Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-7478

van Nele Lijnen (Open Vld) d.d. 5 december 2012

aan de vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Europese Zaken

Uganda - Homoseksualiteit - Anti-homowetsvoorstel - Ontwikkelingshulp - Rol ambassade

Oeganda
seksuele minderheid
ontwikkelingshulp
discriminatie op grond van seksuele geaardheid
ambassade

Chronologie

5/12/2012 Verzending vraag
21/1/2013 Antwoord

Vraag nr. 5-7478 d.d. 5 december 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Verwacht wordt dat Uganda de komende week alsnog de zeer controversiŽle wet invoert die homoseksuelen tot de doodstraf kan laten veroordelen. Het wetsvoorstel werd eerder al op non-actief gezet na internationale druk van onder andere de Verenigde Staten en de Europese Unie. Nu komt daar dus mogelijk verandering in.

Homoseksualiteit was al illegaal en strafbaar in Uganda, net als in vele andere Afrikaanse landen. Haat jegens holebi's is wijdverspreid in Uganda, en dus is het zeer realistisch dat het wetsvoorstel ook aangenomen zal worden. Initiatiefnemer David Bahati heeft de steun van onder andere verschillende religieuze groeperingen en wil naar eigen zeggen vooral de kinderen beschermen tegen de ziekelijke homofilie.

Ook heteroseksuele Ugandezen zouden door deze wet echter in aanraking kunnen komen met het Ugandese gerecht. Iemand die verzwijgt dat een familielid homo is, kan tot 14 jaar celstraf oplopen. Daarnaast is het zelfs verboden en met een lange celstraf bestrafbaar om homoseksuelen te helpen, op welke manier dan ook.

President Museveni kwam in opspraak door dit wetsvoorstel. Eerst had de president zich positief uitgelaten over het wetsvoorstel, maar hij kwam hierop terug toen de internationale gemeenschap dreigde de ontwikkelingshulp op te schorten.

Eerder dit jaar stelde ik u al een aantal vragen over dit onderwerp (schriftelijke vraag 5-5727). U antwoordde toen onder meer: "De 'Lesbian, Gay, Bisexual, Transgender (LGBT)-toolkit' laat toe om tussen te komen in externe acties tegen discriminatie en aanvallen op LGBT activisten. [Ö] BelgiŽ speelt hierbij een actieve rol via zijn ambassades, maar ook in GenŤve en New York."

Daarnaast schreef u: "De minister van Ethiek en Integriteit, Simon Lokodo, is resoluut tegen LGBT. In februari 2012 heeft hij zelfs een workshop rond dit onderwerp gesloten. Maar er is in principe weinig kans dat het dreigement om 38 ngo's te sluiten zal worden uitgevoerd."

Graag had ik dan ook antwoord ontvangen op volgende vragen:

1) Hoe evalueert u deze ontwikkeling in de Ugandese politiek?

2) Zal u als lid van de internationale gemeenschap uw bezorgdheid uiten ten aanzien van Uganda, gelet op het feit dat dit wetsvoorstel zware gerechtelijke gevolgen kan hebben voor een minderheid van de Ugandese bevolking die sowieso al dagelijks te maken krijgt met discriminatie, haat en geweld?

3) Is het mogelijk dat de ontwikkelingshulp voor Uganda herbekeken wordt als dit wetsvoorstel een wet wordt?

4) Zullen onze ambassades een actieve rol spelen bij dit probleem, aangezien LGBT-activisten overduidelijk nog zwaardere problemen zullen krijgen door deze wet?

5) Denkt u dat pro-gay organisaties in Uganda nu mogelijk wel gesloten zullen worden in het kader van dit wetsvoorstel en een wijdverspreide haat tegen holebi's in het land?

Antwoord ontvangen op 21 januari 2013 :

1) Ik deel de bezorgdheid met betrekking tot de hernieuwde aandacht voor de Anti-homosexuality Bill. Het wetsvoorstel moest inderdaad normaal in het Oegandees parlement besproken worden. De bespreking werd echter uitgesteld omdat het voorstel nog steeds in behandeling was bij het parlementaire juridisch comité, dat aanpassingen op het voorstel formuleert. Maar het wordt verwacht dat het voorstel besproken zal worden in het parlement. Het voorstel kan zowel bij de meerderheidspartij als bij de oppositie op een grote bijval rekenen. Ik ben dan ook op de hoogte van deze (nieuwste) ontwikkelingen en een plotse heropleving van de aandacht rond dit thema. Zoals u weet wordt de mensenrechtensituatie in Oeganda op de voet gevolgd door mijn diensten.

2) België speelt, naast de Verenigde naties organen in Genève en New York, een belangrijke rol in sensibiliseringscampagnes tegen discriminatie en aanvallen op LGBTI rechten. België volgt samen met de Europese unie (EU)-collega’s deze kwestie actief op. De mensenrechtensituatie in Oeganda vormt een belangrijk onderdeel van de bilaterale politieke dialoog tussen de EU-landen en Oeganda. Binnen dit ruimere kader staat de antiholebiwet en schendingen van LGBTI rechten hoog op de agenda en deze worden op een kritische manier regelmatig aan bod gebracht. Ons land heeft binnen het kader van de bilaterale politieke dialoog tussen de EU en Oeganda zijn bezorgdheid geuit met betrekking tot de hernieuwde politieke en publieke aandacht voor het wetsvoorstel. De ontwikkelingen in het parlement worden op de voet gevolgd. Bovendien staan de EU-lidstaten in constante dialoog met verschillende LGBTI-activisten en NGO’s.

3) De situatie is problematisch in verschillende Afrikaanse landen want de rechten van de holebi’s blijft een zwaar taboe. Dit maakt het bijzonder moeilijk voor de donorlanden om dit publiekelijk te aan te kaarten. Het wordt echter in diverse bilaterale contacten ter sprake gebracht, zeker in de partnerlanden van onze ontwikkelingssamenwerking. Tijdens de Gemengde Commissie van april 2012 heeft de Belgische ontwikkelingssamenwerking een nieuw budget van maximaal 74 miljoen euro vrijgemaakt voor de volgende vier jaar (2012-2016): 64 miljoen als basisbedrag en een mogelijke bijkomende incitatieve schijf van maximaal 10 miljoen euro, indien aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. Eén van de drie voorwaarden voor de toekenning van de incitatieve schijf is een positieve evolutie in het respect voor de mensenrechten tijdens de periode 2012-2014. Voor meer details verwijs ik u naar de minister van Ontwikkelingssamenwerking.

4) De opvolging van de ontwikkelingen rond het wetsvoorstel is in Kampala een van de prioriteiten van de politieke afdeling van de EU-delegatie, en van de Europese ambassades. Deze kwestie staat voor ons land hoog op de agenda. In het kader van de bilaterale betrekkingen met Oeganda worden schendingen van mensenrechten, met inbegrip schendingen en aanvallen op LGBTI rechten, aan bod gebracht. Dit is voor België ook de manier en de te volgen politieke lijn om deze kwesties aan te kaarten. Los daarvan hebben mijn diensten in Oeganda ook contacten met het maatschappelijk middenveld over deze materie die reeds hun bezorgdheid hebben geuit.