2-920/1 | 2-920/1 |
9 JULI 2002
Wij, Russische en Belgische parlementsleden, hebben onze analyses, statistieken en economische en politieke informatie met elkaar gedeeld en stellen samen het volgende vast :
Migratie is een toenemend fenomeen in Europa en in Rusland en dat zal ten minste gedurende de volgende tien jaar zo blijven. Aan de basis van de toename van de migratie liggen diepliggende sociaal-economische en politieke factoren die verband houden met de ruimte van vrijheid waar Europa en Rusland voor staan. Het gaat onder meer om de volgende factoren :
de armoede en de ongelijkheid van de levensomstandigheden;
de verandering van het evenwicht in de wereld zowel in Europa als op het grondgebied van de voormalige Sovjetunie;
de behoefte om een nieuwe wereld te ontdekken. Voor de Europeanen is dat een wereld in het oosten, voor de Russische staatsburgers een wereld in het westen;
de behoefte om te genieten van zijn bewegingsvrijheid;
het wederzijds zoeken naar nieuwe economische kansen;
voor sommigen, het zoeken naar rendabele criminele activiteiten in gebieden die sinds kort gemakkelijk toegankelijk zijn.
Migratie is een dynamisch verschijnsel dat zich ontwikkelt onder invloed van een heel complex van objectieve en subjectieve oorzaken en kan zowel een positieve als een negatieve invloed hebben op de sociaal-economische en politieke stabiliteit. De praktijk in de meeste landen die de migratiedruk ondervonden hebben wijst uit dat het tempo van de migratie de staten niet toelaat om de migratieprocessen te regelen en te reageren op de gevolgen ervan. Het is duidelijk dat als de migratieprocessen chaotisch verlopen en niet gestuurd kunnen worden, het niveau van de veiligheid van de staten verlaagt. Een dergelijke situatie leidt dikwijls tot talrijke problemen in de opvanglanden van de migranten en deze vragen de bijzondere aandacht van de internationale gemeenschap.
Wij, Russische en Belgische parlementsleden, hebben de cijfers uitgewisseld die nodig zijn om het fenomeen te kunnen inschatten. Voor België betreft het statistieken van 1997 tot 2000. Voor Rusland betreft het een algemene raming van het aantal vreemdelingen en van de tendensen inzake de immigratie.
Uit de gegevens waarover wij beschikken, blijkt dat de immigratiestromen voor onze landen er als volgt uitzien :
Immigratie per nationaliteit (10 eerste nationaliteiten buiten Europese Unie)
| Land Pays |
1997 | 1998 | 1999 | 2000 |
| Algerije. Algérie | 8 878 | 8 452 | 8 313 | 7 685 |
| Democratische Republiek Congo. République démocratique du Congo | 12 130 | 12 397 | 12 458 | 11 357 |
| Indië. Inde | 3 059 | 3 156 | 3 309 | 3 400 |
| Marokko. Maroc | 132 831 | 125 082 | 121 984 | 106 822 |
| Polen. Pologne | 6 034 | 6 319 | 6 749 | 6 928 |
| Roemenië. Roumanie | 2 150 | 2 063 | 2 311 | 2 391 |
| Tunesië. Tunisie | 4 655 | 4 243 | 4 159 | 3 615 |
| Turkije. Turquie | 73 818 | 70 701 | 69 183 | 56 172 |
| Verenigde Staten. États-Unis | 12 592 | 12 394 | 12 235 | 11 852 |
| Ex-Joegoslavië. Ex-Yougoslavie | 1 309 | 8 942 | 10 466 | 5 951 |
| Totaal. Total | 257 456 | 253 749 | 251 167 | 218 173 |
(1) Bron : NIS.
