SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2011-2012 Zitting 2011-2012
________________
28 décembre 2011 28 december 2011
________________
Question écrite n° 5-4365 Schriftelijke vraag nr. 5-4365

de Peter Van Rompuy (CD&V)

van Peter Van Rompuy (CD&V)

à la ministre de la Justice

aan de minister van Justitie
________________
Vols de métaux - Nombre de déclarations et de poursuites - Obligation d’identification des revendeurs de métaux - Réintroduction Metaaldiefstallen - Aantal aangiftes en vervolgingen - Identificatieplicht voor de metaalwederverkopers - Herinvoering 
________________
vol
métal
poursuite judiciaire
statistique officielle
Société nationale des chemins de fer belges
métal précieux
déchet métallique
cuivre
diefstal
metaal
gerechtelijke vervolging
officiële statistiek
Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen
edel metaal
metaalafval
koper
________ ________
28/12/2011Verzending vraag
3/1/2013Dossier gesloten
28/12/2011Verzending vraag
3/1/2013Dossier gesloten
________ ________
Réintroduction de : question écrite 5-268 Réintroduction de : question écrite 5-268
________ ________
Question n° 5-4365 du 28 décembre 2011 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-4365 d.d. 28 december 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

En raison du prix élevé des matières premières, les vols de métaux ont sensiblement crû ces dernières années. Les vols de métaux coûtent des millions d'euros au secteur de la construction, aux chemins de fer et aux particuliers. On dérobe des lots de métal aux entreprises ou des gouttières aux particuliers.

Le 1er mars 2009 est entré en vigueur l'arrêté ministériel du 3 février 2009 introduisant une obligation d’identification des revendeurs de métaux. Cet arrêté prévoyait l'obligation d'identification pour les ferrailleurs et avait été pris afin de décourager la vente de métal volé et de permettre aux services de police d'identifier les voleurs et les receleurs. L'arrêté prévoyait comme modalités d'identification, soit le paiement par virement ou par chèque, soit une copie de la carte d'identité.

L'arrêté ministériel du 11 juin 2010 abrogeant l’arrêté ministériel du 3 février 2009 introduisant une obligation d’identification des revendeurs de métaux a supprimé cette obligation un an à peine après son introduction, malgré son succès. On a avancé que la mesure prise dans l'arrêté du 3 février 2009 doit être proportionnée à la situation de crise constatée, et ne peut donc qu'avoir un caractère temporaire, puisqu'il faut répondre à une situation économique exceptionnelle. On a aussi affirmé qu'en supprimant l'obligation d’identification, on évitait au secteur de la revente des métaux des frais administratifs considérables qui ne se justifient plus.

Je souhaiterais une réponse aux questions suivantes :

1) Le ministre peut-il fournir un aperçu des nombres (absolu et relatif) de déclarations de vol de métaux qui ont donné lieu à des poursuites par le parquet ? Je souhaiterais obtenir ces données pour 2009 ainsi que les chiffres provisoires de 2010, ventilés par arrondissement judiciaire.

2) Quel a été le pourcentage des vols de métaux donnant lieu à des poursuites qui ont abouti effectivement à une condamnation des auteurs ?

3) Le parquet éprouve-t-il des difficultés à poursuivre les auteurs de vols de métaux ?

4) Le ministre observe-t-il un impact positif de l'obligation d'identification introduite en 2009 pour les revendeurs de métaux ?

5) Une criminalité organisée à l'échelon international est-elle en cause ?

6) Quel est le profil des auteurs de ce type de délit ?

7) Quelle est sa position quant à une réintroduction de l'obligation d'identification pour les revendeurs de métaux ?

 

Door de hoge grondstofprijzen is het aantal diefstallen van metalen de laatste jaren flink gestegen. Metaaldiefstal kost de bouwsector, de spoorwegen en particulieren jaarlijks miljoenen euro's. Bij bedrijven worden grote partijen metaal gestolen of bij particulieren worden dakgoten gestolen.

Op 1 maart 2009 trad het ministerieel besluit van 3 februari 2009 tot invoering van een identificatieverplichting van metaalwederverkopers in werking. Dit besluit voorzag in een identificatieplicht voor de schroothandel en werd uitgevaardigd met de doelstelling de verkoop van gestolen metaal te ontraden en de politiediensten in staat te stellen de dieven en de helers te identificeren. In het besluit werd voorzien in een identificatiemogelijkheid, enerzijds door betaling via overschrijving of cheque of anderzijds door een kopie van de identiteitskaart.

Met het ministerieel besluit van 11 juni 2010 tot opheffing van het ministerieel besluit van 3 februari 2009 tot invoering van een identificatieverplichting van metaalwederverkopers werd deze recent ingevoerde identificatieplicht, ondanks het succes, na amper een jaar al terug afgeschaft. Er werd geargumenteerd dat de maatregel genomen door het besluit van 3 februari 2009 evenredig moet zijn met de vastgestelde crisistoestand en daarom slechts een tijdelijk karakter mag hebben, vermits er aan een uitzonderlijke economische toestand moet worden tegemoetgekomen. Eveneens werd geargumenteerd dat met de afschaffing van de identificatieplicht ook aan de sector van de metaalwederverkopers buitengewone administratieve kosten worden bespaard die niet meer gerechtvaardigd zijn.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Kan de minister een overzicht geven van het aantal aangiftes (in absolute en relatieve cijfers) van metaaldiefstal dat aanleiding heeft gegeven tot een vervolging door het parket? Graag kreeg ik die gegevens voor het jaar 2009 alsook de voorlopige cijfers voor het jaar 2010, uitgesplitst per gerechtelijk arrondissement.

2) Hoeveel percent van de metaaldiefstallen die aanleiding geven tot vervolging resulteert ook effectief in een veroordeling van de daders?

3) Ondervindt het parket problemen om de daders van metaaldiefstallen te vervolgen?

4) Merkt hij een positieve invloed van de in 2009 ingevoerde identificatieplicht voor de metaalwederverkopers?

5) Betreft deze problematiek een internationaal georganiseerde vorm van criminaliteit?

6) Wat is het daderprofiel voor deze vorm van criminaliteit?

7) Hoe staat hij ten aanzien van de herinvoering van een identificatieplicht voor de metaalwederverkopers?