1-645/3

1-645/3

Belgische Senaat

ZITTING 1997-1998

19 NOVEMBER 1997


Voorstel van resolutie inzake de solidariteit tussen Noord en Zuid


TEKST AANGENOMEN DOOR DE COMMISSIE


De Senaat,

­ Gelet op het voornemen van zowel de staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking als het Belgisch Parlement om een ontwikkelingsbeleid op lange termijn mogelijk te maken en de organisatie en het beheer van de Belgische ontwikkelingssamenwerking te hervormen;

­ Gelet op het voornemen van de Belgische regering om de mogelijkheden voor sensibilisering en bewustwording over de Noord-Zuid-problematiek aanzienlijk te vehogen;

1º meent dat de tijd rijp is om te luisteren naar de grieven en verlangens van de jongeren;

2º onderschrijft het streven van de jongeren naar een betere wereld, een streven dat bij henzelf begint, maar zeker ook bij de hele Westerse samenleving. Dit veronderstelt een aanpassing van onze levenswijze om te kunnen komen tot een duurzame ontwikkeling. Daarom nemen wij ons, samen met de jongeren, voor :

­ ons blijvend te interesseren voor Noord-Zuid-vraagstukken;

­ ons blijvend in te zetten voor een goede samenwerking en verstandhouding met de derdewereldbeweging;

­ bewuster te consumeren, onder meer door eerlijk verhandelde producten te kopen en door reclame kritisch te bekijken;

3º onderschrijft daarom de oproep van de jongeren tot meer solidariteit tussen de industrielanden en de ontwikkelingslanden;

4º vraagt daartoe de Belgische regering bijzondere aandacht te besteden aan :

­ een internationale samenwerking op basis van solidariteit en niet op grond van de economische belangen van de ondernemingen in de industrielanden. Een dergelijke samenwerking houdt onder meer een partnerschap met lokale niet-gouvernementele organisaties in;

­ initiatieven die de kloof tussen de ontwikkelingslanden en industrielanden verkleinen, zoals onder andere :

a) de huidige productie- en consumptiepatronen van de industrielanden niet te veralgemenen voor de hele wereld. De economische draagkracht van de aarde laat dat niet toe. De burgers in de industrielanden moeten bewuster consumeren;

b) de greep van de politiek op de economie te vergroten, onder meer door de multinationale ondernemingen striktere regels voor te schrijven en de ontwikkelingslanden meer kansen te geven in de wereldhandel;

c) het terugdringen van de wapenhandel en verdere wapenbeheersing;

5º verzoekt de Belgische regering bij de gemeenschappen aan te dringen op een structurele plaats voor mondiale vorming in het middelbaar onderwijs. Die vorming moet het bewustzijn omtrent duurzame ontwikkeling vergroten. Uitwisseling tussen scholieren en studenten uit ontwikkelingslanden en industrielanden kan hierbij een belangrijke rol spelen.