Immigratie per geslacht
| Continent Continent |
1997 | 1998 | 1999 | 2000 | ||||
| M/H | V/F | M/H | V/F | M/H | V/F | M/H | V/F | |
| Europa (buiten EU). Europe (hors UE) | 49 301 | 51 968 | 47 730 | 51 448 | 49 621 | 53 854 | 40 988 | 46 032 |
| Azië. Asie | 12 411 | 13 266 | 12 123 | 13 511 | 12 647 | 14 318 | 12 724 | 14 927 |
| Afrika. Afrique | 91 495 | 79 629 | 86 996 | 76 341 | 85 696 | 75 363 | 76 451 | 67 294 |
| Amerika. Amérique | 10 176 | 11 859 | 10 115 | 11 967 | 10 287 | 12 315 | 10 257 | 12 303 |
| Oceanië. Océanie | 341 | 349 | 373 | 349 | 392 | 399 | 413 | 433 |
| Vluchtelingen. Réfugiés | 10 773 | 8 924 | 9 803 | 8 098 | 9 810 | 8 099 | 8 223 | 6 734 |
| Staatlozen onbekend. Apatrides inconnue | 389 | 193 | 195 | 195 | 444 | 259 | 463 | 309 |
| Totaal. Total | 472 864 | 430 256 | 464 834 | 427 146 | 465 903 | 431 207 | 445 908 | 415 777 |
| Totaal. Total | 903 120 | 891 980 | 897 110 | 861 685 | ||||
Volgens schattingen van deskundigen verblijven momenteel ongeveer 10 miljoen vreemdelingen in de Russische Federatie waarvan ongeveer 5,5 miljoen illegale immigranten buitenlandse burgers of personen zonder staatsburgerschap. Dit is evenwel een ruwe schatting omdat het in de Russische Federatie moeilijk is om betrouwbare statistische gegevens te verkrijgen aangezien er geen eenvormig systeem bestaat om aankomst, verblijf en vertrek van vreemdelingen te registreren.
De laatste vijf jaar is het aantal illegale immigranten dat aan de grenzen is tegengehouden meer dan vertienvoudigd. De meerderheid van de illegale immigranten zijn burgers uit lidstaten van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS), vooral van over de Kaukasus en Centraal Azië, alsook uit Afghanistan, China, Viëtnam, Iran, Pakistan, KNDR, Sri Lanka en uit een aantal Afrikaanse landen.
Alleen al in 1999 werd aan 30 000 vreemdelingen, potentieel illegale immigranten, de wettelijke toegang tot het grondgebied geweigerd aan de grensposten van de Russische Federatie. In 2000 betrof het reeds meer dan 61 000 personen en in het eerste trimester van 2001 ging het om 34 000 personen.
De voornaamste factoren voor de toevloed van illegale immigranten in Rusland zijn : de betere economische situatie en de relatief hogere levensstandaard in vergelijking met analoge parameters van de GOS-lidstaten en een aantal verderliggende Staten; het opduiken van alternatieve eigendomsvormen op de Russische markt; evenals de arbeidsmogelijkheden. Bovendien vereenvoudigt de geografische ligging van Rusland de transit van Azië naar Europa.
De toevloed van illegale immigranten wordt eveneens bepaald door de substantiële versoepeling van het visumbeleid in zowel Rusland als in het merendeel van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten, het feit dat sommige sectoren van de Russische grens weinig gecontroleerd worden (de strook Rusland-Kazachstan) evenals de quasi-transparantie van de grenzen tussen de Lidstaten van het GOS. Criminele groepen van illegale immigranten hebben in de grote Russische steden een markt van goederen en diensten gecreëerd die niet wordt gecontroleerd, waarbij zij fiscale fraude plegen en illegale commerciële activiteiten ontplooien, wapens en drugs smokkelen, wat de criminogene situatie compliceert. In 2000 bedroeg het aandeel van migranten in de misdaden die op het grondgebied van de Russische Federatie werden gepleegd 7,5 % van het totaal.
De toename van de migratiestromen naar Rusland, het gebruik van het Russische grondgebied voor de transit van illegale migratie evenals de versterking van de buitengrenzen van de Europese Unie, van de Baltische Staten, van Oekraïne en van Polen leiden tot een massieve concentratie van illegale immigranten op het Russische grondgebied.
Momenteel is de toename van de illegale stromen van buitenlandse werkkrachten naar Rusland een van de meest acute problemen. Volgens verschillende schattingen bedraagt de illegale arbeidsmigratie op het grondgebied van de Russische Federatie 3,5 tot 5 miljoen mensen. Daarbij komt dat de illegale buitenlandse arbeiders op de arbeidsmarkt gedeeltelijk de Russische burgers verdringen. Dit zorgt op zijn beurt voor een verhoging van de werkloosheid bij de Russische burgers.
De toestand van de illegale immigratie wordt verder bemoeilijkt door het grote aantal asielaanvragen in de Russische Federatie waarvan het onderzoek noopt tot een afweging van zowel de veiligheidsbelangen van de Staat als humanitaire principes en internationale rechtsnormen.
