(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans
Voor het woon-werkverkeer worden de beroepskosten, ingevolge artikel 66, § 4, van het Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992, beperkt tot 6 frank per afgelegde kilometer.
Ingevolge artikel 45, § 2, van het Wetboek van de Belasting over de toegevoegde waarde mag elke BTW-belastingplichtige (b.v. een zelfstandige) 50 % van de betaalde BTW op de aankoop van automobielen voor personenvervoer en op goederen en diensten met betrekking tot die voertuigen (verbruik, onderhoud, enz.) in aftrek brengen.
Stel : een BTW-belastingplichtige gebruikt zijn wagen uitsluitend voor woonwerkverplaatsingen (voor in totaal 6 000 kilometer per jaar) en maakt hiervoor, exclusief BTW, 152 400 frank werkelijke kosten (inclusief afschrijving van de wagen). Volgens artikel 45, § 2, van het BTW-Wetboek zou deze belastingplichtige 16 002 frank (152 400 x 21 %x 50 %) BTW in vermindering mogen brengen.
Als de BTW-administratie echter slechts rekening zou houden met 36 000 frank kosten (6 000 km x 6 frank) dan zou de desbetreffende BTW-belastingplichtige slechts 3 780 frank (36 000 x 21 % x 50 %) BTW in vermindering mogen brengen.
In dit verband had ik de geachte minister dan ook de volgende vragen willen stellen :
1. Hoeveel BTW mag de BTW-belastingplichtige in dit concrete geval in vermindering brengen ?
2. Moet de aftrekbare BTW voor woon-werkverplaatsingen al dan niet beperkt worden in functie van de beperking tot 6 frank per kilometer ?