(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans
In 1983 werd Machu Picchu door Unesco erkend als werelderfgoed, met als doel het behoud van dit uniek monument te vrijwaren (dubbele bescherming : archeologie en fauna en flora). Naast vele andere landen, heeft ook Peru deze Unesco-conventie ondertekend.
In België werden verschillende acties ondernomen tot behoud van het wereldpatrimonium : petitie van het Instituut voor amerikanistiek, interpellatie van de heer Fredy Willems (nr. 242), de nodige opdrachten van minister Louis Michel aan de verschillende vertegenwoordigers en de verdere opvolging daarvan, de in de Senaat ingediende (maar nog steeds niet behandelde) resolutie nr. 2-331 van mijzelf gebaseerd op artikel 6.1 van de Unesco-conventie, de schriftelijke vraag van mijzelf d.d. 3 mei 2000, de toezegging tot steun van alle politieke partijen op de brief van het Instituut voor amerikanistiek d.d. 19 april 2000.
Naar aanleiding van het bezoek van een lid van het Instituut voor amerikanistiek aan de ambassades van België, Nederland, Duitsland, Griekenland en Finland werd de problematiek van Machu Picchu op de Europese vergadering van missies te Lima uitvoerig besproken in september 2000.
In resolutie 1153/004 ingediend door de heren Danny Pieters, Bacquelaine, Coveliers, Eerdekens, Erdman, Lefèvre, Leterme en Tavernier roept de Kamer van volksvertegenwoordigers op om als wereldburger op te komen voor de monumenten die tot ons gemeenschappelijk erfgoed behoren en waarvoor we gemeenschappelijk verantwoordelijkheid dragen ten overstaan van de generaties na ons : « Roept daarom de regering op om een initiatief terzake te nemen en onderhandelingen te starten met de andere lidstaten van de Verenigde naties ten einde te komen tot een wereldwijd strafbaar en vervolgbaar stellen van de misdrijven tegen het werelderfgoed. » (d.d. 26 april 2001).
Internationale onafhankelijke organisaties zoals Unesco en Icomos hebben na hun speciale missie in oktober-november 1999 hun standpunt nog scherper gesteld : faciliteiten voor het toerisme in de site en de omgeving dienen zelfs verminderd te worden. Het beschermd gebied wordt in zijn geheel genomen en zelfs uitgebreid : de ruïnes in de site Machu Picchu zelf, de Inca-trail, de Urubamaba-rivier en Aguas Calientes moeten volledig in beschouwing genomen worden (Unesco-rapport). De 16 aanbevelingen in het Unesco-rapport zijn dus van cruciaal belang.
Unesco waardeert de stappen die de Peruaanse regering genomen heeft in de verbetering van het management van de site door het aannemen van een masterplan voor het coördineren en superviseren van alle wijzigingen in de site. In het Unesco-rapport van april 2001 wordt een voorstel geopperd om de bussen te vervangen door wagens, in beweging gebracht door elektrische tractie via smalle rails, zoals die in China gebruikt worden om kabelbanen te vervangen. Deze wagens zouden de huidige zig-zag weg gebruiken daar ze geen vervuiling teweegbrengen en daarbij de mogelijkheid bieden om herbebossing toe te laten. In die aanbevelingen van Unesco wordt ook voorgesteld om de ontwikkeling van de lokale bevolking erbij te betrekken.
De Europese Unie heeft beslist zijn steun te verlenen aan Unesco. In het Europees Parlement is namelijk resolutie A5-0382/2000 in verband met het cultureel en natuurlijk erfgoed van de wereld geodgekeurd : « verzoekt de Europese Commissie in het kader van de bestaande programma's hulp te bieden aan ontwikkelingslanden die worden geconfronteerd met problemen ten aanzien van de indentificatie, omschrijving en instandhouding van hun cultuurgoederen ».
Sedert half mei 2001 is het project « kabelbaan » voor onbepaalde tijd uitgesteld. Het Peruaanse ministerie van Industrie, Toerisme, Integratie en Internationale Handel (MINTICI) stelde, via minister Juan Incháustegui, dat een nieuw ontwerp zou ontwikkeld worden op basis van hoogtechnologische studies om een oplossing te vinden voor het huidig transportsysteem namelijk de microbussen die momenteel de omgeving van de Inca-stad schade berokkenen.
