| SÉNAT DE BELGIQUE | BELGISCHE SENAAT | ||||||||||||||||||||||||||||||||
| ________ | ________ | ||||||||||||||||||||||||||||||||
| Session 2011-2012 | Zitting 2011-2012 | ||||||||||||||||||||||||||||||||
| ________ | ________ | ||||||||||||||||||||||||||||||||
| 23 janvier 2012 | 23 januari 2012 | ||||||||||||||||||||||||||||||||
| ________ | ________ | ||||||||||||||||||||||||||||||||
| Question écrite n° 5-5344 | Schriftelijke vraag nr. 5-5344 | ||||||||||||||||||||||||||||||||
de Inge Faes (N-VA) |
van Inge Faes (N-VA) |
||||||||||||||||||||||||||||||||
au vice-premier ministre et ministre des Finances et du Développement durable, chargé de la Fonction publique |
aan de vice-eersteminister en minister van Financiën en Duurzame Ontwikkeling, belast met Ambtenarenzaken |
||||||||||||||||||||||||||||||||
| ________ | ________ | ||||||||||||||||||||||||||||||||
| Affaires pénales - Recouvrement des revenus judiciaires - Montant | Strafzaken - Inning van gerechtsinkomsten - Bedragen | ||||||||||||||||||||||||||||||||
| ________ | ________ | ||||||||||||||||||||||||||||||||
| amende frais de justice sanction pénale statistique officielle confiscation de biens |
geldboete gerechtskosten strafsanctie officiële statistiek verbeurdverklaring van goederen |
||||||||||||||||||||||||||||||||
| ________ | ________ | ||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
| ________ | ________ | ||||||||||||||||||||||||||||||||
| Question n° 5-5344 du 23 janvier 2012 : (Question posée en néerlandais) | Vraag nr. 5-5344 d.d. 23 januari 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands) | ||||||||||||||||||||||||||||||||
Dans les affaires pénales, on peut être condamné à payer une amende, des frais de procédures et/ou à se voir confisquer des biens ou de l'argent qui ont été utilisés par l'auteur lors de la commission du délit. Cet argent est inscrit à l'actif des Services publics fédéraux de la Justice et des Finances. Je souhaite connaître l'ampleur de ces revenus et donc obtenir une réponse aux questions suivantes : 1) À combien se montent les revenus dus aux jugements pénaux en 2011, qui doivent normalement être perçus par le SPF Finances ? 2) Quelle part de ce montant a-t-on déjà recouvré ? 3) Quelle part de ce montant est-elle impayée, ou partiellement payée ? 4) Combien de ces différents revenus liés aux affaires pénales sont-ils encore impayés auprès du SPF Finances ? J'aimerais, si possible, obtenir ces montants à chaque fois répartis entre amendes, confiscations et paiement de frais de justice. |
In strafzaken is het mogelijk dat men veroordeeld wordt tot het betalen van een boete, het dragen van de gerechtskosten en/of dat goederen en/of geld dat de veroordeelde gebruikte tijdens zijn misdrijven worden verbeurdverklaard. Deze gelden worden ingeschreven aan de inkomstzijde van de Federale Overheidsdiensten (FOD) Justitie/Financiën. Om de grootte van deze inkomsten te weten had ik graag antwoord op volgende vragen: 1) Wat is de grootte van het bedrag dat in 2011 werd uitgesproken in strafzaken en normaal door de FOD Financiën zou moeten geïnd zijn? 2) Hoeveel van dit bedrag is reeds geïnd? 3) Hoeveel van dit bedrag staat nog open, al dan niet gedeeltelijk betaald? 4) Hoeveel verschillende inningen met betrekking tot strafzaken heeft de FOD financiën nog openstaan? Indien mogelijk dit bedrag telkens opgesplitst in: boete, verbeurdverklaring en betaling van gerechtskosten. |
||||||||||||||||||||||||||||||||
| Réponse reçue le 21 aôut 2013 : | Antwoord ontvangen op 21 augustus 2013 : | ||||||||||||||||||||||||||||||||
1) Début 2012, a débuté l’introduction des dossiers dans le programme ICT Stimer. Jusque là, les sommes à récupérer suite à une décision judiciaire ne faisaient l’objet que d’une comptabilité de caisse. La détermination des montants à recouvrer au titre d’amendes, de frais de justice ou de confiscations, ou la détermination du montant total à recouvrer ne peut dès lors pas encore se faire avec l’aide des outils ICT. 2) Le montant qui a été perçu ou recouvré pour les peines prononcées durant l’année 2011 ne peut être déterminé distinctement. Les montants reçus durant l’année 2011 comprennent également des recettes pour des condamnations qui ont été prononcées durant les années antérieures. Pour les confiscations, il n’est pas possible de faire la distinction entre les produits des biens confisqués et les sommes confisquées qui ont été recouvrées. Le tableau ci-dessous doit être lu dans ce sens.
