Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 1-98

ZITTING 1998-1999

Vragen waarop niet werd geantwoord binnen de tijd bepaald door het reglement
(Art. 66 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Justitie

Vraag nr. 1650 van de heer Loones d.d. 18 maart 1999 (N.) :
Discriminatie van oud gefailleerden.

In de nieuwe faillissementswetgeving (wet van 8 augustus 1997) worden de verschoonbaarheidclausule (artikelen 80 tot 83) en een rehabilitatiemogelijkheid (artikelen 109 tot 114) voorzien.

De gefailleerden, die nog onder de toepassing vallen van de vroegere wetgeving, komen daar uiteraard niet voor in aanmerking.

Deze « oud gefailleerden » zouden anderzijds wel in aanmerking komen voor de wet op de collectieve schuldenlast (5 juli 1998, artikel 1675/2).

In de praktijk blijkt echter dat de oud gefailleerden pas in aanmerking komen tien jaar na sluiting van het faillessement, terwijl de volledige procedure in deze wet beperkt werd tot vijf jaar.

Nu tal van faillissementsprocedures tien tot twintig jaar aanslepen, blijkt ook hier dat deze « oud gefailleerden » wel eens zouden worden uitgesloten.

De gefailleerden, verenigd in de VZW DAG (Dienst aan gefailleerden) klagen deze dubbele discriminatie aan, en vragen een oplossing voor het probleem.

Is de geachte minister bereid op hun wensen in te gaan ? Zo ja, hoe en wanneer ? Zo neen, waarom niet ?