3-132

3-132

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 10 NOVEMBER 2005 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Mia De Schamphelaere aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid over ęhet gevaar van slaaptekort bij artsenĽ (nr. 3-1036)

Mevrouw Mia De Schamphelaere (CD&V). - Bij artsen blijkt slaaptekort meer en meer een gevaar te vormen voor de eigen gezondheid en die van de patiŽnt. Volgens een recente studie geeft 10% van de Vlaamse gynaecologen toe dat vermoeidheid ooit tot een medische fout heeft geleid en meer dan vier procent zegt daardoor een chirurgische fout te hebben begaan.

In BelgiŽ zouden jaarlijks meer dan 2.000 doden vallen ten gevolge van medische fouten of vergissingen. De vermoeidheid van artsen speelt daarbij een belangrijke rol. Uit een enquÍte blijkt dat de helft van de gynaecologen en tachtig procent van de assistenten in opleiding meer dan zestig uur per week werken. Ook andere specialisten, zoals chirurgen en anesthesisten, kampen met oververmoeidheid.

De impact van de vermoeide arts op de gezondheid van de patiŽnt is nog maar sporadisch bestudeerd. In 2003 verschenen de ophefmakende resultaten van een onderzoek bij 3.500 jonge Amerikaanse artsen die gemiddeld 80 uur per week werkten en 5,5 uur sliepen per nacht. Twee derde zei door de permanente vermoeidheid de patiŽnten niet optimaal te verzorgen en een kwart was ervan overtuigd dat ze door slaaptekort al medische fouten hadden gemaakt. Verder gaf vermoeidheid aanleiding tot conflicten met collega's. In het algemeen bezorgde de vermoeidheid hen veel stress.

In de medische wereld heerst nog steeds de mythe dat een groot aantal werkuren je een hoog aanzien oplevert. Vermoeidheid is een bewijs dat je minder geschikt zou zijn voor de job. Er is dus vooreerst een mentaliteitswijziging vereist.

Ook de patiŽnten gaan niet vrijuit. Ze zijn vaak te veeleisend en doen veel te snel een beroep op de artsen van wacht. Veel van de nachtelijke oproepen zijn niet dringend. Dat getuigt van weinig respect voor de artsen.

Een echte oplossing vergt dus een aanpassing van de gezondheidszorgstructuren en iedereen moet daaraan mee werken. De arts of de opleider moet begrijpen dat slaaptekort een gezondheidsprobleem is voor henzelf ťn voor de patiŽnt. Het ziekenhuisbestuur moet het werk zo organiseren dat iedereen voldoende rust krijgt. De wetgever moet het maximale aantal werkuren regelen en de wetenschapper moet meer onderzoek doen naar het effect van slaap. Ook de patiŽnt moet weten wat hij wil. Alleen een arts die voldoende rust, kan op de hoogte blijven van de wetenschappelijke kennis, verleent goede zorgen en gaat niet gebukt onder vermoeidheid.

Is de minister zich bewust van dit probleem? Bestaan er in BelgiŽ initiatieven om alle actoren te sensibiliseren omtrent het gevaar van slaaptekort bij artsen? Bestaat er in BelgiŽ informatie over patient safety, waardoor artsen worden aangespoord om meer zorg te dragen voor hun eigen gezondheid en voor de veiligheid van de patiŽnt? Is de minister bereid hierover onderzoek te voeren en nascholing te organiseren?

De heer Rudy Demotte, minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid. - De medische wereld is zich bewust van de bedreiging van de veiligheid van de patiŽnt door oververmoeidheid van de arts. Uit de litteratuur blijkt inderdaad dat er een verband bestaat tussen oververmoeidheid en de veiligheid van de zorgverlener en van de patiŽnt. De impact hiervan op Belgische patiŽnten werd, voor zover we hebben kunnen nagaan, enkel becijferd op basis van buitenlandse gegevens.

In BelgiŽ oefenen artsen de geneeskunde uit als vrij beroep. Bijgevolg bepalen ze zelf hoeveel uren ze presteren. Artsen dienen zich bewust te zijn van het gevaar van oververmoeidheid en hun verantwoordelijkheid hieromtrent. Wij rekenen dan ook op de deontologie en de autocontrole van de betrokken beroepsgroep en de samenwerking tussen de beroepsgroepen.

Het is bekend dat medische fouten niet uitsluitend aan overwerk zijn toe te schrijven. De meeste fouten en vermijdbare ongewenste resultaten zijn toe te schrijven aan systeemfouten en verkeerde procedures.

In het globale kwaliteitsbeleid van een zorginstelling dient risicobeheer dan ook een belangrijke plaats in te nemen.

In verband met vorming en onderzoek, wordt aan dertig ziekenhuizen die meewerken aan een proefproject gevraagd om aan een patiŽntenveiligheidscultuur te werken. Zij zullen een rapporteringsysteem van incidenten en `bijna-incidenten' als kwaliteitsinstrument ontwikkelen. Tevens wordt onderzocht of er een specifieke commissie rond patiŽntenveiligheid dient te worden opgericht. In de toekomst zullen de oorzaken van incidenten en `bijna-incidenten' kunnen worden geanalyseerd. Onderzoek zal dan kunnen uitmaken welk aandeel vermoeidheid en overwerk daarin heeft.

In de eerstelijnsgezondheidszorg lopen proefprojecten over performantie-indicatoren, onder meer in de wachtdiensten. Deze studies hebben een niet onbelangrijk sensibilisatiegehalte.

Mevrouw Mia De Schamphelaere (CD&V). - Ik noteer dat er proefprojecten lopen.

Vaak zijn artsen inderdaad beoefenaars van vrije beroepen, maar in ziekenhuizen is dat niet steeds het geval. Specialisten in opleiding en veel specialisten verbonden aan een ziekenhuis kunnen niet zomaar vrij hun werkuren kiezen. Veel hangt dan af van de organisatie van het ziekenhuis.