3) Étant donné ce qui précède, il n’est pas possible de déterminer le montant qui reste encore dû pour l’année 2011. 4) Avec le système de comptabilité de caisse, il n’est pas possible de déterminer quels dossiers n’ont pu être clôturés par paiement, sauf à faire, au préalable, un fastidieux travail manuel. Les dossiers ouverts comprennent non seulement les dossiers pour lesquels la peine subsidiaire a été proposée, pour la partie des frais restés impayés, mais également les dossiers pour lesquels le recouvrement par les voies civiles a été entamé (dossiers chez l’huissier de justice) ainsi que les dossiers dans lesquels un plan d’apurement a été négocié. Les nouveaux dossiers pour lesquels un avis de paiement a été envoyé mais pour lesquels un paiement complet n’a pas encore été reçu en font également partie. Les amendes pour lesquelles aucun paiement ne peut être obtenu sont renvoyées au ministère public. Quand une amende ne peut être recouvrée par le receveur des amendes pénales, il doit le signaler à son mandant, c’est-à-dire le procureur du Roi (au nom duquel il agit) afin que celui-ci, abstraction faite de la circulaire du ministre de la Justice du 22 décembre 1999, puisse revenir à des moyens pénaux afin de mettre à exécution la décision pénale. Cette information selon laquelle le recouvrement par les voies civiles s’est avéré infructueux, s’effectue via un Etat 204 (également appelé « la proposition d’exécution de la peine subsidiaire »). Le receveur doit envoyer cet état, faute de quoi il pourrait être rendu responsable de la non-exécution de la décision pénale. |
1) Begin 2012 is men begonnen met het inbrengen van de dossiers in het ICT programma Stimer. Tot dan werd, ingevolge een gerechtelijke uitspraak, voor de te innen sommen enkel een boekhouding op kasbasis gevoerd. Het bepalen van welke bedragen geïnd moeten worden als boeten, gerechtskosten of verbeurdverklaring of het bepalen van het totaal te innen bedrag kan derhalve vooralsnog niet plaats vinden met behulp van ICT tools. 2) Het bedrag dat geïnd of ingevorderd werd voor straffen die uitgesproken werden in de loop van het jaar 2011 kan niet afzonderlijk bepaald worden. De in de loop van het jaar 2011 ontvangen bedragen bevatten ook ontvangsten voor veroordelingen die reeds in de voorgaande jaren werden uitgesproken. Voor de verbeurdverklaringen kan er geen onderscheid gemaakt worden tussen de opbrengsten van de verbeurdverklaarde goederen en de ingevorderde verbeurdverklaarde sommen. De tabel hieronder moet in die zin worden gelezen.
3) Gelet op het voorgaande is het onmogelijk om het nog verschuldigde bedrag voor het jaar 2011 te bepalen. 4) Met de boekhouding op kasbasis is het niet mogelijk zonder een handmatige, tijdrovende optelling te bepalen welke dossiers er niet volledig door betaling konden worden afgesloten. Openstaande dossiers omvatten zowel dossiers waarvoor de vervangende straf werd voorgesteld, voor het gedeelte van de onbetaald gebleven kosten, als de dossiers waarvoor de burgerlijke invordering werd aangevat (dossiers bij gerechtsdeurwaarder) en de dossiers waarvoor een afbetalingsplan werd overeengekomen. Ook de nieuwe dossiers waarvoor een betalingsbericht werd verzonden, maar waarvoor er nog geen volledige betaling werd ontvangen behoren hiertoe. De boeten waarvoor uiteindelijk geen betaling kan bekomen worden, worden teruggezonden aan het openbaar ministerie. Wanneer een boete door de ontvanger der penale boeten niet kan worden geïnd dan moet hij dat melden aan zijn opdrachtgever, namelijk de procureur des Konings (in wiens naam hij optreedt) zodat die, abstractie makend van de omzendbrief van de Minister van Justitie van 22 december 1999, kan teruggrijpen naar penale middelen om de strafrechtelijke uitspraak ten uitvoer te leggen. De melding dat de invordering langs burgerlijke weg vruchteloos was, gebeurt via een Staat 204 (ook genoemd: “het voorstel om de vervangende straf uit te voeren”). De ontvanger moet deze staat opsturen. Hierzonder zou hij aansprakelijk kunnen gesteld worden voor de niet-uitvoering van de strafrechtelijke uitspraak. |