Dit alles maakt het noodzakelijk om dringend een geheel van maatregelen uit te werken, ook wettelijke, om de illegale immigratie te bestrijden, het migratieproces te beheren en de juridische normen te perfectioneren inzake de toegang en het verblijf van buitenlandse burgers en staatlozen op het grondgebied van de Russische Federatie.
Wij, Russische en Belgische parlementsleden, stellen vast dat een eenvoudige uitwisseling van statistieken en analyses uitwijst dat er nog een lange weg moet worden afgelegd om het probleem van illegale immigratie in onze landen op te lossen. Aan weerskanten moeten er inspanningen worden geleverd. Meer bepaald moet het inwinnen en de behandeling van statistische gegevens betreffende de buitenlandse burgers en staatlozen die in België en in Rusland verblijven dringend verbeterd worden en dat zowel op het vlak van de snelheid waarmee ze beschikbaar worden gesteld als op het vlak van kwaliteit. Men zou op basis van die statistieken moeten kunnen nagaan welke migratiestromen er zijn en welke bevolkingsgroepen onze landen binnenkomen.
Wij, Russische en Belgische parlementsleden, zijn van mening dat er een onderscheid moet worden gemaakt tussen :
de Schengenregels
de Russische wetgeving en
de Belgische wetgeving
De Schengenconventie dateert van 1990. De basisprincipes van de Schengenovereenkomst zijn :
Tussen de diplomatieke of consulaire posten van de lidstaten van de Schengen-ruimte gelden eenvormige regels om te bepalen tot welke post de vreemdeling zich moet wenden als alle partnerlanden vertegenwoordigd zijn in het land van de vreemdeling.
Indien een partnerland geen post heeft in het land van de vreemdeling kan het zich er laten vertegenwoordigen door een post van een ander partnerland.
In functie van het doel van zijn reis dient de vreemdeling zich dus tot de Schengenpost van zijn eerste of belangrijkste bestemming te wenden voor een visum.
De vreemdeling die een visum aanvraagt, moet het doel van zijn reis aangeven.
Voor een visum van kort verblijf moet hij over voldoende bestaansmiddelen beschikken voor de duur van zijn voorgenomen verblijf.
De middelen hebben om terug te gaan naar zijn land van herkomst of naar zijn oorspronkelijke verblijfplaats en een niet-overdraagbaar retour-vliegtuigbiljet kunnen voorleggen.
Als het dossier in orde is, kan de post ambtshalve een visum geven.
In geval van twijfel, wordt de Dienst Vreemdelingenzaken geraadpleegd.
Voor sommige landen legt de overeenkomst van Schengen een controle op via het « Vision-systeem » en de instemming van bepaalde partners alvorens een visum af te geven.
Nadat de vreemdeling het visum kreeg, moet hij bij binnenkomst zijn bestaansmiddelen bewijzen.
De beslissing van de dienst vreemdelingenzaken is afhankelijk van de gegevens die hij krijgt van de consulaire post. De dienst vreemdelingenzaken kan weigeren een visum te verlenen.
Wij, Russische parlementsleden, stellen vast dat de toegang tot en het verblijf van buitenlandse burgers op het grondgebied van de Russische Federatie door de Russische wetgeving wordt geregeld voor wat betreft de volgende luiken :
Toegang van buitenlandse burgers tot het grondgebied van de Russische Federatie
regularisatie van de toegang
eventuele beperkingen van de toegang van buitenlandse burgers tot het Russisch grondgebied
procedure voor de doorreis
procedure betreffende reizen zonder visum voor burgers van de lidstaten van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (met uitsluiting van Georgië en Turkmenistan)
Voor wat het verblijf betreft, zijn er de procedures voor het registreren en tellen van buitenlandse burgers
Algemene procedure voor de registratie van buitenlandse burgers
Bijzondere registratie van buitenlandse burgers door het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken bij de opvangorganisaties en de hotels
Procedure voor registratie van buitenlandse burgers door de diensten van het ministerie van Buitenlandse Zaken
Verlenging van de verblijfstermijn van buitenlandse burgers
Procedure voor het verkrijgen van een permanente verblijfsvergunning in Rusland
Verlaten van de Russische Federatie door buitenlandse burgers
Procedure voor het vertrek van buitenlandse burgers uit Rusland
Eventuele beperkingen van het vertrek uit Rusland
Het verlenen van asiel op het grondgebied van de Russische Federatie (wordt geregeld door de federale « vluchtelingenwet »)
procedure voor ontvangst, tellen en erkenning van de vluchteling
rechten en verplichtingen van personen die erkend zijn als vluchtelingen en die politiek of tijdelijk asiel hebben gekregen
registratie van personen die asiel gekregen hebben en uitwijzing van de personen aan wie asielverlening werd geweigerd
Verantwoordelijkheid van de buitenlandse burgers
beperking van de verblijfstermijn
verwijdering van het Russisch grondgebied
verbod van toegang tot het Russisch grondgebied
administratieve en strafrechtelijke verantwoordelijkheid bij schending van de wetgeving van de Russische Federatie.
