3-929/2

3-929/2

Belgische Senaat

ZITTING 2004-2005

14 DECEMBER 2004


Wetsontwerp houdende instemming met het Protocol opgesteld op grond van artikel 43, lid 1, van de Overeenkomst tot oprichting van een Europese Politiedienst (Europol-Overeenkomst), tot wijziging van artikel 2 en de Bijlage bij die Overeenkomst, gedaan te Brussel op 30 november 2000


VERSLAG

NAMENS DE COMMISSIE VOOR DE BUITENLANDSE BETREKKINGEN EN VOOR DE LANDSVERDEDIGING UITGEBRACHT DOOR DE HEER GALAND


De commissie voor de Buitenlandse Betrekkingen en voor de Landsverdediging heeft het voorliggend wetsontwerp besproken tijdens haar vergadering van 14 december 2004.

I. INLEIDENDE UITEENZETTING DOOR DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Dit protocol tot wijziging heeft tot doel de bevoegdheid van Europol uit te breiden tot verschillende vormen van witwassen van geld, zonder dat de criminele gedraging die aan de grondslag lag van het witwassen binnen de bevoegdheid van Europol dient te vallen.

II. ALGEMENE BESPREKING

De heer Galand wijst erop dat Europol op dit ogenblik alleen bevoegd is voor het witwassen van opbrengsten uit vormen van criminaliteit die onder zijn bevoegdheid vallen. Er bestaan echter vormen van criminaliteit inzake witwaspraktijken die niet onder de Overeenkomst vallen. De bevoegdheden moeten dus uitgebreid worden zodat ook de strijd tegen andere vormen van witwasserij mogelijk wordt.

De minister van Buitenlandse Zaken antwoordt dat de Europol-Overeenkomst in het algemeen vormen van criminaliteit van transnationale aard betreft. De lidstaten hebben trouwens het principe van de nationale subsidiariteit goedgekeurd, wat betekent dat Europol niet in de plaats van de nationale politiediensten kan optreden.

De heer Galand herinnert eraan dat de Europese Raad de Raad verzoekt de bevoegdheid van Europol te verruimen tot het witwassen in het algemeen ongeacht het soort misdrijf waarvan de witgewassen opbrengsten afkomstig zijn (56e conclusie van de Europese Raad te Tampere, 15 en 16 oktober 1999).

De minister antwoordt dat witwasserij als zodanig tot de bevoegdheden van Europol behoort op voorwaarde dat ten minste twee lidstaten betrokken zijn en dat er sprake is van georganiseerde misdaad. Het primaire misdrijf blijft echter bestaan en gaat daaraan vooraf.

III. STEMMINGEN

De artikelen 1 en 2 alsook het wetsontwerp 3-929/1 in zijn geheel worden eenparig aangenomen door de 9 aanwezige leden.

Vertrouwen werd geschonken aan de rapporteur voor het opstellen van dit verslag.

De rapporteur, De voorzitter,
Pierre GALAND. François ROELANTS du VIVIER.

De door de commissie aangenomen tekst
is dezelfde als de tekst
van het wetsontwerp
(zie stuk Senaat, nr. 3-929/1 — 2004-2005)