Einde juni, maar vermoedelijk begin juli zal de verkozen president de heer Alejandro Toledo naar Europa reizen om financiële steun te bekomen voor de verdere ontwikkeling van zijn land. Volgende landen worden bezocht : Spanje, Frankrijk, België en eventueel Duitsland en Italië.
Het thema « steun » werd reeds besproken tijdens een meeting van de heer Alenjandro Toledo met de Europese ambassadeurs te Lima in de tweede helft van juni 2001.
A. In het vooruitzicht van dit bezoek en in het kader van het voorzitterschap van de Europese Unie vanaf juli 2001, is de geachte minister het ermee eens dat aan de heer Alejandro Toledo hierover de volgende vragen gesteld worden :
1. De bouw van de kabelbaan binnen het Machu Picchu-heiligdom werd door de overgangsregering van president Paniagua voor onbepaalde tijd uitgesteld. Deze beslissing maakt de weg vrij om de nodige studies te ondernemen en de richtlijnen en aanbevelingen van Unesco op te volgen. Hoe zal zijn toekomstige regering dit thema behandelen ? Zal zijn regering rekening houden met de Unesco-conventie, aanbevelingen en suggesties zoals gebruik van elektrische wagens op tractie via de zig-zal weg, het bepalen van de maximale draagcapaciteit van de site en de Inca Trail, het stopzetten van de bouwprojecten en/of plannen binnen de site ?
2. Door het stopzetten van het contract van de kabelbaan zal Orient Express heel wat socio-economische « chantage » proberen te plegen. Hoe zal zijn toekomstige regering dit probleem aanpakken en ervoor zorgen dat in de toekomst dergelijke bedreigingen voor de site niet meer zullen voorkomen ?
3. Wat zijn de plannen van zijn toekomstige regering in verband met het INC (Instituto Nacional de Cultura) : zal hij culturele ontwikkeling bevorderen en de nodige stappen ondernemen in het gebruik en de beschering van alle wereldpatrimonia in zijn land ?
4. Wat onderneemt het INC in verband met de restauratie van de Intihuatana na de beschadiging door commerciële exploitatie in september 2000 ?
5. In het eindrapport van het ministerie van Buitenlandse Zaken van Finland, afdeling Azië, Amerika en Oceanië, werd het belang aangetoond van de Administratie-Unit in Machu Picchu zoals aanbevolen door Unesco. Daardoor wordt ook de lokale bevolking mee in het project betrokken. De regering van Paniagua heeft een afgevaardigde van INRENA, INC en een verantwoordelijke van de regionale regering benoemd, maar geen lokale vertegenwoordiger. Zal Alejandro Toledo en zijn regering dit aanpassen en ook een vertegenwoordiger van de gemeenschap Aguas Calientes/Machu Picchu aanstellen ?
6. Hiram Bingham heeft archeologisch materiaal van Machu Picchu meegenomen en ondanks de resoluties van 31 oktober 1912 en 27 januari 1916, werden deze nooit teruggeven. Op 10 april 2001 heeft INC een brief gestuurd aan de Yale Univesity met de vraag om dit materiaal terug te geven. Zal zijn toekomstige regering dit onderwerp ook verder behartigen ?
B. Is de geachte minister het ermee eens dat eventuele steun aan Peru mogelijk kan zijn in ruil en als ondersteuning om bovenaangehaalde punten te kunnen uitvoeren ? Indien ja, kan dit onder de vorm van ontwikkelingsprojecten, ondersteuning bij technologische studies en dergelijke ?
C. Op een eerdere schriftelijke vraag van mijzelf heeft u geantwoord dat het de taak van Unesco is om erop toe te zien dat Peru de conventie naleeft en dat noch België noch de Europese Unie bevoegd zijn om tussen te komen in het onderzoek betreffende een specifiek Unesco-dossier. Gezien de Europese resolutie van december vorig jaar die ik hierboven heb aangehaald, is er veel politieke wil in Europa om Unesco in zijn dossiers te ondersteunen vooral naar derde wereldlanden toe. Gezien het Belgische voorzitterschap van de Europese Unie vanaf juli 2001, kan België hierin het voortouw nemen en deze resolutie laten uitvoeren voor het dossier Machu-Picchu ? Indien ja, hoe ziet België dat te verwezenlijken in de Europese Unie ? Welke stappen gaat België hierin ondernemen ?