Deze materie wordt geregeld door de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf en de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
Wij, Russische en Belgische parlementsleden, zijn het eens dat indien een vreemdeling of een persoon zonder staatsburgerschap het recht op verblijf verwerft hij ook het recht dient te hebben om bedrijfs- of arbeidsactiviteiten uit te oefenen voor een termijn die de geldigheidstermijn van de verblijfsvergunning niet overschrijdt, zoals dat reeds het geval is in de Russische Federatie. Desalniettemin achten wij het voorbarig om thans algemene en universele regels vast te leggen. De situatie op de arbeidsmarkten van Rusland en België zijn dermate verschillend dat de verschillende regelgeving in beide landen gerechtvaardigd is.
De versoepeling van de procedure voor het toekennen van visa moet gepaard gaan met een gezamenlijke versterking van de controle van de vermeende criminele activiteiten in het land van aankomst : souteneurschap, organisatie van kinderprostitutie, drugshandel en handel in hand- en oorlogswapens.
Wij stellen voor dat er speciaal aandacht zou worden besteed aan de verantwoordelijkheid van transportondernemingen (transporteurs) voor het transport van passagiers zonder de vereiste visa en doorreisdocumenten. Deze verantwoordelijkheid moet de ondernemingen treffen die toeristische diensten verlenen opdat het toerisme niet langer één van de vormen zou zijn voor de illegale immigranten om binnen te geraken op het grondgebied van partijen.
Wij, Russische parlementsleden, merken op dat tegenwoordig de activiteit van de Russische staatsorganen gericht zijn op een versterking van de controle bij het binnenkomen en het verblijf op het grondgebied van de Russische Federatie van buitenlandse staatsburgers en personen zonder staatsburgerschap, deze controle omvat eveneens het visumbeleid en het werk van de consulaire posten van de Russische Federatie.
Wij, Russische en Belgische parlementsleden, zijn van mening dat we gezamenlijk strijd moeten voeren tegen de georganiseerde filières die tegen betaling Russische staatsburgers of via Rusland reizende personen op illegale wijze overbrengen. De problematiek van de illegale migratiestromen werd reeds door de staatshoofden en ministers van beide landen besproken.
Wij moedigen de ontwikkeling aan van gezamenlijke controlemechanismen die tijdens deze besprekingen werden uitgewerkt.
In het bijzonder is de horizontale informatie-uitwisseling tussen de bevoegde organen van beide landen van cruciaal belang.
Een bijzondere inspanning dient te worden geleverd in verband met de strijd tegen de seksuele uitbuiting die één van de hoofdredenen van mensenhandel en derhalve van illegale immigratie is. Een versterkte strijd tegen de georganiseerde misdaad dringt zich dan ook op.
Wij, Russische en Belgische parlementsleden, zijn van mening dat de opvang menselijk moet zijn en elk racistisch gedrag moet uitsluiten; het is onontbeerlijk dat erop wordt toegezien dat de vrijheid van de immigrant niet wordt beknot, tenzij hij een gevaar zou betekenen voor de openbare orde. In België gebeurt de opvang in open centra of worden de asielzoekers toegewezen aan het OCMW van een gemeente op grond van het aantal inwoners van die gemeente. De asielzoekers krijgen materiele ondersteuning tot de procedure afgelopen is en zij al dan niet een verblijfsvergunning krijgen.
