Vragen en Antwoorden


Bulletin 1-51

Belgische Senaat

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands ­ (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Landbouw en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen (Landbouw)

Vraag nr. 88 van de heer Loones d.d. 27 juni 1997 (N.) :
Zandwinning op zee.

Zowel de zandwinning als de aanleg van pijpleidingen voor de Vlaamse kust brengen ernstige schade toe aan de kustvisserij.

Bij zandwinning maakt men gebruik van zuigbuizen die in een straal van tien meter alles opzuigen. Met het zand verdwijnen natuurlijk ook alle plankton, vis- en schaaldieren. Aangezien plankton het primaire voedsel is voor vis- en schaaldieren, is het logisch dat de vissen op zoek gaan naar plaatsen (buiten de Vlaamse kustzone) om te paaien, wanneer ze hier geen voedsel meer vinden.

Bij het aanleggen van pijpleidingen worden gleuven tot 25 meter in de zeebodem gezogen. Ook dit vernietigt alle primaire en andere voeding van de vissen.

Momenteel doet men over een lengte van 30 km zandwinning en worden pijpleidingen aangelegd. Hierdoor wordt ongeveer de helft van de Vlaamse kust onbevisbaar gemaakt. De gevaren voor het bedrijven van visserij zijn dan ook zeer groot.

Graag kreeg ik een antwoord op volgende vragen :

1. Wordt dit probleem momenteel onderzocht door de bevoegde diensten ?

2. Is de geachte minister bereid hiertegen maatregelen te treffen ?


Antwoord : 1. Het Rijksstation voor Zeevisserij bestudeert sedert 1976 de invloed van de zanwinning. De hierbij betrokken gebieden in de toegelaten zandwinningszones I en II (koninklijke besluiten van 7 oktober 1974 en 16 mei 1977) zijn : Oost-Dyck, Buitenratel, Kwinte Bank en Goote Bank. In totaal worden zeven stations met een frequentie van tweemaal per jaar bemonsterd op de sedimenten, het macrobenthos, het epibenthos en de demersale visbestanden. De huidige opnamen gebeuren aan boord van het onderzoekingsvaartuig Belgica .

De onderzoekingen hebben tot op heden geen negatieve effecten op de aanwezige fauna kunnen doen vaststellen. Een diepgaande publicatie omtrent deze opnamen is in voorbereiding.

Wat betreft de pijpleidingen van Noordzee gas van de firma's Norfra en Interconnector, heeft het Rijksstation voor Zeevisserij haar advies aan de voorwaarde gekoppeld van een begeleidend biologisch, sedimentologisch en chemisch onderzoek op en in de omgeving van het tracé. Deze onderzoekingen zijn reeds gestart en zullen tot einde 1998 lopen. Een finaal milieurapport zal worden opgesteld.

2. De eventuele maatregelen kunnen pas worden verwacht bij het wetenschappelijk vaststellen van ernstige verstoringen in de aanwezige fauna.