1-417/2

1-417/2

Belgische Senaat

ZITTING 1997-1998

22 JANUARI 1998


Wetsvoorstel tot invoeging van een artikel 309bis in het Gerechtelijk Wetboek en wijziging van artikel 20 van de wet van 5 augustus 1991 tot bescherming van de economische mededinging


AMENDEMENTEN


Nr. 1 VAN DE REGERING

Opschrift

Het opschrift vervangen als volgt :

« Wetsvoorstel tot wijziging van artikel 17 van de wet van 5 augustus 1991 tot bescherming van de economische mededinging. »

Nr. 2 VAN DE REGERING

Art. 3

Dit artikel vervangen als volgt :

« Artikel 17 van de wet van 5 augustus 1991 tot bescherming van de economische mededinging wordt vervangen door de volgende bepaling :

« Artikel 17. ­ § 1. De Raad voor de mededinging is samengesteld uit 20 leden, te weten :

1. een voorzitter en een ondervoorzitter die de voorzitter vervangt in geval van afwezigheid of verhindering, aangewezen onder de magistraten van de rechterlijke orde;

2. acht leden aangewezen onder de magistraten van de rechterlijke orde, de advocaten die meer dan tien jaar ingeschreven staan op het tableau van de Orde van advocaten of de personen die belast zijn het recht te onderwijzen aan een Belgische universiteit of een universiteit gelegen in de Europese Gemeenschap;

3. tien leden aangewezen op grond van hun bevoegdheid inzake mededinging; daaronder mogen zich niet meer dan zes personen bevinden die beschouwd worden als deelnemend aan het beheer van een handelsvennootschap in de zin van artikel 205 van het Gerechtelijk Wetboek.

§ 2. De voorzitter, de ondervoorzitter en de andere leden van de Raad voor de mededinging worden benoemd bij een in Ministerraad overlegd koninklijk besluit. Hun mandaat heeft een duur van zes jaar. Het is hernieuwbaar.

De leden van de Raad voor de mededinging blijven hun functies uitoefenen bij het aflopen van hun mandaat zolang niet voorzien is in hun vervanging.

§ 3. De voorzitter en de ondervoorzitter moeten hun kennis van de Franse en de Nederlandse taal bewijzen.

Ten minste een lid moet zijn kennis van de Duitse taal bewijzen.

§ 4. De voorzitter, de ondervoorzitter en twee leden door de Koning aangewezen onder de leden bedoeld in § 1, oefenen hun functie voltijds uit.

De magistraten die voltijdse functies uitoefenen in de Raad voor de mededinging, zijn niet onderworpen aan artikel 293 van het Gerechtelijk Wetboek voor de duur van hun mandaat.

Tijdens de hele duur van hun mandaat mogen de voorzitter, de ondervoorzitter en de twee leden die aangewezen zijn voor een voltijdse functie, geen enkele andere beroepsactiviteit uitoefenen. De Koning kan echter, op voorstel van de minister, de uitoefening van een bijkomende beroepsactiviteit toelaten voor zover zij verenigbaar is met de uitoefening van een mandaat in de Raad voor de mededinging.

§ 5. Er wordt voorzien in de vervanging als magistraat door een benoeming in bovental, van de leden bedoeld in § 4 die aangewezen zijn onder de magistraten van de rechterlijke orde. Indien het om een korpschef gaat, wordt in zijn vervanging voorzien door een benoeming in bovental van een magistraat die er in rang onmiddellijk op volgt.

De magistraat die in de Raad voor de mededinging benoemd is, geniet een wedde die gelijk is aan die van een voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg waarvan het ambtsgebied een bevolking telt van ten minste 500 000 inwoners, evenals de verhogingen en de voordelen die eraan verbonden zijn. Deze wedde kan echter niet lager liggen dan die waarop hij in de rechterlijke orde aanspraak maakte.

De magistraat die zijn functies voltijds uitoefent in de Raad voor de mededinging, wordt op verlof gesteld voor de duur van zijn mandaat.

Overeenkomstig artikel 315 van het Gerechtelijk Wetboek vindt de magistraat zijn plaats terug op de ranglijst bij het beëindigen van zijn mandaat.

§ 6. De leden bedoeld in § 4, die niet aangewezen zijn onder de magistraten van de rechterlijke orde, ontvangen, in het begin van hun eerste mandaat, een wedde die overeenkomt met de initiële wedde van een ondervoorzitter van de rechtbank van eerste aanleg waarvan het rechtsgebied minstens 500 000 inwoners telt.

§ 7. De Raad voor de mededinging kan opgesplitst worden in meerdere kamers. De kamers worden samengesteld uit een gelijk aantal leden.

Elke kamer wordt voorgezeten door een magistraat van de rechterlijke orde en bestaat uit minstens drie leden.

Telkens als een lid gewettigd verhinderd is, kan de voorzitter van de raad een ander lid aanwijzen om het te vervangen. Zo de voorzitter van de kamer verhinderd is, neemt het oudste lid van de kamer het voorzitterschap waar.

§ 8. De Koning bepaalt de benoemingsvoorwaarden en het statuut van de voorzitter, de ondervoorzitter en de andere leden van de Raad voor de mededinging die hun mandaat voltijds uitoefenen.

De wetten op de pensioenregeling voor de leden van het burgerlijk rijkspersoneel en voor hun rechtverkrijgenden zijn ook van toepassing op de leden van de Raad voor de mededinging die niet het statuut van magistraat of rijksambtenaar hebben en die hun ambt voltijds uitoefenen. »

Nr. 3 VAN DE REGERING

Art. 3bis (nieuw)

Een artikel 3bis (nieuw) invoegen, luidende :

« Art. 3bis. ­ Artikel 18, § 5, van dezelfde wet wordt opgeheven. »

Nr. 4 VAN DE REGERING

Art. 4bis (nieuw)

Een artikel 4bis (nieuw) invoegen, luidende :

« Art. 4bis. ­ De Koning kan de bepalingen van de wet van 5 augustus 1991 tot bescherming van de economische mededinging coördineren alsmede de bepalingen die ze uitdrukkelijk of impliciet zouden hebben gewijzigd op het ogenblik dat de coördinaties worden uitgevoerd.

Daartoe kan hij meer bepaald :

1º de orde, de nummering en, in het algemeen, de voorstelling van de te coördineren bepalingen wijzigen;

2º de refertes wijzigen die vervat zouden zijn in de te coördineren bepalingen met het oog ze te doen overeenstemmen met de nieuwe nummering;

3º de formulering van de te coördineren bepalingen wijzigen teneinde hun overeenstemming te verzekeren en de terminologie ervan eenvormig te maken zonder dat de beginselen kunnen worden gewijzigd die ingeschreven zijn in deze bepalingen.

De coördinaties zullen het volgende opschrift dragen : « Wetten tot bescherming van de economische mededinging, gecoördineerd op... »

Elio DI RUPO,

vice-eerste minister en minister
van Economie en Telecommunicatie