Wij stellen vast dat een belangrijke stijging van het aantal immigranten, die verklaren de Russische nationaliteit te hebben, geregistreerd werd in België in 2000 en tijdens het eerste trimester van 2001. De meeste onder hen hebben politiek asiel aangevraagd onder het voorwendsel vluchtelingen van de Republiek Tsjetsjenië te zijn. De overgrote meerderheid van deze personen zijn zonder documenten in België aangekomen vanuit andere Europese Staten van de Schengenzone. Het onderzoek van de asielaanvragen heeft uitgewezen dat de zogenaamde « illegale Russische immigranten » in drie categorieën kunnen worden onderverdeeld : de burgers van de Russische Federatie, de burgers van de lidstaten van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten, de ex-burgers van de USSR komende vanuit de Staten van het GOS en vanuit de Baltische landen.
Het probleem van de illegale immigranten werd besproken op het niveau van de staatshoofden en van de regeringen van onze landen, evenals de ministers voor Binnenlandse zaken en van andere vertegenwoordigers van beide landen.
In mei 2001 is een werkgroep opgericht, bestaande uit vertegenwoordigers van de ministeries van Binnenlandse Zaken en van andere betrokken departementen van beide landen, om dit probleem op te lossen.
Die bilaterale inspanningen hebben geleid tot het ontwerpen van een controlemechanisme van illegale migranten die het mogelijk maakt hun Russische nationaliteit vast te stellen en tot het bepalen van een procedure met het oog op hun repatriëring.
Wij, Belgische parlementsleden, beschouwen het recht op asiel als een fundamenteel mensenrecht. Het begrip vluchteling moet in alle lidstaten en kandidaat-lidstaten van de Europese Unie en in Rusland dezelfde betekenis hebben. Er moet gestreefd worden naar een uniforme en maximale toepassing van het Verdrag van Genève. Er moet een gezamenlijk Europees asielstelsel komen dat gebaseerd is op de integrale en globale toepassing van het Verdrag van Genève om te voorkomen dat iemand het risico loopt dat hij wordt teruggestuurd naar het land waar hij wordt vervolgd.
Wij, Russische parlementsleden, menen dat, overeenkomstig de Universele Verklaring van de mensenrechten iedere persoon het fundamentele recht heeft om « asiel te zoeken en van dit asiel te genieten ». Dit verplicht staten evenwel niet om dit asiel ook te verstrekken. Volgens het internationaal recht is het asielrecht een soevereine bevoegdheid van de staat. Om deze reden kunnen personen, zelfs als zij zonder twijfel aan het begrip « vluchteling » beantwoorden in de zin van de Conventie van 1951 en van het Protocol van 1967 betreffende het statuut van de vluchtelingen, niet automatisch uitgaan van een recht op het asiel in een bepaald land. Aan te stippen valt dat de Russische Federatie, die tot de Conventie en het Protocol is toegetreden, zich ertoe verbonden heeft asielzoekers op te vangen, hun aanvragen te onderzoeken en de rechten van zij die als asielzoekers werden erkend te verzekeren. Het belangrijkste recht is het recht om niet teruggezonden te worden naar een Staat waar men vervolgd wordt of het risico loopt vervolgd te worden.
In België vragen wij, Belgische parlementsleden, dat de Dienst Vreemdelingenzaken wordt hervormd tot een beter gevormde en beter uitgeruste dienst. Wij wensen dat alleenstaande vrouwen die het statuut van vluchteling aanvragen van een bijzondere behandeling kunnen genieten, waarbij rekening wordt gehouden met het specifieke karakter van hun aanvraag.
Wij, Belgische parlementsleden, dringen er bij onze regeringen op aan om een statuut voor onbegeleide minderjarigen op te stellen en dat met het oog op het uitwerken van een speciaal voogdijschap waarbij hun psychologische, sociale, medische en educatieve bijstand wordt verzekerd.
Wij wensen bovendien een statuut dat voorziet in de tijdelijke individuele bescherming, dat het vluchtelingenstatuut aanvult en dat gebaseerd is op artikel 3 van het Europese Verdrag voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.
Wij, Russische parlementsleden, zijn van mening dat de Russische Federatie over een vluchtelingenwet beschikt waarvan de criteria voor het statuut van vluchteling volledig overeenstemmen met de definitie van het begrip vluchteling in de Conventie van 1951 betreffende de status van vluchtelingen. De federale vluchtelingenwet maakt abstractie van het criterium geslacht maar in de asielprocedure wordt er rekening gehouden met de specificiteit van de verzoekers en wordt een gedifferentieerde benadering toegepast in functie van hun geslacht en van hun leeftijd.
