Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 3-8

ZITTING 2003-2004

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Vice-eerste minister en minister van Justitie

Vraag nr. 3-340 van de heer Galand d.d. 15 oktober 2003 (Fr.) :
Sekten. ­ Onwettige praktijken. ­ Opening te Brussel van een Europees bureau voor public affairs en rechten van de mens door de Scientology Church.

Op 28 april 1997 dienden de heren Duquesne en Willems in de Kamer het verslag in dat de parlementaire onderzoekscommissie van de Kamer met het oog op de beleidsvorming ter bestrijding van de onwettige praktijken van de sekten en van de gevaren ervan voor de samenleving en voor het individu, inzonderheid voor de minderjarigen, had opgesteld.

In dat verslag komt de Scientology Church aan bod op bladzijde 307 en worden haar verdachte praktijken toegeschreven, meer bepaald « het inschakelen van mantelorganisaties om leden te werven ».

Het verslag meldt op bladzijde 310 ook nog dat in 1985 een VZW « Oui à la vie, non à la drogue » is opgericht en vervolgens ontbonden, wat de organisatie in staat heeft gesteld in contact te komen met de gemeentelijke autoriteiten en met klassen van het lager onderwijs. Het verslag besloot : « In een eerste fase streeft deze campagne een zeer nobel doel na, maar in feite zou het er om gaan een promotiecampagne te voeren, waarin informatie wordt verspreid over Scientology teneinde nieuwe leden te werven. »

Hetzelfde verslag verwijst naar pogingen van de Scientology Church om een conferentie te organiseren onder de dekmantel van haar vereniging « Citizens Commission of Human Rights ».

In de zomer van 2003 heeft de internationale Scientology Church in Brussel (in de Wetstraat nr. 91) een « Europees bureau voor public affairs en rechten van de mens » geopend. Ik kreeg in mijn hoedanigheid van Belgisch senator een uitnodiging voor de opening van dat bureau op 17 september 2003, gevolgd door een telefoontje van ene « Karl ». Het Europees bureau richt zich dus zowel tot Belgische als tot Europese parlementsleden.

De Kamercommissie verduidelijkte in haar conclusies en aanbevelingen dat in dat verband een verscherpte waakzaamheid geboden is. Heeft de geachte minister het verslag dat in december 1995 aan de Staatsveiligheid is gevraagd al ontvangen ? Krijgt ze geregeld informatie van de verbindingsmagistraten die in 1997 belast zijn met het volgen van de evolutie van dit fenomeen en met het informeren van de minister over de illegale en gevaarlijke praktijken van de sekten ? Vinden er geregeld coördinatievergaderingen plaats tussen de FOD Justitie en de FOD Binnenlandse Zaken, zoals in 1996 is voorgesteld ?

Kortom, welke effectieve maatregelen en welke resultaten zijn er te melden door de ministers van Binnenlandse Zaken, van Justitie en van Financiën, om de lacunes aan te vullen in de activiteit van de parketten en van de politie- en inlichtingendiensten, alsook het gebrekkig optreden van de diensten van Financiën en Sociale Zaken bij de informatie en de coördinatie met betrekking tot de financiële, fiscale en sociale aspecten van de strafbare praktijken van de sekten ?

Antwoord : 1. De Veiligheid van de Staat heeft haar opmerkingen toegezonden aan de vorige ministers van Justitie. Zij werd betrokken in het proces van de inwerkingtreding van de aanbevelingen geformuleerd door de parlementaire onderzoekscommissie. Om die reden heeft zij haar bijdrage op datum van 5 november 1997 overgezonden.

Nadien werd de Veiligheid van de Staat eveneens betrokken in de werkzaamheden van de werkgroep belast om in het ministerie van Justitie, de voornoemde aanbevelingen te vertalen in wettelijke bepalingen.

Deze opdracht is in fine uitgemond in de goedkeuring van de wet van 2 juni 1998 (Belgisch Staatsblad van 25 november 1998) houdende oprichting van een informatie- en adviescentrum inzake de schadelijke sektarische organisaties en van een administratieve coördinatiecel inzake de strijd tegen schadelijke sektarische organisaties. De samenstelling, werking en organisatie van de administratieve coördinatiecel inzake de strijd tegen schadelijke sektarische organisaties zijn vastgelegd in het koninklijk besluit van 8 november 1998 (Belgisch Staatsblad van 9 december 1998). Het informatie- en adviescentrum inzake de schadelijke sektarische organisaties is operationeel sedert augustus 2000.

Er wordt eveneens aan herinnerd dat de opdrachten van de Veiligheid van de Staat zijn bepaald in de wet van 30 november 1998 (Belgisch Staatsblad van 18 december 1998) houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Artikel 7, 1º, van deze wet preciseert dat de Veiligheid van de Staat als opdracht heeft het inwinnen, analyseren en verwerken van inlichtingen die betrekking hebben op elke activiteit die de inwendige veiligheid van de Staat en het voortbestaan van de democratische en grondwettelijke orde, de uitwendige veiligheid van de Staat en de internationale betrekkingen, het wetenschappelijk of economisch potentieel, zoals gedefinieerd door het ministerieel comité, of elk ander fundamenteel belang van het land, zoals gedefinieerd door de Koning op voorstel van het ministerieel comité, bedreigt of zou kunnen bedreigen. Artikel 8 van dezelfde wet preciseert dat voor de toepassing van artikel 7, wordt verstaan onder (1º, e) « schadelijke sektarische organisatie : elke groep met filosofische of religieuze inslag of die voorwendt dat te zijn en die qua organisatie of in haar praktijk schadelijke onwettige activiteiten uitoefent, individuen of de maatschappij nadeel berokkent of de menselijke waardigheid schendt ».

2. Wat de overdracht van de gegevens afkomstig van de verbindingsmagistraten betreft, is een brief gericht aan het College van procureurs-generaal teneinde nadere informatie te bekomen. De Veiligheid van de Staat werkt samen met het openbaar ministerie in het kader van de omzendbrief nr. COL 13/99 die de wijzen van samenwerking tussen het openbaar ministerie en de Veiligheid van de Staat organiseert. Evenzo wordt de Veiligheid van de Staat vertegenwoordigd in de administratieve coördinatiecel waarmee zij samenwerkt. Zij brengt eveneens de minister op de hoogte van de verschillende ontwikkelingen in de activiteiten van de schadelijke sektarische organisaties.

3. De vergaderingen bedoeld in de vraag worden bijgevolg gehouden in het kader van de coördinatiecel, samengesteld uit de politiediensten, het openbaar ministerie alsook uit verschillende federale overheidsdiensten waaronder de FOD Financiën, de FOD Justitie, de FOD Binnenlandse Zaken, de FOD Landsverdediging, de FOD Personeel en Organisatie alsook de FOD Tewerkstelling en Arbeid. De coördinatiecel komt verschillende keer per jaar bijeen.

Gelieve aan te stippen dat verschillende aangelegenheden die betrekking hebben op organisaties die vallen onder de definitie van schadelijke sektarische organisatie aanhangig zijn bij verschillende rechterlijke instanties. Deze zaken hebben onder andere betrekking op de Scientology-kerk, Ogyen Kinzang Choling en Spiritual Human Yoga.

4. Op verzoek van de minister van Justitie heeft de Veiligheid van de Staat haar onlangs een « werknota » bezorgd inzake de Scientology-kerk. Op grond daarvan heeft de minister een brief gestuurd aan de autoriteiten van de gemeenschappen bevoegd voor het onderwijs teneinde hen op die wijze bepaalde recente gegevens mee te delen.