SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2013-2014 Zitting 2013-2014
________________
18 décembre 2013 18 december 2013
________________
Question écrite n° 5-10649 Schriftelijke vraag nr. 5-10649

de Bert Anciaux (sp.a)

van Bert Anciaux (sp.a)

à la vice-première ministre et ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, chargée de Beliris et des Institutions culturelles fédérales

aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Beliris en de Federale Culturele Instellingen
________________
les soins de santé à Bruxelles de gezondheidszorg in Brussel 
________________
Région de Bruxelles-Capitale
établissement hospitalier
soins de santé
hospitalisation
organisation de la santé
Hoofdstedelijk Gewest Brussels
ziekenhuis
gezondheidsverzorging
ziekenhuisopname
organisatie van de gezondheid
________ ________
18/12/2013 Verzending vraag
28/4/2014 Einde zittingsperiode
18/12/2013 Verzending vraag
28/4/2014 Einde zittingsperiode
________ ________
Requalification de : demande d'explications 5-4177 Requalification de : demande d'explications 5-4177
________ ________
Question n° 5-10649 du 18 décembre 2013 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-10649 d.d. 18 december 2013 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

À la suite des plans de réforme de la ministre concernant le financement des hôpitaux, les médias et quelques experts ont communiqué des chiffres révélateurs. La Belgique compte beaucoup trop de lits hospitaliers. Là où le Danemark, très bien classé en matière de soins de santé, dispose en moyenne de 3,5 lits d'hôpital pour 1 000 habitants, notre pays en compte 6,6. Cette offre excessive entraîne des difficultés financières pour de nombreux hôpitaux. Le manque de spécialisation risque en outre d'entraîner une baisse de la qualité. La situation en termes d'offre excessive est encore un peu plus grave à Bruxelles : on y dispose de 7,9 lits par 1 000 habitants.

L'offre excessive bruxelloise ne contribue cependant pas à améliorer les soins de santé, au contraire. De nombreux Bruxellois reportent leur visite chez le médecin, principalement pour des raisons financières. Ils attendent que leur état s'aggrave et se rendent alors directement aux urgences. Un patient sur trois arrive ainsi aux urgences sans être passé par le médecin généraliste. Bref, un système coûteux et inefficace.

La ministre confirme-t-elle le chiffre de 7,9 lits pour 1 000 habitants à Bruxelles ? Comment explique-t-elle cette offre (excessive) ? Quelles en sont, selon elle, les conséquences ? A-t-elle des projets pour réduire ce nombre ?

Comment la ministre évalue-t-elle la situation des soins de santé dans la capitale ? Les juge-t-elle efficaces ? Reconnaît-elle qu'à Bruxelles, les soins du premier échelon sont fort morcelés et trop peu développés ? Estime-t-elle comme moi que cette situation est très néfaste tant pour la santé des Bruxellois que pour les dépenses de l'INAMI ? Est-il envisageable que l'argent libéré par le démantèlement d'un certain nombre de lits d'hôpital soit investi dans un meilleur développement des soins du premier échelon à Bruxelles, par exemple en augmentant le nombre de médecins généralistes et de centres de santé locaux ? Bref, comment la ministre voit-elle l'avenir des soins de santé bruxellois ? Des concertations sont-elles menées à ce sujet avec les autres autorités, organisations et institutions impliquées ?

 

Naar aanleiding van de hervormingsplannen van de minister met betrekking tot de financiering van de ziekenhuizen, kwamen de media en enkele experts met significante cijfers op de proppen. België telt veel te veel ziekenhuisbedden. Waar Denemarken, dat heel goed scoort op vlak van gezondheidszorg, over gemiddeld 3,5 ziekenhuisbedden per 1.000 inwoners beschikt, telt ons land er 6,6. Door dit overaanbod komen vele ziekenhuizen in financieel nauwe schoentjes. Bovendien dreigt het gebrek aan specialisering te zorgen voor een kwaliteitsverlies. Voor Brussels blijkt de situatie nog een pak erger - in de betekenis van overaanbod. Daar beschikt men over 7,9 bedden per inwoner.

Het Brusselse overaanbod leidt echter niet naar een betere gezondheidszorg voor de Brusselaars. Het lijkt wel in tegendeel. Vele Brusselaars stellen hun doktersbezoek uit, meestal om financiële redenen. Ze wachten tot het te erg wordt en gaan dan meteen naar spoedopvang. Een op de drie patiënten komt daardoor direct op de spoedgevallen terecht, zonder eerst langs de huisarts te gaan. Kortom een bijzonder duur en dito inefficiënt systeem.

Bevestigt u het cijfer van 7,9 ziekenhuisbedden per 1000 inwoners in Brussel? Hoe verklaart de minister dit (over)aanbod? Welke consequenties verbindt zij hieraan? Heeft de minister plannen om dit aantal af te bouwen?

Hoe beoordeelt de minister de toestand van de gezondheidszorg in de hoofdstad? Acht zij die effectief en efficiënt? Gaat zij akkoord dat de eerstelijns zorg in Brussel erg versnipperd en te weinig uitgebouwd is? Beaamt ze mijn opvatting dat dit erg nefast is, zowel voor de gezondheid van de Brusselaar als voor de uitgaven van het RIZIV? Ziet zij een mogelijkheid om het geld dat vrijkomt bij het afbouwen van het aantal ziekenhuisbedden te investeren in een betere uitbouw van de eerstelijnszorg in Brussel, bijv. door een flinke investering in het aantal huisartsen en het uitbouwen van veel meer wijkgezondheidscentra? Kortom, welke visie heeft de minister op de toekomst van de Brusselse gezondheidszorg? Bestaat er hierover overleg met de andere overheden en betrokken organisaties en instellingen?