Volgens ons, Russische parlementsleden, is het vluchtelingenstatuut een vorm van tijdelijke individuele bescherming, daar zijn duur beperkt wordt door de omstandigheden die de toekenning van dit statuut hebben gerechtvaardigd. Daarnaast voorziet de federale vluchtelingenwet nog een vorm van individueel asiel, « tijdelijk » asiel genoemd. Het wordt om humanitaire redenen toegekend aan hen die, ofwel onvoldoende gronden kunnen inroepen om het vluchtelingenstatuut te bekomen, ofwel dit statuut weigeren, maar om objectieve redenen niet naar hun eigen grondgebied kunnen worden teruggezonden (of kunnen niet vrijwillig terugkeren). Een van die redenen is een ernstige ziekte van de asielzoeker.
Wij, Belgische en Russische parlementsleden, gaan ervan uit dat het recht op culturele eigenheid behoort tot de rechten en vrijheden van de mens die universeel erkend zijn.
Naast rechten zijn er tegelijk ook plichten : integratie houdt voor buitenlanders de noodzaak en de verantwoordelijkheid in om de taal van de gemeenschap waar zij verblijven te leren, om de democratische waarden en de plaatselijke wetten te eerbiedigen.
Wij roepen de regeringen van onze landen op om op alle niveau's maatregelen uit te werken voor de integratie van migranten en vluchtelingen.
Deze maatregelen moeten in het bijzonder bevatten : een medisch onderzoek van iedere vluchteling en migrant; een precieze informatie over de rechten en de plichten van buitenlandse burgers en personen zonder staatsburgerschap op het grondgebied van onze staten; bijstand bij de verwijzing naar de meest aangepaste structuren in het licht van de medische, sociale en psychologische noden, evenals die inzake opvoeding en opleidingsniveau en professionele bekwaamheid.
Wij sporen aan tot de oprichting van specifieke structuren (opvangklassen, gespecialiseerde NGO's, bureau voor informatie en samenwerking) om hulp te bieden aan deze categorieën van personen.
Wij, Belgische parlementsleden, menen ook dat de procedures inzake gezinshereniging moeten worden vereenvoudigd en versneld, alsook de huwelijksprocedures, op voorwaarde dat ze niet voor schijnhuwelijken worden gebruikt.
Wij, Russische parlementsleden, zien de noodzaak niet om de huwelijks- en gezinsherenigingsprocedures te versnellen maar zijn het ermee eens dat de gezinshereniging moet worden vergemakkelijkt, op voorwaarde dat het begrip « gezinsleden » duidelijk wordt ingevuld. Het bewijs van schijnhuwelijk is in elk land een probleem. Daarbij komt nog dat geen enkele wettelijke of reglementaire bepaling van de Russische Federatie sancties voorziet voor schijnhuwelijken.
Wij, Belgische parlementsleden, menen dat men eveneens oog dient te hebben voor de problematiek van de « braindrain » en dat moet worden samengewerkt om ontwerpakkoorden op punt te stellen met de landen van oorsprong van de immigranten om dit negatief gevolg te vermijden.
Wij, Russische parlementsleden, menen dat voor Rusland de « braindrain » de noodzaak aan de orde stelt om zo spoedig mogelijk de problemen op te lossen om de terugkeer van de specialisten naar hun thuisland mogelijk te maken.
Wat afgewezen asielaanvragen betreft, pleiten wij, Belgische en Russische parlementsleden, voor een gezamenlijk beleid inzake terugkeer naar het land van herkomst. De vrijwillige terugkeer heeft de voorkeur maar de gedwongen terugkeer moet behouden blijven.
De opvang in het land van herkomst of de plaats van het vorige verblijf van de immigrant moet waardig zijn en de fundamentele rechten van de mens verzekeren : de akkoorden tussen de verschillende regeringen moeten daarover waken.
Er zijn specifieke maatregelen nodig ten gunste van de meeste kwetsbare groepen asielzoekers, en in het bijzonder voor onbegeleide minderjarigen en vrouwen. Aangepaste onderwijsprogramma's en taalcursussen moeten worden voorzien in de beginfase van de integratie. Die specifieke programma's kunnen vrouwen en minderjarigen bijvoorbeeld helpen bij het overwinnen van culturele barrières. Er moet daarbij worden gezorgd voor de nodige omkadering en financiële middelen.
