3-38

3-38

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 22 JANUARI 2004 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van mevrouw Mia De Schamphelaere aan de minister van FinanciŽn over ęhet niet doorrekenen van de aangekondigde belastingverlaging voor gehuwdenĽ (nr. 3-162)

Mevrouw Mia De Schamphelaere (CD&V). - In de bijlagen bij de belastingaangifte voor 2003 werden de belastingplichtigen op de hoogte gebracht van de verminderingen die ze zouden kunnen genieten.

In het voorjaar van 2003 kondigde de minister allerlei belastingverlagingen aan. Hij herhaalde die belofte nog eens in een grote persconferentie in het najaar van 2003.

Begin december stelde ik hem de vraag waarom de bedrijfsvoorheffingsschalen nog niet bekendgemaakt waren. Die waren uiteindelijk pas op 23 december voorhanden. Nu blijkt dat in die nieuwe schalen geen rekening wordt gehouden met de belastingvermindering die in het parlement werd goedgekeurd. De aangekondigde belastingverlaging zal in 2004 nog niet gelden voor gehuwde gepensioneerden en werkende gehuwden. Misschien komt daar verandering in 2006 bij de eindafrekening.

Andere categorieŽn staat ook een onaangename verrassing te wachten. Zo zullen personen die een ziekte-uitkering genieten of loopbaanonderbreking hebben, op hun uitkering meteen bedrijfsvoorheffing moeten betalen, terwijl dat tot nog toe pas bij de fiscale eindafrekening gebeurde. Dat alles is een gevolg van het koninklijk besluit dat een aanpassing voorschrijft van de bedrijfsvoorheffingsschalen en dat verschenen is op 23 december 2003.

1.Klopt het dat een reeks wettelijk vastgelegde belastingverminderingen inzake bedrijfsvoorheffing niet worden doorgerekend in 2004?

2.Hoe valt dat te rijmen met de eerdere aankondigingen van de minister inzake `de opheffing van fiscale discriminaties in 2004'?

3.Is hier geen sprake van een schending van het gelijkheidsbeginsel? De wetgever heeft immers door de wet van 10 augustus 2001 een aantal discriminaties willen opheffen. Nu ziet het er naar uit dat die in stand worden gehouden door het aanhouden van de bedrijfsvoorheffing.

De heer Didier Reynders, minister van FinanciŽn. - Theoretisch is het natuurlijk altijd mogelijk om sneller vooruit te gaan met de uitvoering van de fiscale hervorming. Toch is het een feit dat de regering de belastinghervorming volledig en tot in de kleinste details uitvoert, precies zoals ze in 2001 is goedgekeurd en zoals ze aan de bevolking is meegedeeld. Er is dus geen sprake van enige vertraging.

Uiteraard klopt het dat een belangrijk deel van de belastingverlaging pas definitief doorwerkt via de inkohieringen. Ook daarbij gaat het echter altijd om de uitvoering naar de letter van de wet die het parlement al in 2001 in alle transparantie unaniem goedkeurde. Daarin zat ook vervat dat bepaalde maatregelen onmiddellijk via de bedrijfsvoorheffing zouden worden verrekend. Andere maatregelen, zoals het wegwerken van de discriminaties tussen gehuwden en ongehuwden, zouden worden uitgevoerd via de inkohieringen.

Bovendien heeft de regering, ondanks de strikte begrotingsdiscipline waardoor BelgiŽ al vier jaar op rij een begroting in evenwicht heeft in moeilijke economische omstandigheden, gezorgd voor de afschaffing van de aanvullende crisisbijdrage en de indexering van de belastingschalen. Die maatregelen alleen al zijn goed voor een gecumuleerde belastingverlaging van ruim 2,25 miljard euro tussen 1999 en 2003. Die belastingverlaging is volledig verwerkt in de bedrijfsvoorheffing. In 2004 wordt de inspanning doorgetrokken: de belastingschalen zijn opnieuw geÔndexeerd sinds 1 januari, waardoor ook de bedrijfsvoorheffing vanaf die datum vermindert. De laatste stap van de belastinghervorming is ingegaan. Voor de begroting 2004 bedraagt de bijkomende impact van beide maatregelen meer dan 1,1 miljard euro. Dat zijn de feiten.

Daarnaast benadruk ik dat de regering wil doorgaan met haar maatregelen ter verlaging van de belastingdruk op arbeid. Zo werd de fiscale hervorming zelfs al versterkt door de uitbreiding van de aftrekbaarheid van energiebesparende investeringen. Ook werd een vrijstelling van doorstorting van een deel van de bedrijfsvoorheffing toegekend ten gunste van instellingen van wetenschappelijk onderzoek. Die maatregel werd nog versterkt tijdens de ministerraad van Gembloers vorig weekend. Hetzelfde principe zal vanaf 1 juli worden toegepast voor ondernemingen die gebruik maken van ploegen- en nachtarbeid. Ten slotte werd in Gembloers afgesproken dat restaurantkosten zowel in binnen- als buitenland vanaf 2004 voor 62,5 procent aftrekbaar zijn als beroepskosten. Dat percentage wordt vanaf 2005 zelfs opgetrokken tot 75 procent.

Ik herhaal dat de regering de belastinghervorming die het parlement in 2001 unaniem heeft goedgekeurd, integraal uitvoert. De regering is zelfs al verder gegaan, ze heeft de fiscale barema's opnieuw volledig geÔndexeerd, ze heeft de crisisbijdrage afgeschaft en ze komt nu ook met nieuwe maatregelen inzake de fiscale hervorming, zoals de aftrekbaarheid van restaurantkosten.

Het is natuurlijk niet verboden aan te dringen op een snellere uitvoering van de fiscale maatregelen. Ik wijs er mevrouw De Schamphelaere op dat de regering tot dusver geen beslissing in die zin heeft genomen.

De afschaffing van de discriminaties wil de regering realiseren via de inkohieringen, zoals voorgeschreven in de belastinghervorming die het parlement in 2001 heeft goedgekeurd. Als het mevrouw De Schamphelaere interesseert, kan ik haar enkele tabellen bezorgen uit de verslagen van Kamer en Senaat over de bespreking van de belastinghervorming in 2001. De regering heeft zich altijd gehouden aan wat toen is beslist.

Mevrouw Mia De Schamphelaere (CD&V). - Ik dank de minister voor zijn openhartige toelichting over het koninklijk besluit betreffende de bedrijfsvoorheffingsschalen. Hij geeft toe dat de discriminaties pas via de inkohiering in 2006 zullen worden weggewerkt.

In de rechtspraak is de opvatting gegroeid dat de belastingplichtigen slechts kunnen worden belast volgens het belastingstelsel dat op hen van toepassing is en via de bedrijfsvoorheffing. Het koninklijk besluit van 23 december 2003 mist een wettelijke grond en kan daarom worden aangevochten.

Sommige gezinnen met twee werkende partners betalen nu 200 euro per maand te veel belastingen omdat de bedrijfsvoorheffing nog niet is aangepast. Voor een modaal echtpaar betekent de maatregel dat het dit jaar gemiddeld 885 euro te veel belastingen zal betalen. Wellicht wordt dat bedrag terugbetaald in 2006, maar het betekent wel dat het dit jaar een soort renteloze lening krijgt opgelegd.