D. Eveneens in hetzelfde document heeft de geachte minister geantwoord dat de secretaris-generaal van de nationale Unesco-commissie verzocht werd bij zijn volgende bezoek aan Parijs de zaak aan te kaarten met de heer Bouchenaki. Wat is daarvan het resultaat geweest ? Welke adviezen zijn er inzake mogelijke alternatieven ter vervanging van het project van de Pruviaanse regering ?
E. Een lid van het Instituut voor amerikanistiek heeft de Belgische en verschillende andere Europese ambassades te Lima bezocht in augustus 2000. Het doel was steun te bekomen voor de actie Machu-Picchu. Aansluitend hierop werd dit thema uitvoerig besproken door de raad van Europese ambassadeurs in september 2000. Heeft de Belgische ambassadeur daar uitvoerig verslag uitgebracht aan de Belgische regering ? Zo ja, wat was het resultaat ? Wordt dit verder opgevolgd ? Kan hierover regelmatig verslag utigebracht worden, gezien ook alle politieke partijen hun steun toegezegd hebben voor het behoud van Machu Picchu ?
F. In België zijn alle politieke partijen bereid acties voor het behoud van Machu Picchu te ondersteunen. Hoe ziet de regering dat te verwezenlijken ? Via ontwikkelingssamenwerking ? Via financiële steun ? Via technische bijstand ?
Antwoord : Vanwege de agendadruk zullen de eerste minister en ikzelf maar een kort onderhoud met de heer Toledo hebben. Tijdens dit gesprek zullen belangrijk punten aanbod komen met betrekking tot de overgang naar de democratie, het aantreden van de regeringsploeg, de geopolitieke evolutie in de region, mensenrechten en samenwerking.
Een meer algemene vraag over de Machu Picchu zou nog kunnen maar de vragen zijn van die aard dat zij mede dienen voorgelegd te worden aan de gespecialiseerde Peruaanse instanties die met het dossier zijn belast, waaronder de nieuwe directeur van het beheersorgaan van de Machu Picchu.
De Commissie voor het werelderfgoed onderzoekt geregeld de staat van de als bedreigd aangemerkte site. Deze week nog werd een dergelijk onderzoek uitgevoerd. Het Bureau van de comissie dient zich nog uit te spreken over een nieuwe gezamenlijke missie van de Unesco, de UICN (Internationale Unie voor het behoud van de natuur en de natuurlijke hulpbronnen) en de Icomos (Internationale Raad voor monumenten en Landschappen). Deze missie zal de staat van de site onderzoeken en erover rapporteren. Het is zo dat tot deze stap werd besloten na een onderhoud tussen de heer Bouchenaki en de secretaris-generaal van de nationale Unesco-commissie.
De samenwerking tussen Peru en België waarnaar u verwijst kan alleen op vraag van het partnerland tot stand worden gebracht. Tijdens de laatste bilaterale gemengde commissies heeft Peru geen wens in die zin kenbaar gemaakt. Dit initiatief is nu dan ook niet aan de orde.
Wat de bilaterale samenwerking betreft, bepaalt de wet inzake internationale samenwerking dat volgende sectoren in aanmerking komen : basisgezondheidszorg, basisinfrastructuur, onderwijs en opleiding, voedselveiligheid en plattelandontwikkeling en consolidatie van de samenleving. De wet bepaalt niets over de instandhouding van het erfgoed.
Peru bewandelt momenteel de moeilijke weg van de « democratische consolidatie ». De Raad wil bepaalde dossiers bij voorrang behandelen. Mijn diensten zullen het punt op de agenda van de desbetreffende werkgroep van de Raad plaatsen om te weten of de Europese partners de tijd rijp achten om het dossier onder de aandacht van de Peruaanse autoriteiten te brengen in deze fase van hun installering en om te peilen naar de politieke wil van de partners in deze.
Over het rapport van het bezoek van een medewerker van het Instituut voor amerikanistiek dat plaatshad in augustus 2000, kan worden gezegd dan onze ambassade in Lima er toen niet over gerapporteerd heeft om reden dat het departement en de ambassade de aandacht hebben toegespitst op de toenmalige beslissende politieke gebeurtenissen en omdat de ambassade niet over de nodige medewerkers beschikte. Mijn diensten zullen voortaan alles in het werk stellen opdat de informatie in verband met dit dossier wordt doorgegeven.