Wij, Belgische parlementsleden, menen dat het in Europees verband aangewezen is om de wenselijkheid te onderzoeken om elementen zoals de gegronde vrees voor genitale verminking, verkrachting als oorlogswapen of een gedwongen huwelijk in aanmerking te nemen als motieven om iemand als vluchteling te erkennen.
Wij, Russische Parlementsleden, zijn van oordeel dat het invoeren van aanvullende gronden voor de toekenning van het statuut van vluchteling tegen de basisbeginselen van de Conventie van 1951 over het statuut van vluchteling ingaat en wij menen dat het niet nodig is het begrip « vluchteling » uit te breiden met de voorgestelde bijkomende gronden.
De hierboven opgesomde gronden voor de toekenning van het vluchtelingenstatuut worden, in het algemeen, binnen het kader van de Conventie van 1951 en van het Protocol van 1967 over het statuut van vluchteling, ook door de Russische Federatie, gekwalificeerd als vervolging wegens het toebehoren aan een welbepaalde sociale groep. Bovendien worden deze gronden zelden ingeroepen bij de asielaanvragen.
Wij, Belgische parlementsleden, zijn van mening dat het migratie- en asielbeleid in wezen moet worden behandeld op Europees niveau. De Europese Commissie heeft de Unie en de lidstaten uitgenodigd om ter bestrijding van armoede en sociale uitbuiting een gelijkekansenbeleid te voeren.
Er moet een observatiepost voor de migratie tussen Rusland en de Europese Unie komen (die deel uitmaakt van een algemene observatiepost voor migratie).
De Europese Unie moet zorgen voor een democratisch en institutioneel kader waarbinnen ze aan Europol een operationele opdracht toevertrouwt om, in gemeenschappelijke teams samen met de lidstaten en in overleg met Eurojust, de mensenhandel actief te bestrijden. Er moet interne en externe controle van Europol worden georganiseerd om in de toekomst de vastgestelde misbruiken te voorkomen. Eurojust is voor ons een absolute prioriteit.
Wij adviseren onze regeringen om ook een eenvoudige en snelle gezamenlijke procedure op te stellen voor de behandeling van asielaanvragen. Binnen de Europese Unie zijn wij voorstander van een procedure met « één loket », gecombineerd met een mogelijkheid tot beroep. Volgens die procedure wordt de behandeling van de aanvragen van alle personen die hun toevlucht zoeken in de Europese Unie gecentraliseerd in een Europees asielbureau dat contactpunten heeft in alle lidstaten die aan de buitengrenzen van de Unie liggen. De asielzoekers kunnen enkel op die plaatsen een aanvraag indienen, waarbij ze zich moeten houden aan uniforme normen. Het principe van het Verdrag van Dublin, dat bepaalt dat de asielaanvraag moet worden behandeld door de lidstaat waar de asielzoeker de Europese Unie is binnengekomen, vergt een snelle inwerkingtreding van het Eurodac-verdrag betreffende de vergelijking van vingerafdrukken.
Wij, Russische parlementsleden, blijven bij volgende stelling, voor wat de Europese aspecten betreft :
Voor wat de oprichting betreft van een observatiepost voor de migratie tussen Rusland en de Europese Unie, is het statuut van dit orgaan nog niet duidelijk, de doelstellingen van zijn oprichting, zijn functies, zijn bevoegdheden enz. zijn nog niet bepaald. Op grond van dit vooruitzicht kan men veronderstellen dat alleen de Russische Federatie het voorwerp zal zijn van een observatie. Het is weinig waarschijnlijk dat een dergelijk controleorgaan op het grondgebied van Rusland haar belangen zal weerspiegelen en verdedigen. Om deze reden is het voorgesteld ontwerp een discussiepunt voor de toekomst.
Voor wat de bijzondere activiteit van Europol betreft, wordt het operationele werk thans reeds verricht door de bevoegde instanties van de Staten die reeds een zekere ervaring hebben opgedaan inzake samenwerking en die een stevige contractuele basis hebben. Onder deze voorwaarden rijst de vraag naar de ontwikkeling van de samenwerking van deze structuren met Europol.
De noodzaak om de Europese wetgeving te harmoniseren in de domeinen die door de Belgische partner worden aangegeven is reëel, hoewel elke Lidstaat van de Conventie van 1951 en van het Protocol van 1967 over het vluchtelingenstatuut in staat is zijn eigen procedure voor de behandeling van de asielaanvragen te bepalen, en dit in overeenstemming met zijn wetgeving en rekening houdend met zijn mogelijkheden.
