1-427/1 | 1-427/1 |
1 OKTOBER 1996
Artikel 23 van de « Wet betreffende de politie over het wegverkeer » bepaalt in zijn § 1 de voorwaarden tot verkrijgen van het Belgisch rijbewijs.
§ 2, 1º, vermeldt dat de persoon die een geldig nationaal buitenlands rijbewijs voorlegt, dat is afgegeven overeenkomstig de voorwaarden die inzake internationaal wegverkeer van toepassing zijn of waarvan de geldigheid is erkend krachtens door de Koning afgesloten akkoorden, vrijgesteld is van de in België opgelegde examens met het oog op het bekomen van een Belgisch rijbewijs.
De voorwaarden die inzake internationaal wegverkeer van toepassing zijn worden vastgelegd in de Conventie van Genève van 19 september 1949 en de Conventie van Wenen van 8 november 1968.
Artikel 2 van voormelde Conventies bepaalt uitdrukkelijk dat respectievelijk de bijlage 9 en de bijlage 6, waarin de vormvereisten van de rijbewijzen worden beschreven, een onverbrekelijk deel van de conventies uitmaken.
Van Staten die deze Conventies niet ondertekenden of waarvan het model van rijbewijs niet beantwoordt aan de modellen beschreven in bovenvermelde bijlagen kan het rijbewijs derhalve niet erkend worden tenzij krachtens door de Koning afgesloten akkoorden.
Vermits de Republiek IJsland zich in een dergelijke situatie bevindt richtte zijn ambassade te Brussel op 10 juli 1990 een aanvraag tot het sluiten van een bilateraal akkoord.
De bevoegde administratie van het departement van Verkeer en Infrastructuur meende, na grondig onderzoek van het dossier, dat gunstig geadviseerd kon worden en dit om volgende redenen :
1. de republiek IJsland erkent reeds het Belgisch nationaal rijbewijs, zonder verplichting van voorafgaande scholing of examens op haar grondgebied.
Dergelijk rijbewijs geeft evenwel niet het recht om als beroepschauffeur te werken;
2. het akkoord werd hoofdzakelijk aangevraagd om het ambassadepersoneel van de onder 1 aangehaalde verplichting te ontslaan.
Op ons grondgebied verblijven trouwens zeer weinig gewone IJslandse Staatsburgers;
3. het rijbewijs wordt in de Republiek IJsland bekomen na een degelijke scholing en volwaardige examens, zodat niet moet getwijfeld worden aan de rijvaardigheid van de bestuurders en de Belgische verkeersveiligheid niet in het gedrang komt door de erkenning van het rijbewijs;
4. het IJslands rijbewijs is reeds erkend in de meeste lidstaten van de Europese Unie.
Zulk bilateraal akkoord bezwaart de begroting van de Staat niet.
Het vindt zijn plaats tussen een aantal akkoorden van dezelfde strekking die België met verschillende andere Staten heeft gesloten.
Het voorliggend akkoord met de Republiek IJsland werd gesloten bij wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 17 maart en 15 april 1994.
Bij toepassing van artikel 167 van de Grondwet worden de Kamers dan ook hierbij om hun instemming verzocht.
De minister van Buitenlandse Zaken,
Erik DERYCKE.
De minister van Binnenlandse Zaken,
Johan VANDE LANNOTTE.
De staatssecretaris voor Veiligheid,
Jan PEETERS.
Koning der Belgen,
Op de voordracht van Onze minister van Buitenlandse Zaken, van Onze minister van Binnenlandse Zaken en van Onze staatssecretaris voor Veiligheid,
Onze minister van Buitenlandse Zaken, Onze minister van Binnenlandse Zaken en Onze staatssecretaris voor Veiligheid zijn gelast het ontwerp van wet, waarvan de tekst hierna volgt, in Onze naam aan de Wetgevende Kamers voor te leggen en bij de Senaat in de dienen :
Artikel 1
Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet.
Art. 2
Het Akkoord tussen het Koninkrijk België en de Republiek IJsland inzake de wederzijdse erkenning van de rijbewijzen, gesloten bij wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 17 maart en 15 april 1994, zal volkomen uitwerking hebben.
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 4 augustus 1996.
Van Koningswege :
De minister van Buitenlandse Zaken,
Erik DERYCKE.
De minister van Binnenlandse Zaken,
Johan VANDE LANOTTE.
De staatssecretaris voor Veiligheid,
Jan PEETERS.
