SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2012-2013 Zitting 2012-2013
________________
25 octobre 2012 25 oktober 2012
________________
Question écrite n° 5-7208 Schriftelijke vraag nr. 5-7208

de Bert Anciaux (sp.a)

van Bert Anciaux (sp.a)

au ministre des Entreprises publiques, de la Politique scientifique et de la Coopération au développement, chargé des Grandes Villes

aan de minister van Overheidsbedrijven, Wetenschapsbeleid en Ontwikkelingssamenwerking, belast met Grote Steden
________________
Catastrophes naturelles - Prévisions faites à la demande des autorités - Responsabilité Natuurrampen - Voorspellingen in opdracht van de overheid - Aansprakelijkheid 
________________
désastre naturel
intempérie
cindynique
responsabilité
Observatoire royal de Belgique
Institut d'aéronomie spatiale de Belgique
natuurramp
weer en wind
risicowetenschap
aansprakelijkheid
Koninklijke Sterrenwacht van België
Belgisch Instituut voor ruimte-aëronomie
________ ________
25/10/2012 Verzending vraag
18/12/2012 Antwoord
25/10/2012 Verzending vraag
18/12/2012 Antwoord
________ ________
Question n° 5-7208 du 25 octobre 2012 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-7208 d.d. 25 oktober 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Le 6 avril 2009, la ville italienne de L'Aquila a été victime de la fatalité. Un violent séisme a causé d'énormes souffrances humaines avec 309 morts, auxquels s'ajoutent des dégâts matériels et financiers presque inestimables. Durant les semaines qui ont précédé ce tremblement de terre, les sismographes indiquaient déjà une activité accrue. La Commission des grands risques avait rassuré la population et minimisé les dangers, notamment en déconseillant une évacuation massive. Les suites tragiques leur ont donné tort. Les membres de la commission ont alors été traduits en justice, 32 proches des victimes se constituant partie civile. Le jugement a provoqué un choc, car les membres de la commission ont été condamnés à six ans de prison et à l'interdiction à vie de toute fonction publique. Le motif : avoir donné des informations incomplètes et confuses. La sentence : homicide par négligence. Cette décision a bien sûr provoqué bien des réactions : soulagement du côté des victimes, incompréhension chez les scientifiques du monde entier.

Voici mes questions :

1) Comment le ministre évalue-t-il et apprécie-t-il le jugement d'un tribunal italien condamnant lourdement les membres de la Commission des grands risques pour avoir sous-estimé le risque de tremblement de terre ?

2) Quelles commissions et autres instances scientifiques sont-elles chargées par les autorités fédérales de prévoir les phénomènes naturels qui peuvent occasionner des dégâts ou des menaces sérieuses ? Quel est le statut de ces commissions et de leurs membres ?

3) Dans notre pays, comment les scientifiques et les autres experts impliqués dans la sécurité publique sont-ils assurés contre les erreurs qu'ils pourraient commettre alors qu'ils sont chargés par les autorités de prédire des phénomènes naturels comme des tempêtes, des tremblements de terre etc ?

 

Op 6 april 2009 sloeg het noodlot toe in het Italiaanse L'Aquila. Een zware aardbeving veroorzaakte een enorm menselijk leed, met 309 doden en daarbij bijna onschatbare materiële en financiële schade. In de weken voorafgaand aan deze aardbeving, vertoonden de seismografen al verhoogde activiteiten. De Commissie Grote Risico's stelde de bevolking gerust en minimaliseerde de gevaren, onder andere door af te raden om grootschalig te evacueren. De dramatische gevolgen stelden hen in het ongelijk. Daarop werden de leden van die commissie voor de rechter gedaagd, waarbij ook 32 nabestaanden van de slachtoffers zich burgerlijke partij stelden. De uitspraak van de rechtbank veroorzaakte een schok, want de commissieleden werden veroordeeld tot zes jaar celstraf en het levenslange verbod op de uitoefening van een openbaar ambt. Reden: het verstrekken van onvolledige en verwarrende informatie. Uitspraak: doodslag door nalatigheid. Uiteraard verwekte deze beslissing heel wat commotie, van opluchting bij de slachtoffers tot onbegrip bij vele wetenschappers, wereldwijd.

Hierover de volgende vragen:

1) Hoe evalueert en apprecieert de minister de uitspraak van een Italiaanse rechtbank waarbij de leden van de Commissie Grote Risico's zwaar werden veroordeeld wegens hun inschatting van het gevaar op aardbevingen?

2) Welke wetenschappelijke commissies, instanties enz. zijn door de federale overheid belast met het voorspellen van natuurfenomenen die schade of ernstige bedreigingen kunnen veroorzaken? Welke status hebben deze commissies en hun leden?