Het voorstel om binnen de Europese Unie een éénloket-procedure te voorzien is voorbarig, en kan, gelet de strenge controle van de immigratie door de lidstaten van de Schengenzone en van de Dublinconventie, ongunstige gevolgen hebben voor Rusland, gelet op zijn geopolitieke positie.
Wij, Belgische en Russische parlementsleden, nodigen de regeringen uit om herinstallatieakkoorden af te sluiten, samen met een ontwikkelingsprogramma dat bij voorkeur door de Internationale Organisatie voor migratie (IOM) moet worden uitgewerkt.
Die initiatieven kunnen worden ondersteund door de Europese Bank voor wederopbouw en ontwikkeling (EBWO) en het Samenwerkingsfonds voor Europese en bilaterale ontwikkeling.
Wij, Belgische parlementsleden, menen dat een doeltreffend beleid inzake immigratie en asiel, zoals het werd gedefinieerd in dit verslag, een versterkte controle vergt aan de buitengrenzen van de Unie. Alle lidstaten moeten op een proportionele manier bijdragen in de kosten voor de versterkte controle aan de buitengrenzen.
Wij, Belgische en Russische parlementsleden, willen dat de mensenhandel, mensensmokkel en de uitbuiting van immigranten veel sterker wordt bestreden. Wij pleiten in dat verband voor een geïntegreerde aanpak. Het krachtig bestrijden van mensenhandel is een prioriteit in de strijd tegen de georganiseerde misdaad. Om die vorm van misdaad doeltreffender te kunnen bestrijden moeten de beschikbare instrumenten ingrijpend worden versterkt.
Wij, Belgische en Russische parlementsleden, pleiten voor een actief beleid om op internationaal niveau sociale ongelijkheid en armoede te bestrijden en zo de structurele oorzaken van de immigratie aan te pakken. Dat moet met name gebeuren door ontwikkelingsprogramma's ten gunste van de minst ontwikkelde landen aan te moedigen en de bevordering en de eerbiediging van de fundamentele rechten en vrijheden te verzekeren.
Het probleem van de illegale immigratie heeft een universeel karakter. De ervaring van de Europese Staten in het bijzonder bewijst dat de beste resultaten om de acuutheid van deze problematiek te verminderen, worden geboekt door een leidinggevend orgaan dat de strijd tegen dit fenomeen organiseert, door een overlegde interactie van alle bijzondere diensten en politiediensten (politie, tegenspionage, inlichtingendiensten), als de staatsleiders stringente organisatorische en beheersbeslissingen nemen, als men unieke databanken creëert voor deze categorie misdrijven, en hiervoor de nodige financiering voorziet, en door een gepaste en adequate wijziging van de wetgeving.
In het raam van de nieuwe uitdagingen van de eenentwintigste eeuw, beschouwen wij de strijd tegen de illegale immigratie en het beheer van de migratiefluxen op het grondgebied van het Koninkrijk België en van de Russische Federatie, evenals op het Europees continent in zijn geheel, als een belangrijk element om de dreiging van het internationaal terrorisme en van de transnationale georganiseerde misdaad te bestrijden, evenals een zeer belangrijke bijdrage tot de verdediging van de staatsbelangen van België en van Rusland.
Daarbij mogen de vele onopgeloste problemen op het gebied van migratie niet worden losgekoppeld van hun ruimere politieke context en moeten de diepere oorzaken ervan grondig geanalyseerd worden. Zoniet dreigen de voorgestelde oplossingen te oppervlakkig, niet gepast of zelfs contraproductief te zijn.
Wij menen dat dit rapport duidelijk de overeenstemmende en afwijkende houdingen weergeeft van de Belgische en Russische parlementsleden en wij hopen dat het een bijdrage vormt tot het nader tot elkaar brengen van de wetgevingen van de Russische Federatie en het Koninkrijk België over de illegale immigratie.
Dit verslag werd eenparig goedgekeurd door de 8 aanwezige leden van de commissie.
De rapporteurs,
De voorzitter van de commissie voor
de Binnenlandse Zaken en voor de
Administratieve Aangelegenheden
van de Belgische Senaat,
De voorzitter van het Comité voor Veiligheid
van de Russische Doema,
Alexander GOEROV.
De Russische tekst is uitsluitend gedrukt beschikbaar.