(Vertaling)
MINISTERIE VAN BUITENLANDSE ZAKEN
BUITENLANDSE HANDEL
EN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING
B10-49
1000 Brussel, 15 april 1994
Quatre Brasstraat 2
Zijne Excellentie
Hannes Hafstein,
Ambassadeur van IJsland bij het Koninrijk België
Excellentie,
Ik heb de eer ontvangst te melden van uw brief van 17 maart, waarin het volgende staat te lezen :
Excellentie,
In naam van de Regering van de Repubiek IJsland heb ik de eer u voor te stellen dat een Akkoord tot wederzijdse erkenning van de rijbewijzen zal gesloten worden tussen het Koninkrijk België en de Republiek IJsland in de volgende bewoordingen :
« Een nationaal rijbewijs, uitgereikt in IJsland of in België zal wederzijds erkend worden door de betrokken autoriteiten.
De erkenning van een IJslands rijbewijs zal beperkt zijn tot de categorieën A en B op voorwaarde dat het rijbewijs werd uitgereikt voor deze categorieën.
De erkenning van een Belgisch rijbewijs zal beperkt zijn tot de categorieën A en B op voorwaarde dat het rijbewijs werd uitgereikt voor deze categorieën.
Onderdanen van een van beide landen die in het andere land verblijven zullen het recht hebben om een rijbewijs te bekomen in het land van verblijf op voorlegging van hun nationaal rijbewijs.
Dit is eveneens van toepassing op de onderdanen die reeds verblijven in het land van de andere overeenkomstsluitende partij op de dag van de voorlopige toepassing van dit akkoord.
Het recht tot gebruik van het nationaal rijbewijs, afgegeven door één van de verdragsluitende partijen onder de voorwaarden van de huidige wisseling van brieven, kan geweigerd worden :
1. indien de voorwaarden die nodig zijn voor de afgifte van het rijbewijs niet vervuld zijn;
2. indien de bestuurder een overtreding beging op zijn nationale verkeersreglementering, waardoor het rijbewijs kan ingetrokken worden.
De erkenning is niet van toepassing op het personenvervoer voor commerciële doeleinden in één van de twee landen met in het respectievelijke land ingeschreven motorvoertuigen.
Met het oog op de tenuitvoerlegging van de bovenvermelde beschikkingen werd er een equivalentietabel van de categorieën van rijbewijzen toegevoegd aan deze wisseling van brieven.
Wijziging van de modellen van rijbewijzen zal alleen erkend worden na kennisgeving van de andere overeenkomstsluitende partij langs diplomatieke weg.
Indien de Regering van het Koninkrijk België met het bovenvermeld akkoord kan instemmen, heb ik de eer, Excellentie, om voor te stellen dat deze brief en uw antwoord als een overeenkomst tussen onze beide Regeringen zouden beschouwd worden, die op datum van ontvangst van Uw antwoord voorlopig van toepassing zal zijn en in werking zal treden vanaf het ogenblik dat beide verdragsluitende partijen via diplomatieke weg kennis geven aan het feit dat de formaliteiten vervuld zijn voor de inwerkingtreding van het Akkoord.
Dit Akkoord blijft van kracht tot opzegging door één van de beide Regeringen met één maand vooropzeg.
Ik maak van deze gelegenheid gebruik om Uwe Excellentie te verzekeren van mijn zeer bijzondere hoogachting.
Hannes HAFSTEIN.
Ambassadeur »
Ik heb de eer U mede te delen dat de Regering van het Koninkrijk België met deze voorzieningen akkoord gaat.
Ik maak van deze gelegenheid gebruik om Uw Excelentie te verzekeren van mijn zeer bijzondere hoogachting.
Willy CLAES.
Vice-Eerste minister
en minister van Buitenlandse Zaken
AMBASSADE VAN IJSLAND
Brussel, 17 maart 1994
Excellentie,
In naam van de Regering van de Republiek IJsland heb ik de eer u voor te stellen dat een Akkoord tot wederzijdse erkenning van de rijbewijzen zal gesloten worden tussen het Koninkrijk België en de Republiek IJsland in de volgende bewoordingen :
Zijn Excellentie Hannes Hafstein, ambassadeur van IJsland bij het Koninkrijk België
« Een nationaal rijbewijs, uitgereikt in IJsland of in België zal wederzijds erkend worden door de betrokken autoriteiten.
De erkenning van een IJslands rijbewijs zal beperkt zijn tot de categorieën A en B op voorwaarde dat het rijbewijs werd uitgereikt voor deze categorieën.
De erkenning van een Belgisch rijbewijs zal beperkt zijn tot de categorieën A en B op voorwaarde dat het rijbewijs werd uitgereikt voor deze categorieën.
