Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-9317

van Nele Lijnen (Open Vld) d.d. 11 juni 2013

aan de minister van Middenstand, KMO's, Zelfstandigen en Landbouw

Salmonella - Besmet voedsel - Test - Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen - Controles - Procedures

voedselveiligheid
Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen
vlees
verontreiniging van voedingsmiddelen
gezondheidsinspectie
officiŽle statistiek
grootwarenhuis

Chronologie

11/6/2013 Verzending vraag
5/7/2013 Antwoord

Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-9316

Vraag nr. 5-9317 d.d. 11 juni 2013 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Nadat Aldi kalkoenfilets, besmet met salmonella, uit de rekken moest halen, volgde vier dagen nadien Colruyt, die met salmonella besmette burgers moest wegnemen. Beide vaststellingen werden gedaan door de eigen laboratoriumtest van respectieve warenhuisketens. Dat doet toch vragen rijzen over de manier waarop tests worden uitgevoerd in BelgiŽ. In beide gevallen was het kwaad al geschied: de verpakkingen lagen reeds in de winkel en werden zelfs al verkocht. Onze voedselveiligheid staat reeds onder druk en dergelijke zaken scheppen nog meer wantrouwen bij de consument.

Ik had dan ook volgende vragen voor de geachte minister:

1) Hoeveel controles worden er door het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen (FAVV) jaarlijks uitgevoerd op salmonella? Hoe verloopt die procedure?

2) Hoe vaak wordt een besmetting met salmonella vastgesteld door het FAVV? Wat is de procedure als de besmetting wordt vastgesteld door het FAVV?

3) Zijn warenhuisketens verplicht de waren te testen vooraleer ze in de rekken komen? Hoe verloopt die procedure?

4) Hoe beoordeelt de minister de bewering dat het FAVV te weinig controles zou uitvoeren op een aantal frequent voorkomende bacteriŽn zoals salmonella en ESBL?

Antwoord ontvangen op 5 juli 2013 :

1. Ieder jaar worden er door het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen (FAVV) meer dan 200 000 monsters voor analyse op salmonella genomen of door de dierenartsen in haar opdracht. Ongeveer 188 000 van deze monsters betreffen monsters genomen bij varkens en pluimvee, 12 000 monsters betreffen levensmiddelen en 800 monsters betreffen diervoeders .De klemtoon ligt hierbij op preventie via monsternemingen aan de bron (dieren en diervoeders) om verdere besmetting in de voedselketen zoveel mogelijk te voorkomen.

Het aantal monsternemingen is gebaseerd op risicoanalyse conform de Europese wetgeving, en goedgekeurd door het Wetenschappelijk Comité van het FAVV. Deze methodologie maakte ook het voorwerp uit van een publicatie in een wetenschappelijk tijdschrift.

2. In 2012 werd geen salmonella gedetecteerd in 96 % van de levensmiddelen, in 97 % van de diervoeders en monsters van varkens en in 99 % van de monsters van pluimvee. Met salmonella gecontamineerde producten worden getraceerd, in beslag genomen en teruggeroepen van bij de consument indien het product zich reeds op de markt bevindt. In 2012 werden er vijftien productterugroepingen georganiseerd wegens aanwezigheid van salmonella in producten op basis van gerookte zalm, specerijen, charcuterieproducten, wokgroenten en hondenvoeder. Het detail van het aantal monsternemingen, het aantal analyses, de resultaten en de maatregelen die verbonden werden aan niet-conforme resultaten, zijn opgenomen in de jaarrapporten van het FAVV.

3. De Europese hygiënereglementering bepaalt dat operatoren die levensmiddelen op de markt brengen verantwoordelijk zijn voor de veiligheid van deze producten. Operatoren dienen daartoe goede hygiënepraktijken toe te passen en een autocontrolesysteem te implementeren gebaseerd op de principes van HACCP. Ter verificatie van de autocontrole, kan de operator zelf microbiologische analyses uitvoeren. Dit is een verplichting voor de levensmiddelenbedrijven die zelf levensmiddelen vervaardigen.

Dat is niet het geval voor warenhuisketens die zelf geen levensmiddelen produceren. Zij dienen wel hun leveranciers te beoordelen zodat zij kunnen garanderen dat de aangekochte producten voldoen aan de vereisten met betrekking tot voedselveiligheid. Zij voeren zelf analyses uit ter verificatie van de producten van hun leveranciers of zij baseren zich op garanties of analyses van de leveranciers.

De analyse van salmonella duurt meerdere dagen. Om de versheid van het product te kunnen garanderen, is het dus niet mogelijk voor de levensmiddelenbedrijven en de distributeurs van levensmiddelen het resultaat af te wachten vooraleer het product te commercialiseren.

4. Het aantal monsternemingen is gebaseerd op risicoanalyse (zie punt 1). In januari 2013 werden de officiële controles van het FAVV met betrekking tot voedselveiligheid en proceshygiëne door het Europese Voedsel- en Veterinair bureau aan een audit onderworpen. In het draftrapport wordt gesteld dat de officiële microbiologische monitoring van het FAVV adequaat is. Wat betreft het toezicht op ESBL, kan ik u zeggen dat het FAVV sinds 2011 antibioticumresistentie opvolgt, met name van indicatorkiemen op kalfsvlees, varkensvlees en braadkippenvlees. Specifiek bij pluimvee heeft het Agentschap ook de aanwezigheid onderzocht van ESBL producerende kiemen. In 2011 werden 289 analyses uitgevoerd, in 2012 waren dat er 386 en in 2013, werden er tot dusver 170 tests uitgevoerd op ESBL producerende bacterieën bij pluimvee. We stellen vast dat er in de laatste jaren een dalende trend is. Terwijl in 2011 de test nog een ongunstig resultaat gaf wat betreft de aanwezigheid van ESBL in 77 % van de gevallen, was dit cijfer naar 53 % gezakt in 2012 en naar 37 % in 2012. Deze tests werden uigevoerd door het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid, het nationaal referentielaboratorium voor antibioticumresistentie voor levensmiddelen. Op korte termijn zullen ook analyses worden uitgevoerd voor ESBL producerende kiemen bij runderen, kalveren en varkens..