3-336/1

3-336/1

Belgische Senaat

ZITTING 2003-2004

14 NOVEMBER 2003


Wetsvoorstel tot wijziging van de gecoördineerde ziekteverzekeringswet, met het oog op de organisatie van verkiezingen tot vaststelling van de vertegenwoordiging van de representatieve beroepsorganisaties van de verpleegkundigen in de organen van het RIZIV

(Ingediend door mevrouw Annemie Van de Casteele c.s.)


TOELICHTING


Dit wetsvoorstel neemt de tekst over van een voorstel dat reeds op 5 juni 2000 in de Kamer van volksvertegenwoordigers werd ingediend (stuk Kamer, nr. 50-0702/001 ­ 1999/2000).

Het stelsel van de ziekte- en invaliditeitsverzekering wordt paritair beheerd. Dat betekent dat de financierders van het stelsel deel uitmaken van de beheersorganen van het RIZIV. Concreet betekent dit dat de werkgevers/zelfstandigenorganisaties en werknemers dit paritair beheer waarnemen. Daarnaast nemen ook de zorgverstrekkers (artsen, verpleegkundigen, ... ) deel aan de besluitvorming, hetzij in een adviserende rol, hetzij in een medebeslissingsrol.

De belangrijkste inbreng van zorgverstrekkers situeert zich in de overeenkomstencommissies waar zij samen met de ziekenfondsen onderhandelen over de hoogte van de honoraria.

Totnogtoe was de vertegenwoordiging van de zorgverstrekkers gebaseerd op historische situaties en politieke voorkeuren. Nieuwe syndicale organisaties van zorgenverstrekkers zijn bijgevolg afwezig in de diverse RIZIV-organen.

Voor artsen kwam hierin voor het eerst verandering in 1998, toen medische verkiezingen werden gehouden. Voor het eerst konden artsen hun stem uitbrengen op de syndicale organisatie van hun voorkeur. Tot dan toe had men gewerkt met systemen van ledentellingen die bijzonder sporadisch plaatsvonden en die nooit resulteerden in een evenwichtige vertegenwoordiging omdat zij altijd uitdraaiden in onmogelijke discussies over fraude.

Het probleem van de representativiteit is dus opgelost voor artsen, maar zeker niet voor andere zorgverstrekkers. Een acuut probleem is de vertegenwoordiging van de thuisverpleegkundigen, maar ook bij andere groepen van zorgverleners doet dit probleem zich voor.

Binnen de groep van thuisverplegenden is de laatste jaren spanning ontstaan tussen zelfstandig werkende thuisverplegenden en de diensten thuisverpleging.

Niet alleen verschillen beiden sterk in de wijze waarop zij georganiseerd zijn (zelfstandigen versus loontrekkenden), er zijn ook aangeslotenen bij andere belangengroeperingen. De verscheidenheid op het werkveld van verenigingen, maakt een verkiezing noodzakelijk om de representativiteit in de RIZIV-organen meer legitimiteit te geven.

De veelheid aan organisaties die de belangen van de thuisverpleegkundigen verdedigen mag geen excuus zijn om geen verkiezingen te houden. Zij moet integendeel aanzetten tot verkiezingen en stelt alleen de huidige vertegenwoordiging binnen de RIZIV-organen des te meer in vraag.

De indieners van dit wetsvoorstel opteren voor een verkiezingssysteem om de representativiteit van de verpleegkundigen in de organen van het Instituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering vast te stellen. Zij doen dit om te komen tot een zo groot mogelijke uniformiteit bij het vaststellen van de representativiteit van artsen en andere zorgverstrekkers.

De vaststelling van de datum tegen wanneer de verkiezingen moeten worden georganiseerd moet de overheid aanzetten om de verkiezing binnen afzienbare tijd te organiseren.

Annemie VAN de CASTEELE.
Jacques GERMEAUX.
Patrik VANKRUNKELSVEN.

WETSVOORSTEL


Artikel 1

Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

Art. 2

In de bij het koninklijk besluit van 14 juli 1994 gecoörineerde wet van 9 augustus 1963 tot instelling en organisatie van een regeling voor verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen wordt een artikel 211bis ingevoegd luidende :

« Art. 211bis. ­ Overeenkomstig de door de Koning te bepalen nadere regels organiseert het Instituut om de vier jaar verkiezingen op basis van welke de vertegenwoordiging van de representatieve beroepsorganisaties van verpleegkundigen wordt geregeld in de door de Koning aangewezen organen van het instituut.

De verkiezingen zijn geheim en geschieden volgens het kiessysteem van de evenredige vertegenwoordiging.

De Koning bepaalt, bij een in de Ministerraad overlegd besluit, de voorwaarden waaraan de beroepsorganisaties van de verpleegkundigen moeten voldoen om als representatief erkend worden.

De eerste verkiezingen worden gehouden uiterlijk op 1 januari 2005. »

23 oktober 2003.

Annemie VAN de CASTEELE.
Jacques GERMEAUX.
Patrik VANKRUNKELSVEN.