Onderdanen van een van beide landen die in het andere land verblijven zullen het recht hebben om een rijbewijs te bekomen in het land van verblijf op voorlegging van hun nationaal rijbewijs.
Dit is eveneens van toepassing op de onderdanen die reeds verblijven in het land van de andere overeenkomstsluitende partij op de dag van de voorlopige toepassing van dit akkoord.
Het recht tot gebruik van het nationaal rijbewijs, afgegeven door één van de verdragsluitende partijen onder de voorwaarden van de huidige wisseling van brieven, kan geweigerd worden :
1. indien de voorwaarden die nodig zijn voor de afgifte van het rijbewijs niet vervuld zijn;
2. indien de bestuurder een overtreding beging op zijn nationale verkeersreglementering, waardoor het rijbewijs kan ingetrokken worden.
De erkenning is niet van toepassing op het personenvervoer voor commerciële doeleinden in één van de twee landen met in het respectievelijke land ingeschreven motorvoertuigen.
Met het oog op de tenuitvoerlegging van de bovenvermelde beschikkingen werd er een equivalentietabel van de categorieën van rijbewijzen toegevoegd aan deze wisseling van brieven.
Wijziging van de modellen van rijbewijzen zal alleen erkend worden na kennisgeving van de andere overeenkomstsluitende partij langs diplomatieke weg.
Indien de Regering van het Koninkrijk België met het bovenvermeld akkoord kan isntemmen, heb ik de eer, Excellentie, om voor te stellen dat deze brief en uw antwoord als een overeenkomst tussen onze beide regeringen zouden beschouwd worden, die op datum van ontvangst van uw antwoord voorlopig van toepassing zal zijn en in werking zal treden vanaf het ogenblik dat beide verdragsluitende partijen via diplomatieke weg kennis geven van het feit dat de formaliteiten vervuld zijn voor de inwerkingtreding van het Akkoord.
Dit Akkoord blijft van kracht tot opzegging door één van de beide regeringen met één maand vooropzeg.
Ik maak van deze gelegenheid gebruik om Uwe Excellentie te verzekeren van mijn zeer bijzondere hoogachting.
Hannes HAFSTEIN
Ambassadeur
De heer Willy Claes
Vice-Eerste minister en minister van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk België
| Belgische categorieën van voertuigen |
IJslandse categorieën van voertuigen |
| A1 | A |
| A2 | A |
| B | B |
| BE | B |
| C | B |
| CE | B |
| D | B |
| DE | B |
| IJslandse categorieën van voertuigen |
Belgische categorieën van voertuigen |
| A | A3 + A2 + A1 |
| B | A3 + B |
| C | A3 + B |
| D | A3 + B |
| E | A3 + B |
Voorontwerp van wet houdende instemming met het Akkoord tussen het Koninkrijk België en de Republiek IJsland inzake de wederzijdse erkenning van rijbewijzen, gesloten bij wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 17 maart en 15 april 1994
Artikel 1
Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet.
Art. 2
Het Akkoord tussen het Koninkrijk België en de Republiek IJsland inzake de wederzijdse erkenning van rijbewijzen, gesloten bij wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 17 maart en 15 april 1994, zal volkomen uitwerking hebben.
De RAAD VAN STATE, afdeling wetgeving, negende kamer, op 26 juni 1996 door de minister van Buitenlandse Zaken verzocht hem van advies te dienen over een voorontwerp van wet « houdende instemming met het akkoord tussen het Koninkrijk België en de Republiek IJsland inzake de wederzijdse erkenning van rijbewijzen, gesloten bij wisseling van brieven, gedagtekend te Brussel op 17 maart en 15 april 1994 », heeft op 3 juli het volgend advies gegeven :
Bij het ontwerp zijn geen opmerkingen te maken.
De kamer was samengesteld uit :
De heer C.-L. CLOSSET, kamervoorzitter;
De heren C. WETTINCK en P. LIENARDY, staatsraden;
De heren F. DELPEREE en J.-M. FAVRESSE, assessoren van de afdeling wetgeving;
Mevrouw M. PROOST, griffier.
De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst werd nagezien onder toezicht van de heer P. LIENARDY.
Het verslag werd uitgebracht door de heer J.-L. PAQUET, auditeur. De nota van het Coördinatiebureau werd opgesteld en toegelicht door de heer M. BAUWENS, adjunct-referendaris.
| De Griffier, | De Voorzitter, |
| M. PROOST. | C.-L. CLOSSET. |