(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans
Het is de geachte minister bekend, onder meer uit de talrijke vroegere parlementaire tussenkomsten en besprekingen, dat er, onder meer in de Westhoek, zeer sterk verzet bestaat tegen de plannen tot oppervlakteberging van kernafval.
In de vorige legislatuur werden door de regering uitdrukkelijke beloften geformuleerd om ter zake geen enkele maatregel te nemen dan na een open parlementair debat.
In de regeringsverklaring en de beleidsnota van de minister wordt die intentie geopperd tot het onderzoeken van alternatieve bergingsmogelijkheden. Nog bestaat er op huidig ogenblik geen enkele aanduiding dat het NIRAS hierrond concrete opdrachten zou hebben gekregen. Blijkbaar werkt het NIRAS ononderbroken verder aan zijn criteria voor selectie van sites voor deze betwiste oppervlakteberging, voert de overheid een zeer actieve campagne tot sensibilisering van de publieke opinie ten voordele van oppervlakteberging (zie de schoolbezoeken aan ISOPOLIS, waardoor leerlingen systematisch worden bevooroordeeld, zie de uitgetrokken 50 miljoen per jaar voor sensibilisering, ...).
Graag had ik van de geachte minister een antwoord vernomen op volgende vragen :
1. Hoe heeft hij tot op heden uitvoering gegeven aan de regeringsverklaring en de beleidsnota, waarin sprake is van het onderzoeken van alternatieve bergingsmogelijkheden ? Waarom werd, in afwachting van dit onderzoek, de lopende opdracht inzake oppervlakteberging aan het NIRAS niet bevroren ? Waarom werd er geen vergaand onderzoek opgestart in voorbereiding van alternatieven ?
2. Hoe valt de sensibiliseringscampagne ten voordele van oppervlakteberging te rijmen met de intenties tot onderzoek van alternatieve bergingsmogelijkheden ? Overweegt de geachte minister om deze sensibiliseringscampagne te doen stopzetten, tot er een duidelijk zicht is op mogelijke alternatieve bergingsmethodes ?