3) Op welke wijze zijn in ons land de wetenschappers en andere bij de publieke veiligheid betrokken experts verzekerd tegen onjuiste inschattingen van risico's bij het voorspellen van natuurfenomenen zoals stormen, aardbevingen enz. die zij maken in opdracht van de overheid?

 
Réponse reçue le 18 décembre 2012 : Antwoord ontvangen op 18 december 2012 :
  1. Il ne m’appartient pas de me prononcer sur un jugement rendu par un tribunal italien.

  2. Au niveau belge, l’Institut royal météorologique est responsable de l’évaluation des phénomènes météorologiques, l’Observatoire royal de Belgique de l’interprétation des tremblements de terre et de la météorologie spatiale. Cette discipline relève également du domaine d’études de l’Institut d’Aéronomie spatiale de Belgique qui est donc également compétent en ce qui concerne l’étude de la propagation des nuages de cendres provenant d’éruptions volcaniques.

    En cas de phénomènes naturels pouvant provoquer de possibles dommages ou présenter de graves menaces, les trois institutions du pôle Espace font rapport au centre de crise du Service public fédéral (SPF) Intérieur.

  3. En termes de responsabilités, il faut distinguer le scientifique chercheur statutaire et contractuel. Dans le cas du contractuel, c’est l’article 18 de la loi du 3 juillet 1978 relative aux contrats de travail qui est d’application. Cette réglementation vise également le statutaire, mais indirectement, par le biais de la mise en exécution de la loi du 10 février 2003 relative à la responsabilité des et pour les membres du personnel au service des personnes publiques.

    Selon l’article 18 de la loi du 3 juillet 1978, le travailleur ne répond d’une faute légère que si celle-ci présente dans son chef un caractère habituel plutôt qu’accidentel. Elle est provoquée dans un contexte qui n’est pas exceptionnel.

    Le travailleur est responsable du dommage causé à son employeur ou à des tiers en cas de fraude ou en cas de faute lourde, c’est-à-dire en cas de faute commise volontairement dans l’intention délibérée de causer un dommage ou en cas de faute (non intentionnelle) considérée comme inexcusable. Les conditions de travail (rythme de travail, complexité de certaines machines, inexpérience, fatigue,..) ne constituent pas un argument valide. Au contraire, les qualifications et les responsabilités occupées par le travailleur sont susceptibles d’être érigées en circonstances aggravantes.

    C’est toujours à l’employeur (ou au tiers victime du dommage) de prouver le caractère de la faute, avec tous les moyens de droit.

  1. Het is niet aan mij een mening te geven over een oordeel dat uitgesproken werd door een Italiaanse rechtbank.

  2. In België is het Koninklijk Meteorologisch Instituut verantwoordelijk voor de evaluatie van weerfenomenen en de Koninklijke Sterrenwacht van België voor de interpretatie van aardbevingen en het ruimteweer. Dat vakgebied behoort ook tot het studiegebied van het Belgisch Instituut voor Ruimte-aeronomie dat dus ook bevoegd is om de verspreiding van as wolken bij vulkaanuitbarstingen te bestuderen.

    Bij natuurfenomenen die mogelijk schade kunnen veroorzaken of groot en dreigend gevaar inhouden, brengen de drie instellingen van de pool Ruimte verslag uit bij het crisiscentrum van de Federale Overheidsdienst (FOD) Binnenlandse Zaken.

  3. Voor wat de aansprakelijkheid betreft, moet een onderscheid worden gemaakt tussen statutaire en contractuele wetenschappelijke onderzoekers. Voor contractuele onderzoekers is artikel 18 van de wet van 3 juli 1978 met betrekking tot de arbeidsovereenkomsten van toepassing. Die reglementering geldt onrechtstreeks ook voor statutaire onderzoekers, via de uitvoering van de wet van 10 februari 2003 betreffende de aansprakelijkheid van en voor personeelsleden in dienst van openbare rechtspersonen.

    Volgens artikel 18 van de wet van 3 juli 1978, is een werknemer enkel aansprakelijk voor lichte schuld als die bij hem eerder gewoonlijk dan toevallig voorkomt. Die schuld komt in een niet uitzonderlijke context tot stand.

    Een werknemer is verantwoordelijk voor de aan zijn werkgever of aan derden veroorzaakte schade bij bedrog of bij een zware fout, dat wil zeggen een opzettelijk verrichte fout met het vast voornemen schade te berokkenen of een (niet opzettelijke) onvergeeflijke fout. De werkomstandigheden (werktempo, complexiteit van sommige machines, gebrek aan ervaring, vermoeidheid,…) zijn geen geldig argument. De kwalificaties en de verantwoordelijkheden van de werknemer kunnen tot verzwarende omstandigheden worden verheven.

    Het is altijd de taak van de werkgever (of van de derde die schade lijdt) de aard van de fout te verantwoorden met alle mogelijke rechtsmiddelen.