SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2013-2014 Zitting 2013-2014
________________
4 novembre 2013 4 november 2013
________________
Question écrite n° 5-10270 Schriftelijke vraag nr. 5-10270

de Nele Lijnen (Open Vld)

van Nele Lijnen (Open Vld)

à la vice-première ministre et ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, chargée de Beliris et des Institutions culturelles fédérales

aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Beliris en de Federale Culturele Instellingen
________________
Syndrome de fatigue chronique - Diagnostic - Autres affections Chronisch vermoeidheidssyndroom - Diagnose - Andere aandoeningen 
________________
maladie du système nerveux
maladie chronique
statistique de la santé
maladie
maladie infectieuse
répartition géographique
ziekte van het zenuwstelsel
chronische ziekte
gezondheidsstatistiek
ziekte
infectieziekte
geografische spreiding
________ ________
4/11/2013 Verzending vraag
7/1/2014 Rappel
13/2/2014 Rappel
28/2/2014 Antwoord
4/11/2013 Verzending vraag
7/1/2014 Rappel
13/2/2014 Rappel
28/2/2014 Antwoord
________ ________
Question n° 5-10270 du 4 novembre 2013 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-10270 d.d. 4 november 2013 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Le syndrome de fatigue chronique (SFC), la maladie de Lyme, la fibromyalgie et le lupus sont toutes des affections qui sur certains plans ont des signes cliniques semblables. Ainsi la fatigue test une plainte très fréquente dans toutes ces affections. Dans le cas du lupus, 90 pour cent des patients se plaignent de fatigue. En conséquence, les médecins posent parfois trop vite un diagnostic de fatigue chronique.

Ce n'est parfois qu'au bout de nombreuses années que le patient étiqueté comme souffrant de SFC obtient un diagnostic exact. Cela a des conséquences sur le traitement. Un traitement du SFC n'aura pas les résultats attendus si la personne s'avère finalement souffrir de la maladie de Lyme.

Voici mes questions.

1) Durant les cinq dernières années, combien de patients SFC se sont-ils entendu dire qu'ils n'avaient finalement pas un SFC mais une autre maladie ? Pouvez-vous ventiler ces données par année ?

2) Combien de ces patients se sont-ils avérés souffrir de la maladie de Lyme ?

3) Combien de ces patients se sont-ils avérés souffrir d'un lupus ?

4) Combien de ces personnes ont-elles finalement reçu un diagnostic de syndrome de fibromyalgie ?

5) Dans combien de cas s'est-il avéré que le « patient SFC » souffrait d'une autre maladie que la maladie de Lyme, le lupus ou la fibromyalgie ? Pouvez-vous indiquer de quelles maladies il s'agissait ?

6) Pouvez-vous aussi ventiler ces affections par province ? Certaines de ces maladies sont-elles plus fréquentes dans certaines provinces ? Si oui, de quelles maladies s'agit-il et dans quelles provinces sont-elles très fréquentes ?

 

Het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) , de ziekte van Lyme, Fibromyalgie en Lupus zijn allen aandoeningen die elkaar op sommige vlakken overlappen. Zo is vermoeidheid een veelvoorkomende klacht bij al deze aandoeningen. In het geval van lupus klaagt 90 % van de patiënten over vermoeidheid. Het gevolg: artsen maken soms snel de diagnose van CVS.

Soms kan het jaren duren vooraleer zogenaamde CVS-patiënten uiteindelijk de juiste diagnose krijgen. Dit heeft gevolgen voor de behandeling. Een behandeling voor CVS zal niet de gewenste resultaten opleveren indien deze persoon uiteindelijk bijvoorbeeld de ziekte van Lyme blijkt te hebben.

Hierover heb ik volgende vragen.

1) Hoeveel "CVS-patiënten" kregen de afgelopen vijf jaar te horen dat ze geen CVS hebben, maar aan een andere aandoening bleken te lijden? Kunt u deze gegevens opdelen per jaar?

2) Hoeveel van de bovenvermelde patiënten bleek de ziekte van Lyme te hebben?

3) Hoeveel patiënten bleken aan Lupus te lijden?

4) Hoeveel mensen werden uiteindelijk gediagnosticeerd met het Fibromyalgiesyndroom?

5) In hoeveel gevallen bleek de "CVS-patiënt" aan een andere ziekte dan Lyme, Lupus of Fibromyalgie te lijden? Kunt u meedelen om welke ziektes het dan wel ging?

6) Kunt u ook het aantal van deze aandoeningen per provincie weergeven? Zijn er aandoeningen die meer voorkomen in bepaalde provincies dan andere? Indien ja, over welke aandoeningen gaat het en in welke provincies nemen zij een prominente plek in?

 
Réponse reçue le 28 février 2014 : Antwoord ontvangen op 28 februari 2014 :

l’Institut Scientifique de Santé Publique (WIV-ISP) ne dispose pas de telles données. Le WIV-ISP est responsable de la coordination de la surveillance des maladies de Lyme. Les systèmes de surveillance qu’il a mis en place montrent que toutes les catégories d’âge sont touchées, mais que la maladie survient un peu plus souvent chez les hommes. Certaines zones géographiques sont plus affectées que d’autres par la maladie, car celle-ci est transmise par un vecteur plus ou moins présent en fonction de l’environnement.

Le lien entre le Syndrome de fatigue chronique (SFC) et la maladie de Lyme n’a toutefois pas encore été confirmé par la communauté scientifique. Pour la maladie de Lyme prévalente dans la population belge, la présence d’anticorps contre cette maladie chez un patient SFC n’implique pas l’existence d’un lien automatique entre les deux maladies.

Le SFC est reconnu et décrit par les médecins, mais de plus amples recherches seront encore nécessaires pour découvrir l’étiologie du syndrome.

Het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV-ISP) beschikt niet over dergelijke gegevens. Het WIV-ISP is verantwoordelijk voor de coördinatie van surveillance rond Lyme ziekten. Op basis van deze surveillancesystemen blijkt dat alle leeftijdsgroepen getroffen zijn maar de ziekte komt een beetje meer voor bij mannen. Er zijn geografische variaties in het voorkomen van de ziekte van Lyme want ze is door vector overgedragen en de aanwezigheid is afhankelijk van het milieu.

De link tussen het Chronisch vermoeidheidssydroom (CVS) en de ziekte van Lyme is echter door de wetenschappelijke gemeenschap nog niet vastgelegd. Bij de ziekte van Lyme die prevalent is in de Belgische bevolking maakt het terugvinden van Lyme antistoffen bij een CVS-patiënt geen automatische link tussen de twee ziekten.

CVS is erkend en beschreven door artsen maar de identificatie van de etiologie van het syndroom zal nog verder onderzoek vereisen.