3-106

3-106

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 14 APRIL 2005 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van mevrouw Mia De Schamphelaere aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid over ęde financiering van het sociaal akkoord voor de verzorgingssectorĽ (nr. 3-655)

Mevrouw Mia De Schamphelaere (CD&V). - Vorige maand behaalde de federale regering ogenschijnlijk een succes toen ze met de vakbonden van de verzorgingssector een akkoord bereikte om een einde te maken aan de `witte woede'.

De grote afwezigen bij die onderhandelingen waren de werkgevers. Die beseffen langzaamaan welke gevolgen dat akkoord voor hen zou kunnen hebben. De Vereniging van Openbare Verzorgingsinstellingen, de VOV, dreigt nu de uitvoering van het akkoord te blokkeren. Hiermee zou de oplossing voor de witte woede op de helling komen te staan. De VOV, en in het bijzonder de OCMW's, vrezen immers dat de middelen ontbreken om het akkoord te financieren en dat uiteindelijk de lokale besturen en de patiŽnten zullen opdraaien voor de meerkosten van het akkoord. Het is inderdaad nog niet duidelijk waar de nodige 78 miljoen euro zullen worden gehaald. De minister heeft aangegeven dat 55 miljoen euro moet worden gezocht binnen het RIZIV-budget, dat nu reeds een tekort van 513 miljoen euro heeft. Over de overige 23 miljoen euro is nog helemaal niets gezegd.

Kan de minister precies aangeven hoe het akkoord, met een minimaal geraamde kostprijs van 78 miljoen euro, zal worden gefinancierd?

Zullen de werkgevers de kans krijgen om in het bevoegde paritaire comitť te onderhandelen over alle praktische uitvoeringsbepalingen? Het gaat immers niet alleen om financiŽle middelen maar ook om praktische problemen, zoals de werkroosters, de vakantieperiodes, de vrije dagen vanaf een bepaalde leeftijd enzovoort.

De heer Rudy Demotte, minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid. - De bewering dat zich in de ziekteverzekering in 2005 opnieuw een tekort van 513 miljoen euro zou voordoen, steunt op geen enkel objectief gegeven en is totaal uit de lucht gegrepen.

Via een strikte begrotingsmonitoring en de bepalingen van de gezondheidswet zal de naleving van de groeinorm van 4,5 procent worden gewaarborgd.

De groeinorm heeft niet alleen betrekking op de uitgavengroei bij ongewijzigd beleid, maar moet tevens instaan voor het dekken van nieuwe behoeften.

De uitgavengroei die het gevolg is van de toenemende vraag naar zorg, moet uiteraard ook rekening houden met de behoefte aan bijkomend personeel met een passende bezoldiging. Door een gedeelte van de financiering buiten de groeinorm te plaatsen, heeft de regering een extra inspanning geleverd. Ik betreur het dan ook dat het VOV dit belangrijke engagement van de regering miskent.

De werkzaamheden in verband met het sluiten van een sociaal akkoord met de vakbonden en de werkgevers van de publieke sector worden in de komende weken voortgezet.

Mevrouw Mia De Schamphelaere (CD&V). - Ik vind de laatste zin van de minister bijzonder merkwaardig. Het akkoord is dus blijkbaar nog niet helemaal afgerond.

Mijn tweede opmerking betreft de waarborg dat de werkgevers, waarmee ik de OCMW's, de steden en gemeenten bedoel, in geen geval de meerkosten of een gedeelte ervan zullen moeten betalen. Iedereen weet dat de financiŽle druk op de gemeenten de jongste jaren is toegenomen. De afspraken die na de witte woede met de verzorgingssector werden gemaakt, mogen niet ten laste komen van de begrotingen van de steden en gemeenten. Het VOV vraagt dat de federale regering die garantie geeft.

De heer Rudy Demotte, minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid. - We zullen later nog de gelegenheid hebben om dat te bespreken.

Mevrouw Mia De Schamphelaere (CD&V). - Ik leid hieruit af dat die garantie er nog niet is.