SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2015-2016 Zitting 2015-2016
________________
20 avril 2016 20 april 2016
________________
Question écrite n° 6-926 Schriftelijke vraag nr. 6-926

de Bert Anciaux (sp.a)

van Bert Anciaux (sp.a)

à la secrétaire d'État à la Lutte contre la pauvreté, à l'Égalité des chances, aux Personnes handicapées, et à la Politique scientifique, chargée des Grandes Villes, adjointe au Ministre des Finances

aan de staatssecretaris voor Armoedebestrijding, Gelijke Kansen, Personen met een beperking, en Wetenschapsbeleid, belast met Grote Steden, toegevoegd aan de Minister van Financiën
________________
Institutions scientifiques fédérales - Coopération avec la Communauté germanophone Federale Wetenschappelijke Instellingen - Samenwerking met de Duitstalige Gemeenschap 
________________
coopération institutionnelle
compétence institutionnelle
coopération culturelle
politique culturelle
Communauté germanophone
établissements scientifiques et culturels fédéraux
institutionele samenwerking
institutionele bevoegdheid
culturele samenwerking
cultuurbeleid
Duitstalige Gemeenschap
federale wetenschappelijke en culturele instellingen
________ ________
20/4/2016 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 19/5/2016 )
26/5/2016 Antwoord
20/4/2016 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 19/5/2016 )
26/5/2016 Antwoord
________ ________
Question n° 6-926 du 20 avril 2016 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 6-926 d.d. 20 april 2016 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Dans notre pays, les matières culturelles relèvent de la compétence des Communautés. L'autorité fédérale conserve néanmoins une compétence (résiduelle) pour les institutions scientifiques fédérales.

Il ne serait pas anormal, bien au contraire, que les institutions scientifiques fédérales concluent aussi des accords de coopération avec les nombreuses institutions culturelles qui relèvent de la compétence de la Communauté germanophone.

1) Le ministre peut-il me dire quels sont les accords de coopération en matière culturelle qui ont été conclus entre les institutions scientifiques fédérales et la Communauté germanophone?

2) Quand ces accords ont-ils été conclus?

3) Quel est l'objet de cette coopération?

4) Quels sont les moyens que les institutions scientifiques fédérales consacrent à des coopérations avec la Communauté germanophone ou avec des institutions culturelles de cette Communauté?

5) La Communauté germanophone associe-t-elle les institutions scientifiques fédérales à des projets menés à l'étranger? Si oui, lesquels?

6) Le ministre pense-t-il que la coopération entre les institutions scientifiques fédérales et celles qui relèvent de la Communauté germanophone soit suffisante? Si oui, pourquoi? Si non, pour quelle raison?

7) Prendra-t-il encore l'initiative d'une concertation avec la ministre germanophone de la Culture en vue d'une coopération plus intense avec les institutions scientifiques fédérales?

 

In ons land zijn de Gemeenschappen bevoegd voor de culturele aangelegenheden. Nochtans heeft ook de federale overheid nog een (rest)bevoegdheid voor de Federale Wetenschappelijke Instellingen.

Het zou niet abnormaal zijn, integendeel, dat de Federale Wetenschappelijke Instellingen ook samenwerkingsverbanden aangaan met de vele culturele instellingen die behoren tot de bevoegdheid van de Duitstalige Gemeenschap.

1) Kan de geachte staatssecretaris mij meedelen welke samenwerkingen er bestaan tussen de Federale Wetenschappelijke Instellingen en de Duitstalige gemeenschapsoverheid op het vlak van culturele samenwerking ?

2) Wanneer werden deze overeenkomsten afgesloten ?

3) Wat is het voorwerp van deze samenwerking ?

4) Hoeveel middelen worden er door de Federale wetenschappelijke Instellingen besteed aan samenwerkingsvormen met de Duitstalige Gemeenschap of met culturele instellingen binnen de Duitstalige Gemeenschap ?

5) Worden de Federale Wetenschappelijke Instellingen door de Duitstalige gemeenschapsoverheid betrokken bij projecten in het buitenland ? Zo ja, bij welke ?

6) Is ze van oordeel dat er voldoende samenwerking is tussen de Federale Wetenschappelijke Instellingen en de instellingen die vallen onder de Duitstalige Gemeenschap ? Zo ja, waarom ? Zo neen, waarom niet ?

7) Zal ze nog initiatieven nemen om te overleggen met de Duitstalige minister van Cultuur om meer samenwerking te realiseren met de Federale Wetenschappelijke Instellingen ?

 
Réponse reçue le 26 mai 2016 : Antwoord ontvangen op 26 mei 2016 :

Je me réfère à la réponse à la question écrite n° 6-928, où je donnerai une réponse globale aux questions écrites nos 6-926, 6-927 en 6-928.

Graag verwijs ik U door naar het antwoord op schriftelijke vraag 6-928 waar ik een gezamenlijk antwoord zal geven voor schriftelijke vragen nrs 6-926, 6-927 en 6-928.