenties die verschenen in streekbladen, Metro en dagbladen in de drie gewesten werden daarbij onder de loep genomen.

De bevindingen zijn zeer onrustwekkend.

Het centrum vond bijvoorbeeld reclame die de consument met betalingsproblemen aanspoort om zijn/haar toevlucht te nemen tot een krediet. Een op de vijf reclames is aansporend. Ze doen dat met advertenties waarin oproepen voorkomen als `Zelfs als u afbetalingsproblemen hebt of elders reeds geweigerd werd' of `Lening aan werklozen, zelfs als er reeds lopende kredieten zijn'.

Andere reclames leggen misleidend de nadruk op het gemak en de snelheid waarmee krediet kan worden bekomen. De onderzoekers vonden in de advertenties boodschappen als `Het is zo gemakkelijk', `Geld op uw rekening binnen 24 uur' of `Vandaag nog geld'.

Er bestaat ook tal van reclame die misleidend aanspoort tot het groeperen of centraliseren van lopende kredieten. Bijvoorbeeld met de slogan `Groepeer al uw kredieten in ťťn lening op afbetaling'.

De advertenties geraken uiteraard ook bij kwetsbare mensen, die nu al moeilijk rondkomen en die door deze advertenties verleid kunnen worden en zo nog meer in moeilijkheden riskeren te geraken.

De wetgever heeft dergelijke advertenties al verboden. De nieuwe verbodsbepalingen zijn toepasbaar sinds 1 januari 2004, maar schieten blijkbaar tekort.

Welke maatregelen zal de minister nemen om de consumentenbescherming te verbeteren, de overkreditering te bestrijden en de kredietreclame te omkaderen?

Hoe zal een strenger toezicht georganiseerd worden op de naleving van de geldende regels?

Mevrouw Freya Van den Bossche, vice-eerste minister en minister van Begroting en Consumentenzaken. - De strijd tegen overmatige schuldenlast is een permanent aandachtspunt in het beleid. Dat blijkt uit een aantal maatregelen die onlangs zijn genomen, zoals de oprichting van een positieve kredietcentrale bij de Nationale Bank van BelgiŽ, waar alle kredietovereenkomsten worden geregistreerd. Die moet er mee voor zorgen dat net dat ene krediet te veel niet meer wordt toegekend. Ik denk ook aan de wijzigingen in de wet op de schuldenregeling, die een volledige kwijtschelding van schulden mogelijk maakt. Deze maatregelen grijpen weliswaar pas in na de feiten en doen niets om schulden te voorkomen, maar ze maken wel deel uit van het volledige beleid.

Er is ook voor gezorgd dat het Fonds ter bestrijding van overmatige schuldenlast middelen kan aanwenden voor informatie- en sensibiliseringscampagnes, zodat het niet meer uitsluitend curatief, maar ook preventief kan werken.

Ten slotte zijn er de strengere regels inzake kredietreclame, waar mevrouw De Schamphelaere naar verwijst. Die zorgen ervoor dat voorschriften inzake kredietreclame ook van toepassing zijn op audiovisuele media en dat bij toekenningsvoorwaarden om een voorkeurskostenpercentage te genieten niet alleen dit percentage, maar ook het basispercentage wordt vermeld.

Diverse vormen van reclame werden ook verboden, zoals reclame die aanzet tot het groeperen van kredieten; reclame die op onrechtmatige wijze mensen die hun schulden niet kunnen afbetalen, er toch toe aanzet krediet op te nemen, en reclame die de nadruk legt op de snelheid en het gemak waarmee krediet kan worden bekomen.

De wet van 24 maart 2003 heeft ook strenge gerechtelijke sancties uitgewerkt en een controleorgaan geÔnstalleerd, dat een belangrijk en efficiŽnt middel is om effectief op te treden. Deze strengere regels zijn ingegaan op 1 januari 2004. Daardoor is BelgiŽ sindsdien een van de landen in Europa die inzake kredietreclame het verst gaan in de reglementering.

De juiste regels hebben is niet genoeg, ze moeten ook worden toegepast.

Kort na de inwerkingtreding van de wet op 1 januari 2004 werd gecontroleerd of aan alle wettelijke vermeldingen werd voldaan of het jaarlijks kostenpercentage correct werd weergegeven, ook wanneer het nul procent was, en of er geen verboden vermeldingen werden gebruikt zoals centralisatie van schulden.

Van de 377 aankondigingen die werden gecontroleerd, waren er 189 fout. Dat is heel veel. Er is dus een probleem. In zowat de helft van de aankondigingen wordt de wet niet nageleefd. Het probleem ligt niet op het niveau van de wetgeving, maar wel op het niveau van het naleven van een goede wet. Er zijn 189 processen-verbaal met een waarschuwing en 8 processen-verbaal met een minnelijke schikking opgesteld. De vastgestelde overtredingen gingen voornamelijk over het niet of niet correct vermelden van de kredietvorm, het niet of niet correct vermelden van de hoedanigheid of de identiteit van de adverteerder en het onrechtmatige verwijzen naar die gemakkelijke of al te snelle kredietverstrekking.

We hebben het verder opgevolgd. In 22 gevallen, waarbij op basis van de waarschuwing niets is veranderd, zijn er boetes uitgeschreven. Het gaat om boetes tot 3.000 euro. In een zestal gevallen werd deze boete zelfs niet eens betaald. Die dossiers zijn overgemaakt aan het bevoegde parket. De geldende regels inzake reclame voor consumentenkrediet blijven een permanent aandachtspunt. Wanneer de algemene directie Controle en Bemiddeling overtredingen vaststelt, dan stelt ze processen-verbaal op. In 2005 werden 32 processen-verbaal opgesteld. Naar aanleiding van de bemerking van het OIVO, heeft de algemene directie Controle en Bemiddeling deze dienst gecontacteerd. Als zou blijken dat het opnieuw om dezelfde overtreders gaat, zullen we heel streng optreden en hen voor het gerecht brengen.

Steeds meer mensen komen in de problemen door te veel kredieten. Ik heb de algemene directie Controle en Bemiddeling gevraagd om, naar analogie van 2004, in 2006 een nieuw algemeen onderzoek te voeren naar de regels van de kredietreclame die op 1 januari in werking zijn getreden. Ik zal u op de hoogte houden van de resultaten van het onderzoek.

(Voorzitter: de heer Hugo Vandenberghe, ondervoorzitter.)

Mevrouw Mia De Schamphelaere (CD&V). - De minister zegt voor de tweede keer deze namiddag dat de regels voor de consumentenbescherming in orde zijn. De wetgever heeft de problemen dus tijdig gezien. Er werden een aantal verboden ingevoerd in de wetgeving op de reclame voor verbruikerskredieten. Het loopt fout bij de toepassing en de handhaving. Dat is een opdracht voor de uitvoerende macht. Deze problematiek wordt elk jaar erger. De kansarmoede neemt toe. Meer en meer mensen komen in de problemen. We moeten de weerbaarheid tegen die agressieve reclame verhogen en de verboden reclame niet laten verschijnen. Hoe kan dit worden gerealiseerd? Processen-verbaal opstellen leidt blijkbaar niet tot resultaat. We moeten misschien ook eens denken aan de aansprakelijkheid van degenen die geld verdienen met het publiceren van deze advertenties. De uitgevers van de bladen halen namelijk hun inkomsten uit advertenties die verboden zijn.